Recensie

Alles is fantasie bij Biocca – maar een geheel wordt het niet

Beeldende kunst

‘Ancient Workers’ van Catherine Biocca omvat zowel de toekomst, een beetje (fictief) heden als het verleden. Biocca vist onbekommerd in alle vijvers, maar een geheel wordt het niet.

Catherine Biocca Ancient Workers (2017). Foto Simon Trel/PSM Gallery

Volgens de Italiaanse kunstenaar Catherine Biocca (1984) zijn menselijke hersenen tot veel minder in staat dan ik, en waarschijnlijk een hele hoop anderen, denken. Langer dan vijftig jaar teruggaan in de geschiedenis bijvoorbeeld, dat kan ons brein niet, zegt de kunstenaar in een recent interview in Metropolis M. Langer dan vijftig jaar vooruit kijken kunnen onze hersenen evenmin. De historische sensatie die je ervaart als je in een archief in de kantlijn van een manuscript een ontdekking doet, of tijdens een bergwandeling op een legertje fossielen stuit: het is niet aan Biocca besteed. Geschiedenis is volgens haar slechts avontuurlijke fictie en kunstmatigheid. Tussen de film Gladiator en de echte gladiatoren in het Colosseum zit geen enkel verschil. De uitbarsting van de Vesuvius is van hetzelfde niveau als Hollywood-spektakel Jurassic Park. Alles is fantasie.

Voor een kunstenaar is zo’n uitgangspunt praktisch. Want het betekent dat je alles naar je hand kunt zetten, kunt omdraaien, mengen, en alles kunt kopiëren. Biocca, opgeleid aan de kunstacademie in Düsseldorf en vervolgens een paar jaar deelgenoot geweest van een best tamme lichting van de Rijksakademie, heeft nu in Kunstfort bij Vijfhuizen haar eigen megaspektakel Ancient Workers gebouwd. Ancient Workers omvat zowel de toekomst, een beetje (fictief) heden als het verleden. Biocca vist onbekommerd in alle vijvers die maar denkbaar zijn.

Catherine Biocca Ancient Workers (2017).

Foto Simon Trel/PSM Gallery

Aan de hand van cartooneske tekeningen, grappige keramische mensbeeldjes, bedrukte tapijten, hangtafels, gloeilampen, poppige animatiefilms, nepjuwelen en heel veel plastic moeten we over vier ruimtes het spoor volgen van een schimmige, want onzichtbare directeur. Deze directeur verspilt veel papier (te zien aan de overstromende prullenbak) met droedeltekeningen in een soort kantoorruimte met borrelhangtafels. Daarna verdwijnt het spoor. Ik kom in een ruimte met een archaïsch aandoend liefdesstel (van plastic), een ruimte met vitrines vol nepjuwelen (waarvan er eentje ‘praat’). Er ligt, staat en hangt van alles – maar een geheel wordt het niet.

Volgens de begeleidende tekst wil de kunstenaar heel wat. De ruimtes zouden moeten lijken op een bedrijfskantoor, de plek waar een huwelijk strandt, een archeologische schatplaats en griezelige tombe, een fabriek van de toekomst en nog veel meer. De tentoonstelling zou een pleidooi zijn om harder te werken (natuurlijk met een knipoog), en alles is ‘verontrustend’ en ‘dystopisch’. Dat klinkt mooi – alleen is al dat moois niet af te lezen aan deze presentatie. Een verhaallijn is bijvoorbeeld niet te ontdekken. De objecten en artefacten lijken gekozen puur om hun esthetische kwaliteit. En de ‘dystopie’ smaakt flauw en – nog erger – wezenloos. Nee, Biocca belooft veel, maar maakt die beloftes niet waar.

    • Lucette ter Borg