Renee van Bavel wil met haar lied het thema oorlog menselijk maken

Nationale Dodenherdenking Renee van Bavel zingt vandaag een lied over de verzetsmannen en -vrouwen van de Tweede Wereldoorlog.

Foto’s Merlijn Doomernik

Ik schrijf ook over de liefde hoor, zegt Renee van Bavel (37) na anderhalf uur gesproken te hebben over Kamp Vught, Srebrenica, vluchtelingen uit Syrië en oorlogsveteranen. Dit jaar zingt ze bij de Nationale Dodenherdenking het nummer ‘Een mens’ over verzetshelden. „Maar ik pak liefdesliedjes hetzelfde aan als nummers over oorlog. Ik ben op zoek naar de gevoelens achter de hoogtepunten en dieptepunten. Tussen het gebroken hart en hysterische verliefdheid zit het leven, denk ik.”

Oorlog is een zwaarmoedig thema, Van Bavels nummers zijn dat niet. In haar melodieën en zinnen zit iets zachts en troostrijks. Een paar jaar geleden werd Van Bavel gevraagd een lied te maken bij de herdenking van de ontruiming van Kamp Vught.

Van Bavel komt zelf uit het Brabantse dorp, waar ze als kind in de zomer in de bossen vlakbij het kamp zwom. „Maar hoe maak je van zoiets groots iets menselijks? Want daar ben ik naar op zoek, naar het raakbare, dan kan je publiek er pas iets mee doen. Ik heb mensen geïnterviewd en boeken gelezen. Ik probeer zo door ogen te kijken die voor mij vreemd zijn. Maar ik betrapte mezelf er vorig jaar op dat ik met mijn 1-jarige dochter in een boekhandel bij de sectie concentratiekampen stond. Toen dacht ik: dit gaat misschien wat ver. Ook omdat ik niet meer kon slapen van alle beelden. Aan mijn bed stonden concentratiekampbewoners, ze keken me aan.”

Na haar optreden bij Kamp Vught werd ze door het ministerie van Defensie en het Nationaal Comité Veteranendag gevraagd om een concert voor de Nederlandse veteranen te schrijven. Van Bavel toerde daarmee de afgelopen twee jaar door het land. Ze schreef onder meer het lied ‘Srebrenica’, gebaseerd op een gesprek dat ze had met een Dutchbat-militair. In de tekst zinnen als ‘Jij zag ze komen, de kinderen en vrouwen’ en ‘Er was niets wat jij kon doen’.

Renee van Bavel trad in 2014 op bij de herdenking van de ontruiming van Kamp Vught.

„Die jongen vertelde mij heel feitelijk wat er was gebeurd. Toch voelde je aan alles hoe onmachtig hij zich daar heeft gevoeld. Ik vroeg me af: hoe ga je door met leven, in de wetenschap dat je erbij was toen zo veel mensen zijn vermoord en je niets hebt kunnen doen? Hoe sta je dan in de rij van de Albert Heijn?”

Het lied ‘Een Mens’ dat ze vandaag zingt is voor een deel geïnspireerd op een 93-jarige vrouw uit de Achterhoek, die in de oorlog als 16-jarig meisje haar vader hielp bij het verzorgen van neergeschoten geallieerde piloten. „Ze wasten sokken, kookten een pan soep, hele concrete en herkenbare dingen. Ik wil de verzetsleden niet tot helden verklaren, dan kunnen we er ons niet meer mee identificeren. Ik zou willen dat mensen zich door dit lied de vraag stellen: hoe medemenselijk ben ik?”

Ik vroeg haar waarom ze die piloten hielp. Ze zei: dat doe je toch gewoon?

Renee van Bavel

Tijdens het interview bleef een zin hangen. „Ik vroeg haar waarom ze die piloten hielp. Ze zei: dat doe je toch gewoon? Daar zit geen poëzie in en toch is dat zo’n krachtige zin door de vanzelfsprekendheid om iemand anders te helpen. Die zin zit letterlijk in het lied.”

Het lied zal Van Bavel waarschijnlijk ook vertalen in het Duits, net als veel van haar nummers. Ze woont sinds 2012 in Berlijn. In het begin verbaasde het haar dat Duitsers zeiden dat ze in 1945 waren bevrijd. „Dan dacht ik: ja hallo, je hebt de oorlog verloren, lekker makkelijk. Ik dacht vooral zwart-wit. De feiten werden vroeger op school natuurlijk ook zwart-wit gepresenteerd. Ik vroeg me als kind bijvoorbeeld af: waarom kwam niet iedereen in opstand? Wat ontbrak was de nuance wat voor effect het zou hebben op je gezin als je een verzetsdaad pleegde.”

Duitse vrienden

De geschiedenis heeft voor haar inmiddels vele ‘grijstinten’ door de talloze verhalen van Duitse vrienden en haar schoonfamilie. Ze stond met haar schoonmoeder bij het graf van haar broer en zus. „De nacht waarin zij is geboren zijn haar broer en zus op pad gegaan om voor mijn schoonmoeder voedsel te halen. Ze zijn nooit teruggekomen, ze zijn gebombardeerd door de geallieerden.”

Lees ook het interview met Menne Vellinga, organisator van de herdenking bij het homomonument op 4 mei: ‘Het gaat om meer dan het handjevol omgekomen homo’s in de oorlog’

Ze zou graag willen dat Nederlanders iets genuanceerder naar de oorlog kijken. „Wij Nederlanders hebben het in films, boeken, musea en gesprekken vaak over de Duitsers in plaats van de nazi’s. Mijn lief en dochter zijn ook Duits en die hebben met de gruwelijkheden van de oorlog niets te maken. Door hetzelfde woord te gebruiken lijkt het wel alsof er een link is. Waarom hebben we het niet over de nazi’s?”

Nationale Dodenherdenking, vrijdag 4/5, 18.45-20.30u., NPO1
    • Anouk Kragtwijk