Bloedgroep O? Dan is ernstig bloedverlies vaker fataal

Dodelijk bloedverlies

Japanse wetenschappers onderzochten zwaargewonde patiënten die op de eerste hulp werden binnengebracht. Mensen met bloedgroep O hebben een hoger sterfterisico, maar waarom blijft onduidelijk.

Bloedzakken bij bloedbank Sanquin. Foto ANP / KOEN VAN WEEL

Ernstige bloedingen zijn bijna drie keer zo vaak fataal bij patiënten met bloedgroep O in vergelijking met patiënten met andere bloedgroepen. Dat schrijven Japanse onderzoekers deze week in het medische vakblad Critical Care.

De ontdekking werd gedaan bij een analyse achteraf van 901 patiënten die in drie jaar tijd met ernstige verwondingen bij de eerste hulp van twee grote ziekenhuizen in Tokio werden binnengebracht. Onder de patiënten waren er 284 met bloedgroep O, 285 met A, 209 met B en 123 met AB. Van de traumapatiënten met bloedgroep O overleed 28 procent, tegenover 11 procent van de patiënten met een andere bloedgroep.

De O-groep overleed significant vaker aan verbloeding (fataal bloedverlies) en traumatisch hersenletsel vergeleken met de drie andere bloedgroepen. Ook kreeg de O-groep tijdens de eerste 24 uur van de behandeling vaker een bloedtransfusie dan de andere, maar dat verschil was niet statistisch hard.

Stollingsfactor

De Japanners onder leiding van Wataru Takayama van de Tokyo Medical and Dental University vermoeden dat het effect veroorzaakt wordt door de relatief lage concentratie van de zogeheten Von Willebrandstollingsfactor in het bloed van mensen met bloedgroep O. In het dagelijks leven zullen mensen met bloedgroep O hier niets van merken, maar bij hevige bloedingen zou dit verschil net de doorslag kunnen geven.

Hoogleraar klinische epidemiologie van de transfusiegeneeskunde Anske van der Bom, verbonden aan bloedbank Sanquin in Amsterdam en aan het LUMC in Leiden, zegt dat al bekend was dat mensen met bloedgroep O een iets hoger sterfterisico hebben als zij ernstig bloedverlies lijden. Maar het flink verhoogde risico dat de Japanners vonden, verbaast haar wel. „Dit is wel veel verschil, maar dat hangt ook samen met de onderzochte patiëntengroep. De twee groepen hadden verschillende oorzaken van bloedverlies. Dat kan een mogelijke verklaring zijn”, zegt Van der Bom. „Als de uitkomsten van het Japanse onderzoek bevestigd worden is het wel een factor om rekening mee te houden bij de risicoscore van traumapatiënten.”

Maar ze betwijfelt of het echt verschil zal maken. „Patiënten met ernstig bloedverlies worden wat betreft stolling nauw in de gaten gehouden en krijgen nu sowieso al de juiste stollingsfactoren toegediend, zoals fibronogeen. De Von Willebrandfactor speelt waarschijnlijk ook een rol. Mensen met bloedgroep O hebben er minder van omdat ze het sneller uit hun bloed zuiveren.”