‘Niet meer standaard voorwaardelijk vrij na tweederde straf’

Voor re-integratie in de samenleving is maximaal twee jaar eerder vrijkomen genoeg, zegt Dekker.

De gevangenis in Haarlem. Archiefbeeld. Foto Nils van Houts/ANP

Gevangenen die veroordeeld zijn tot een gevangenisstraf van meer dan zes jaar moeten straks een groter deel van hun straf uitzitten voor ze in aanmerking komen voor voorwaardelijke vrijlating. Dat staat in een wetsvoorstel dat minister Sander Dekker voor Rechtsbescherming (VVD) dinsdag naar buiten heeft gebracht. Volgens de minister is de regel dat gevangenen na tweederde van hun straf vrijkomen onnodig en “moeilijk te rechtvaardigen”.

Gevangenen worden voortaan maximaal twee jaar voor het einde van hun straf voorwaardelijk vrijgelaten, als het aan Dekker ligt. Volgens de minister is dat “voor iedereen” genoeg om te re-integreren in de maatschappij. Het Openbaar Ministerie moet per geval bekijken of die vrijlating überhaupt “mogelijk en verantwoord is”, stelt hij. Wie zich in de gevangenis misdragen heeft, en bijvoorbeeld cipiers heeft aangevallen of smokkelwaar in bezit had, kan worden vastgehouden. Bij goed gedrag krijgen de gevangenen in het voorstel juist meer vrijheid.

“Het is moeilijk te rechtvaardigen dat daders al na tweederde van hun straf weer vrijkomen. Naar slachtoffers en nabestaanden, maar ook naar de maatschappij”, aldus Dekker. De belangen van de slachtoffers en nabestaanden van een misdrijf of van bijvoorbeeld getuigen moeten wat hem betreft ook door justitie in overweging genomen worden bij het besluit over vrijlating. De plannen, die al waren aangekondigd in het regeerakkoord, zijn dinsdag voor advies naar een aantal instanties gestuurd, waaronder het OM en de Raad voor de rechtspraak.

Gevaar van het plan is dat gevangenen te weinig begeleiding krijgen, waarschuwden deskundigen eerder: ‘Meer ongeleide projectielen op straat door kabinetsplannen’

Gevangenen die veroordeeld zijn tot een celstraf van ten minste een jaar komen nu nog in principe na tweederde van hun straf vrij. Daar kunnen extra voorwaarden aan verbonden worden, zoals een locatieverbod. Als gevangenen binnen hun proeftijd een nieuw misdrijf plegen of de voorwaarden schenden, riskeren ze dat ze de rest van hun straf alsnog moeten uitzitten. De rechter kan ook besluiten om de invrijheidstelling uit te stellen of af te blazen als gevangenen zich in de gevangenis misdragen hebben, of bijvoorbeeld een ontsnappingspoging hebben gedaan.