Armeense kinderen mogen worden uitgezet

De Armeense kinderen Lily en Howick mogen komende maandag worden uitgezet, besliste de rechter donderdag. De procedure rondom hun vertrek is zorgvuldig gegaan.

Kinderen demonstreren op het Binnenhof tegen uitzetting van twee Armeense klasgenoten die dreigen uitgezet te worden. Foto Jerry Lampen/ANP

De twee Armeense kinderen Lily (12) en Howick (13) mogen maandag 7 mei volgens plan worden uitgezet naar Armenië. Dat besliste de rechter donderdag in een kort geding. Dat was aangespannen door voogdij-instelling Nidos, die nu als gezinsvoogd optreedt voor de kinderen. Daarmee kan Nederland de voorgenomen uitzetting van de kinderen, die al tien jaar in Nederland wonen, uitvoeren.

Nidos spande de zaak aan, nadat de rechter op 23 april oordeelde dat de kinderen rechtmatig konden worden uitgezet. De gezinsvoogd maakte bezwaar tegen de procedure: Nidos zegt zo kort van tevoren geïnformeerd te zijn dat de organisatie het vertrek van de kinderen niet op een zorgvuldige manier kan organiseren. Nidos neemt nadrukkelijk geen standpunt in over de vraag of de kinderen voorgoed in Nederland zouden mogen blijven of niet.

Lees ook: Armeense moeder uitgezet, kinderen niet

De zaak van Lily, Howick en hun moeder Armina Hambartsjumian kreeg vorige zomer veel aandacht. Het gezin zou worden uitgezet ondanks verschillende pogingen van de moeder om asiel aan te vragen in Nederland. De school van de kinderen en de kerk waar het gezin vaak kwam, organiseerden acties om aandacht te vragen voor het feit dat Lily en Howick in Nederland zijn geworteld. De kinderen werden geboren in Rusland en kwamen daarna naar Nederland. In Armenië, het vaderland van hun moeder, waar ze nu naar worden uitgezet, zijn ze nog nooit geweest.

Kinderpardon

Klasgenoten en betrokkenen hoopten op een kinderpardon voor Lily en Howick, maar omdat het gezin in het verleden niet zou hebben meegewerkt aan een vertrek, kwamen de kinderen daarvoor volgens Justitie niet in aanmerking. Het kinderpardon was een gevoelig punt tijdens de formatie. D66 en de ChristenUnie wilden een verruiming van het kinderpardon, maar trokken aan het kortste eind: dat is in het regeerakkoord uiteindelijk niet afgesproken.

Op 14 augustus 2017 werd uiteindelijk alleen moeder Armina op het vliegtuig naar Yerevan gezet. Haar kinderen waren op dat moment „uit logeren” en doken twee weken later weer op. In die nieuwe situatie besloot de rechter dat de kinderen een nieuwe procedure mochten afwachten op een voor hun vertrouwde plek, bij een bevriend gezin van de moeder. Ze hoopten alsnog in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning, maar die werd door toenmalig staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Justitie, VVD) afgewezen. Die afwijzing is op 23 april door de bestuursrechter bekrachtigd.

Tijdens het kort geding dat woensdag diende bij de rechtbank in Den Haag verweet Nidos de staat nalatigheid en het niet volgen van de richtlijnen voor een zorgvuldige terugkeer van de kinderen.

Volgens de staat is het gezin uitgeprocedeerd en is wettelijk vastgesteld – en door meerdere rechters bekrachtigd – dat de kinderen het land moeten verlaten. De dienst weerspreekt dat er geen goede informatie is verstrekt.

Complicerende factor is dat moeder Armina, die nog altijd het ouderlijk gezag heeft, vanuit Yerevan niet meewerkt aan een terugkeer van haar kinderen. Volgens de verdediging omdat dat „tegen haar eigen strijd” zou ingaan om de kinderen in Nederland te laten blijven, volgens Esther van Dijken, actief PvdA-lid en voorvechter van een ruimer kinderpardon, die het gezin bijstaat, omdat Armina getraumatiseerd is en niet voor zichzelf kan zorgen.

Dat de politieke situatie in Armenië op dit moment gespannen is, kwam niet aan de orde tijdens de zitting.

Toch zullen Lily en Howick hoogstwaarschijnlijk niet op het vliegtuig stappen maandag. Zij dienden na de gerechtelijke uitspraak meteen een zelfstandige asielaanvraag in, los van hun moeder. De uitspraak mogen zij in Nederland afwachten.

    • Floor Boon