Dans, en leer je collega’s vertrouwen

Training Dansen maakt je bewust van wat je uitstraalt. De Gemeente Rotterdam stuurde vijftien jonge ambtenaren op cursus.

De ambtenaren van de Gemeente Rotterdam tijdens de cursus. „In het begin is het samen dansen ongemakkelijk.” Foto’s Merlin Daleman

Zitten is het nieuwe roken. Op een gemiddelde werkdag brengen we meer dan tien uur zittend door. Daar moet je tegen in actie komen, vinden danswetenschapper Jacqueline de Kuijper en organisatiewetenschapper Sophie Verdaasdonk. Letterlijk. Dansen met collega’s zorgt voor een soepelere groepsdynamiek en voor een betere mentale en fysieke gezondheid, zeggen de twee zakenpartners. Onder de naam Change Your Rhythm bieden ze sinds anderhalf jaar trainingen voor bedrijven aan, samen met een team van danstrainers.

Op een regenachtige aprilmorgen zijn vijftien jonge ambtenaren uit het ‘young professional programma’ van de Gemeente Rotterdam aan de beurt. De tafels staan al aan de kant in het jaren dertig-pand van de Rotterdamse GGD, als De Kuijper met een energizer begint. De twintigers, gekleed in casual kleding, mogen dertig seconden de ledematen losschudden.

De training, die in totaal vier uur duurt, is onderdeel van een vierdelig programma waarin de jonge werknemers bewust worden gemaakt van hun uitstraling en non-verbale communicatie. Thema’s als vertrouwen en inclusiviteit komen daarbij aan bod. Voor het trainingsprogramma schakelden De Kuijper en Verdaasdonk de hulp in van coach en trainer Lia Bolte, vroeger danseres bij het Nederlands Dans Theater en actrice.

We zitten al te veel in ons hoofd

De training gaat deze dag over inclusiviteit en non-verbale communicatie. Eerst het huiswerk: er wordt gesproken over wat jou het gevoel geeft dat de ander te vertrouwen is. Een paar antwoorden: oogcontact, een open houding.

Dansen is een manier om je bewust te worden van wat je uitstraalt, zegt De Kuijper. „Nu is dansonderwijs er nog vaak op gericht jongeren klaar te stomen voor de dansacademie. Voor ons is dans een middel, geen doel op zich.” Dans is volgens De Kuijper namelijk niet alleen een vorm van bewegen, maar ook een actieve werkvorm. „Je ervaart de impact van de bewegingen die je maakt, in plaats van telkens te denken: hoe kom ik over op anderen? Dat is belangrijk, want we zitten al te veel in ons hoofd.”

In Rotterdam kan het dansen beginnen. De Kuijper: „Wie kent de Braziliaanse vechtdans capoeira?” Deveney, een jonge vrouw, knikt. De Kuijper en Bolte doen het voor. „Je gaat heel vloeiend om elkaar heen bewegen, als water”, zegt De Kuijper. De jonge ambtenaren bewegen in koppels van twee langs elkaar heen. Het idee: wie dichtbij elkaar danst, moet non-verbaal kunnen communiceren, anders gaat het mis.

Twee minuten lang gaat de muziek aan. De Rotterdamse werknemers zoeken zelf een partner uit. „Mag je ook je voeten gebruiken”, vraagt deelnemer Sara. Collega Deveney, ietwat defensief: „Gaan we knietjes geven?” Er wordt flink gegiecheld. Maar de pianomuziek van Ludovico Einaudi vlakt het aanvankelijk wantrouwen over de knietjes langzaam af en zorgt ervoor dat iedereen loskomt. Sara en Deveney doen een zwierige dans, met lange lijzige zeewierarmen. Een jongen in een rode broek schudt zijn billen omhoog, kruis naar de grond. Collega-ambtenaar Bas, initiatiefnemer van het project en voormalig professioneel danser, zit op de grond.

De Kuijper zet de muziek stop. „Stel elkaar nu eens de vraag: wat kan ik doen om een betere partner voor jou te zijn?” Er wordt gegiecheld. „Je bent goed zoals je bent”, oppert iemand. Deveney tegen Sara: „Kun je af en toe ook eens de leiding nemen?” Sara tegen Deveney: „En jij dan iets minder?”

Hoe je danst zegt veel over jezelf, zegt De Kuijper. Daarom kom je meteen tot de kern – wat kan ik in jouw ogen beter doen? „Dat is iets wat we elkaar normaal nooit vragen, maar in de dans wordt het meteen duidelijk.”

Na twee minuten legt ze het spel weer stil. Tegen de ambtenaren: „Overleg nu wat voor jullie samenwerking typerend was.” Deelnemer Thomas: „Oogcontact.” Deveney: „Leiding nemen.” Ze krijgen de opdracht hun ‘kenmerk’ beeldend te maken in dans. De piano meandert. Thomas en collega Floor knipogen naar elkaar.

‘Integreer eens een beetje’

Nu worden de koppels opgebroken en samengevoegd in grotere groepen. Het is de bedoeling dat een nieuwkomer – een collega uit een andere groep – ontdekt wat de ‘cultuur’ binnen een andere groep is én hoe het is om als buitenstaander bij die groep te komen. Weer wordt er twee minuten gedanst. Nieuwkomer Bas schiet als een paling in een school vissen door zijn groep. De strijkers zwellen aan. Hij duikt, draait en zwenkt omhoog. De rest van de groep lijkt hem te ontwijken, Bas lijkt iedereen te willen raken.

De evaluatie: „Ik vond het grappig te merken dat jullie dus niet deden wat ik deed”, zegt Bas. Collega Tijmen reageert: „Het werd meteen een soort tikkertje.” Wel had Bas kennelijk snel door wat de cultuur binnen zijn nieuwe groep was: oogcontact maken. Zijn eigen kenmerk was ‘aanraken’, en dat botste.

„Voelde je je niet welkom bij ons?”, vraagt Tijmen. Het viel mee, zegt Bas, maar collega Floor reageert: „Ik vond het wel heel vervelend dat jij geen oogcontact maakte. Jij hoort nu toch ook bij deze groep, dacht ik. Al snapte ik later wel: ach, dat is zijn ding.” „Integreer eens een beetje!”, grapt Tijmen.

Deze oefening heeft te maken met inclusiviteit, legt De Kuijper uit. Eerst ervaar je hoe het is als je erbij hoort, daarna voel je hoe het is als dat niet zo is. Straks praat de groep over wat je kunt doen zodat een ander zich welkom voelt.

„In het begin is het samen dansen ongemakkelijk”, antwoordt een van de ambtenaren op de vraag hoe ze de oefening heeft beleefd. „Het voelt bijna als een soort gedeeld leed, waardoor je je verbonden voelt – zonder daarover te praten.” Deelnemer Tijmen: „Bij het verhaal over non-verbale communicatie dacht ik eerst: wat maakt dat nou uit. Als we allemaal hetzelfde doen, is het toch goed? Maar tijdens het dansen voelde ik hoe het was als iemand wat anders doet. En hoe belangrijk het dan is om diegene in jouw gewoontes mee te nemen.”

Je kunt ook gaan dansen vóórdat je naar werk gaat, ontdekte onze redacteur Ykje Vriesinga: Dansen bij dauw zorgt de hele dag voor extase.