Kan je geen plant in leven houden? Daar zijn dus cursussen voor

Groen Planten kopen is geen kunst, ze in leven houden is een ander verhaal. Daar is, natuurlijk, een cursus voor.

Illustraties Sandy van Helden en Devon Moodley

‘Bouw met elke plant een persoonlijke band op. Vinger je plant. Voel of de aarde droog is of nat. Op die manier kom je erachter wat je plant nodig heeft.”

Wie dit soort teksten vreemd vindt, is nog nooit op een cursus planten in leven houden geweest. In de Groningse vestiging van huishoudwinkel Dille & Kamille hebben zich deze donderdagavond één man en zo’n vijfentwintig vrouwen verzameld. De meesten eind twintig, begin dertig, veelal gekleed in strakke spijkerbroek, stevige gympen en een vrolijke top – horizontale streepjes domineren. Met pen en papier in de aanslag luisteren ze aandachtig naar Iris van Vliet (30), alias Mama Botanica, die dit soort cursussen overal in het land geeft. „De trend van veel planten in huis halen, is heel leuk”, begint ze haar verhaal, „maar veel mensen kopen zomaar een plant, en zien hem dan heel snel doodgaan.” „Ohhh” – de groep maakt een geluid alsof ze net een puppy hebben zien sterven.

De trend is een feit: veel zelfbewuste twintigers en dertigers hebben een klein legertje planten in huis. Trouwens, deze Dille & Kamille staat er ook vol mee: lantaarnplanten naast de kookboeken, klimop tussen de weckpotten. „Maar hoe lees je nou al die verschillende planten?”, vraagt Van Vliet aan de groep. Dat is, zo zal in de cursus blijken, nog een hele klus. De ene plant kan wel in de zon staan, de andere niet. Een cactus moet maar eens per twee weken water, een bananenplant veel vaker. Sommige planten moet je elk jaar verpotten, andere om de vier jaar.

Vandaar, vermoedelijk, dat de cursus planten in leven houden – toch niet de spannendste donderdagavondbesteding die je kan bedenken – zo aanslaat. Elke maand geeft Van Vliet er een in Amsterdam, daarnaast geeft ze workshops. „Meestal is het na een week al uitverkocht”, zegt Van Vliet. Ze is geen bioloog, wel „opgegroeid met veel planten om zich heen”, waardoor ze veel ervaring heeft, zegt ze. „Ik merk nu dat er heel veel enthousiasme is om planten te kopen, maar weinig kennis over wat je eigenlijk met ze aan moet.”

Cultureel ondernemer Raymond Landegent (32) uit Rotterdam heeft ook ondervonden dat het houden van veel planten niet zomaar gaat: hij heeft er vijftig, en heeft er zelfs een apart ‘plantensanatorium’ ingericht. „Dat is een aparte kamer waar het heel licht en zonnig is”, zegt hij. „Als de bladeren naar beneden hangen zet ik ze een paar dagen daar, dan knappen ze weer op.” Op de vensterbank heeft Landegent een ‘geboortekamer’, waar hij stekjes van planten in reageerbuisjes laat groeien. Ja, hij is wel elke dag bezig met zijn planten, zegt hij. „Ik vind het ook gewoon belangrijk om ze elke dag wat liefde te geven.”

Lees ook: Zo maak je een mooie tuin, die ook fijn is voor de bijen

Bij de cursus in Groningen maken de deelnemers zich vooral zorgen over hun pannenkoekenplant: bij de een wordt de bovenkant droog, bij de ander vallen de blaadjes uit. Bij weer een andere wordt de hele plant geel. „Mijn pannenkoek ziet er nooit zo mooi en groot uit als op foto’s op Instagram”, klaagt een deelneemster. Van Vliet stelt gerust: het is normaal dat de blaadjes van de pannenkoekenplant uitvallen. Ze laat zien hoe je stekjes kan nemen. „Die kan je in een andere pot groot laten worden, en weer terugzetten, zodat je plant voller wordt.”

Illustraties Sandy van Helden en Devon Moodley

Voor macrameekunstenares Jacqueline Veldkamp (41) uit Rijswijk zijn planten een beetje een „uit de hand gelopen hobby”. Ze heeft er meer dan 150. En nee, zegt ze, dat is niet zo heel veel werk. „Zolang ze zich allemaal gedragen.” Soms krijgt een deel van haar plantenpopulatie luizen. „Dan verban ik ze naar de badkamer.” Veldkamp probeert de luizen dan met een wattenstaafje weg te krijgen. „Want het is zo zonde om een plant weg te gooien.”

Ondanks de goede zorgen gaat bij zowel Veldkamp als Landegent weleens een plant dood. „Een Ficus Robusta”, zegt Langedent. Hij begrijpt nog steeds niet wat er verkeerd is gegaan. „Ik denk een combinatie van te koud staan en te veel water.” Bij Veldkamp gaan varens altijd dood. „Varens en ik, dat is geen combinatie.” Zodra ze bij haar thuis staan, gaan ze slap hangen, en daarna dood. „Het is niet dat ik dan in tranen ben, maar ik vind het wel heel jammer.”

Lees ook: Kamerplanten lijken het eeuwige leven te hebben

Ook bij de plantencursus komen ondankbare varens voorbij. „Varens zijn diva’s”, legt Van Vliet uit. „Ze willen alleen water in de pot, en niet op hun bladeren.” Weer schrijft iedereen druk mee. Een meisje met een grote hoornen bril heeft nog een vraag. „Ik wil graag een plant op mijn wc zetten, maar daar zijn helemaal geen ramen. Wat kan daar het beste staan?” Van Vliet denkt even na, en zegt dan: „Ik denk een plastic plant.”

    • Doortje Smithuijsen