Thuiskok

Ligurische focaccia

Focaccia, maar dan stevig van structuur. Meng alle ingrediënten voor de focaccia in een kom met 230 ml water – het moet op kamertemperatuur zijn, en niet koud – tot een samenhangend deeg, dek de schaal af met plasticfolie en laat het deeg 30 minuten rusten. Bestrijk een braadslee met wat extra vergine olijfolie. Stort het deeg op een schoon werkvlak en druk het uit, rek het op en druk er met de vingertoppen kuiltjes in tot de deeglap net geen cm dik is. Laat het afgedekt met plasticfolie 30 minuten rusten.

Meng voor de salamoia het zeezout en de extra vergine olijfolie met 2 eetlepels water zodat het zout kan oplossen. Verwijder de folie, druk kuiltjes in het deeg en rek het op zoals de eerste keer. Maak u geen zorgen als het hier en daar dikker of dunner is. Bestrijk het met de pekel, zorg ervoor dat u al het deeg bestrijkt, ook de kuiltjes, omdat de olijfolie zodra het brood in de oven staat ervoor zorgt dat er een contrast ontstaat van een knapperige buitenkant en een zacht kruim dat karakteristiek is voor dit brood.

Laat het deeg onafgedekt 30 minuten rusten. Verhit intussen de oven tot 220 graden. Til de focaccia in de voorbereide vorm en bak hem 13-15 minuten in de oven tot de bovenkant goudbruin en krokant is. Eet het brood warm.

    • Hassnae Bouazza