Een woord in een jampot blijft tenminste veilig

Redacteur Margot Poll signaleert welke boeken er ook nog zijn verschenen en kiest er steeds zes om kort te bespreken.

Het NIOD stelt Het geheime dagboek van Arnold Douwes, Jodenredder op één lijn met de dagboeken van Anne Frank en Etty Hillesum. Niet omdat domineeszoon Douwes ondergedoken was, maar omdat hij een dagboek bijhield in de Tweede Wereldoorlog over het regelen van onderduikadressen in zijn dorp Nieuwelande in Drenthe voor honderden Joden die gedeporteerd dreigden te worden. Notitieboekjes met zijn aantekeningen verstopte hij in lege jampotten onder de grond en na de bevrijding werden deze weer opgegraven. Dat originele dagboek, geschreven van juli 1943 tot oktober 1944, is door historici Johannes Houwink ten Cate en Bob Moore ingeleid en van een enkele aantekening voorzien om de tekst niet te onderbreken zoals hij destijds opgeschreven was: korte notities, verslagen van hoe boeren overtuigd werden onderduikers op te nemen, een roerend sinterklaasgedicht dat Douwes schreef over hoe het zal zijn als de vijand ‘aan het spit is geregen’, gevaarlijke ondernemingen door Nederland om mensen op te halen of persoonsbewijzen te regelen worden allemaal aan het papier toevertrouwd. In het register staan alle mensen die langs welke zijde ook te maken hebben gehad met de onderduikorganisatie in het Drentse dorp Nieuwelande op de grens met Overijssel.

Johannes Houwink ten Cate en Bob Moore: Het geheime dagboek van Arnold Douwes, Jodenredder. Boom, 352 blz, € 24,90

De Joodse Truus Stern-van Zuiden (1926) herinnert zich nog precies hoe de oorlog verliep in Hoogeveen. Zij vertelt haar verhaal vanaf september 1942 toen haar moeder besloot dat zij moesten onderduiken. De vader was toen al tewerkgesteld in Orvelte en is daar vermoord. Truus zou uiteindelijk op dertien verschillende adressen worden ondergebracht, behulpzame gezinnen treffen maar ook een opdringerige heer des huizes moeten ondergaan. Haar broertje zag zij een enkele keer. Haar moeder werd verraden en afgevoerd naar Auschwitz waar de Duitse gynaecoloog Clauberg zonder verdoving experimenten op haar uitvoerde. Psycholoog en schrijfster Wendy Geuverink kruipt in de huid van Truus en vertelt in Hoe lang mag ik blijven? hoe een 16-jarig meisje zich – ook na de oorlog – staande heeft gehouden. De zwaar gehavende moeder wordt met haar kinderen herenigd. In hun huis wonen andere mensen die de deur dichtgooien als Truus aanbelt en zegt dat het hun huis is. Zelfs de buren die op hun spullen zouden passen, liegen haar voor: nee, het kristal, de banken en zelfs het eigen boekenkastje van Truus, zouden ze allemaal uit een eigen erfenis hebben gekregen.

Wendy Geuverink: Hoe lang mag ik blijven? Hoe een Joods meisje dertien onderduikadressen overleefde. Omniboek, 272 blz. € 18,99

In de nacht van 13 op 14 februari 1945 werd Dresden door de Royal Air Force gebombardeerd wat aan tienduizenden mensen het leven kostte. Het Joods-Duitse meisje Henny Brenner was toen twintig jaar en had de dag ervoor een deportatiebevel ontvangen om zich op 16 februari te melden voor de tewerkstelling. Zij wist zich met haar familie uit de puinhoop te redden en hoorde dat ook het gebouw van de Gestapo was geraakt. De persoonsgegevens waren echter een dag daarvoor uit het gebouw gehaald en de zoektocht naar Joden ging onverminderd door. Mijn leven dank ik aan de bommen is een persoonlijk verhaal over de oorlog en het moeizame leven na de bevrijding. De 93-jarige Brenner vertelt op scholen over haar ervaringen als Jodin in nazi-Duitsland.

Henny Brenner: Mijn leven dank ik aan bommen. Een Joods meisje in Dresden. Oorspronkelijke titel Das Lied ist aus. Vertaald uit het Duits door Leo van Santen. Aldo Manuzio, 144 blz. € 14,95

Historicus Jeroen Kemperman beschrijft in Oorlog in de collegebanken. Studenten in verzet 1940-1945 hoe complex het studentenverzet in verschillende steden was. Het studentenverzet in de Tweede Wereldoorlog kende twee belangrijke periodes: het eerste verzet in 1940 tegen de Duitse maatregelen om Joodse hoogleraren, ambtenaren en studenten te schorsen en later te ontslaan en in de tweede periode, maart-april 1943, toen de ‘loyaliteitsverklaring’ aan de Duitsers ondertekend moest worden. Loyaliteit beloven aan de bezetter of in verzet blijven met alle gevolgen voor onderwijs en mens van dien. Alle universiteiten en hogescholen, studenten die wel of niet aangesloten waren bij het corps of een andere studentenvereniging, speelden een rol van kleine of grote betekenis in het verzet. Protestredes werden gestencild en verspreid, bevolkingsadministraties werden vernietigd, spionagewerk uitgedacht en uitgevoerd, mensen werden (met een kano) overgezet naar Engeland, maar ook het niet-handelen van studenten krijgt aandacht in het zeer interessante onderzoek. Intrigerend om te zien dat de familienamen van studenten en docenten van toen, door de jaren heen nog steeds goed vertegenwoordigd zijn in de verschillende universiteitssteden.

Jeroen Kemperman: Oorlog in de collegebanken. Studenten in verzet 1940-1945. Boom, 364 blz. 29,90

‘Allemaal dingen uit de oorlog die we niet hoeven te zien’. Met die woorden bleef de reiskoffer van Barend en Mimi Boers gesloten. Het Joodse echtpaar uit Leeuwarden overleefde de oorlog door te vluchten over de Pyreneeën naar Spanje en vervolgens naar Jamaica maar keerde weer terug om de bezetter te bestrijden. Na de oorlog werden drie kinderen geboren en de ouders besloten hun verleden niet met de kinderen te delen. Na het overlijden van de ouders ging de koffer open en vonden de kinderen niet alleen heel veel foto’s, persoonsbewijzen en andere documenten maar ook een film in een Kodakdoosje met daarop de huwelijksdatum van de ouders: 18 april 1939. Schrijver en journalist Auke Zeldenrust nam voor De Joodse bruiloft deze film als uitgangspunt en vertelt hoe het de bruiloftsgasten is vergaan.

Auke Zeldenrust: De Joodse bruiloft. Een koffer vol oorlogsgeheimen. Boom, 224 blz. € 20

Historicus Aline Pennewaard ontdekte dat in 1943 een groep Hongaars-Joodse gezinnen vanuit bezet Nederland naar Boedapest is ontkomen. In De treinreis vertellen vijf nog in leven zijnde ooggetuigen hoe zij als tiener met hun families dwars door bezet Europa reisden naar Boedapest. Totdat de Duitsers ook Hongarije binnenvielen en Joden werden opgepakt. Willy Lindwer verfilmde de ervaringen en De treinreis is vanavond, op 4 mei, te zien op NPO 2 (18.45 uur).

Willy Lindwer en Aline Pennewaard: De treinreis. De miraculeuze ontsnapping van Hongaars-Nederlandse Joden tijdens de bezetting. Nieuw Amsterdam, 176 blz. € 19,99

    • Margot Poll