Wie maakt de meeste kans op de Libris Literatuur Prijs?

Libris Literatuur Prijs

Het engagement is terug, blijkt uit de zes voor de Libris Prijs genomineerde romans. Alle schrijvers hebben oog voor nuance. Wie maakt de meeste kans?

Een lijn in de genomineerden voor de Libris Literatuur Prijs 2018, die maandag wordt uitgereikt, laat zich gauw ontwaren. Alle zes romans brengen grote onderwerpen uit de wereld van vandaag terug tot de menselijke maat. Verraderlijke internetidentiteiten, verheerlijking van terreur, etnische spanningen, migratie, discriminatie – daar gaat het over. Engagement is onmiskenbaar terug in de literatuur, maar dan niet in de politieke, pamflettistische zin van dat woord. De Libris-kanshebbers nemen nauwelijks stelling in, maar tonen de complexiteit van problemen, met oog voor de individuele nuances en gevoelens. „Terwijl in onze samenleving de trend naar binnen is gericht”, aldus het juryrapport, „verbreden de schrijvers onze wereld op meeslepende wijze.”

Het is nog de vraag of dat argument de doorslag zal geven, of dat de jury toch gewoon zijn winnaar verkiest op meer klassiek-literaire gronden: stijl, originaliteit, consistentie. Daarin zijn verschillen tussen de genomineerden groter. De helft van de zes kanshebbers won al eens een grote prijs (Driessen, Pfeijffer en Wieringa), twee braken met hun genomineerde boek door (Van Heemstra en Isik), en één schreef een sterk romandebuut (Van Veelen). Wie maakt de meeste kans?

Pfeijffer noch Isik

Ilja Leonard Pfeijffer (Peachez, een romance) en Murat Isik (Wees onzichtbaar) lijken de minst voor de hand liggende winnaars. Pfeijffer schetst een novelle over een wereldvreemde classicus die valt voor een phishing-mailtje. Een komisch en gloedvol geschreven, maar ook dun verhaal, dat op het nippertje indruk maakt met een bespiegeling over geloof, hoop en liefde in internettijden. Isik beschrijft de coming-of-age van een Turks-Nederlandse jongen, in zeshonderd boeiende bladzijden. Discriminatie is slechts een van de vele zaken waarmee Metin kampt: dat tekent de complexiteit die de roman zijn literaire kracht geeft. Maar stilistisch zwabbert Isik, en een verwijt van redundantie is niet onterecht.

Van Veelen of Van Heemstra

Arjen van Veelen (Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken) schreef een roman die non-fictie lijkt: soms een essay, soms reisverslag. Het gaat over ene Arjen, die in Alexandrië zijn overleden vriend Tomas wil eren. De literaire roman openbaart zich in de constructie: alles wordt steeds verbonden met iets anders, groters, waarmee Arjen de orde der dingen poogt te herstellen en vecht tegen de vergetelheid van zijn vriend. Wie iets construeert kan iets oprechts neerzetten, toont hij, ook in tijden van sociale media.

De constructie is ook van belang bij Marjolijn van Heemstra (En we noemen hem), die een zwangerschapslogboek vermengt met een speurtocht naar de waarheid over een heldhaftige voorouder die ooit een nazi vermoordde. Goed en kwaad raken verstrikt in een intrigerend kluwen, waarbij Van Heemstra’s retorische kracht de zoektocht steeds meeslepend houdt. De roman trekt een Tweede Wereldoorlog-vraagstuk – over terrorisme, heldenverering, goed en kwaad – moeiteloos naar het heden.

Wieringa versus Driessen

Beiden zouden mooie winnaars zijn, al staan ze tegenover het stilistisch vuurwerk van Tommy Wieringa (De heilige Rita) en de veelzijdige brille van Martin Michael Driessen (De pelikaan). Wieringa schreef over een man in een krimpgebied dat uitgehold wordt door migratie, van binnenuit en van buitenaf – zowel persoonlijk aangrijpend als urgent en actueel. Driessens roman begint als klucht over twee mannen die zonder het te weten elkaar chanteren. Ze hebben hun lot stevig in handen, denken ze. Maar het wordt een grimmige parabel over toeval en noodlot als de Balkanoorlog losbarst – en etnische breuklijnen verdeeldheid zaaien. De omstandigheden bepalen de loop van een leven, toont Driessen: een tijdloze waarheid, die ook actueel en relevant blijft voelen.

Twee perfecte romans, aan elkaar gewaagd, maar Wieringa zou mis kunnen grijpen doordat hij de Libris Prijs al eens won. De tv-camera’s van Nieuwsuur kunnen zich maandagavond in het Amstelhotel het beste naar Driessen richten.

    • Thomas de Veen