Unilever blijkt best een snelle leerling

Vier manieren om beleggers te belonen Unilever wilde een beleggersvriendelijke onderneming blijven, zonder zijn duurzame strategie te grabbel te gooien. Op de aandeelhoudersvergadering van Unilever moet deze week blijken of dat is gelukt.

Europese en zeker Britse particuliere en professionele beleggers houden van extra inkomsten op hun aandelen. Unilever, met kantoren in Londen en Rotterdam, komt ze tegemoet en verhoogde het dividend. Foto Bart Maat/ANP

Voor een onderneming die niet van beleggersvriendelijk financieel ‘gegoochel’ zegt te houden, is Unilever best een snelle leerling. Vijftien maanden geleden beefde de voedings- en zeepmultinational van een ‘bijna-doodervaring’, zoals topman Paul Polman het later volgens de Financial Times noemde. De kleinere Amerikaanse concurrent Kraft Heinz had een gewaagd overnamebod gedaan. Dat bod ging na vurig verzet van Polman en Britse en Nederlandse politici subiet van tafel.

Maar de schok trilt nog altijd na.

Unilever bleef zelfstandig, maar om in de toekomst ook zelfstandig te blijven had het concern de blijvende steun van zijn aandeelhouders nodig. Want een van de vervelende ervaringen voor de Unilever-top was dat een substantieel deel van zijn beleggers wel oren had naar het overnamebod. Die beleggers hadden graag gezien dat Unilever wél had onderhandeld met Kraft Heinz om een hogere overnamepremie op de aandelen te krijgen. Het openingsbod van de Amerikanen had een premie van 18 procent op de actuele koers. Te weinig. Bij 40 procent premie was de stemming onder deze beleggers omgeslagen: ja, zo maar doen.

1 Koop eigen aandelen in

De les van Kraft Heinz was dat Unilever ook een beleggersvriendelijke onderneming moet worden, zonder zijn duurzame strategie te grabbel te gooien. Dus ging het concern aan de slag met een reeks van maatregelen die rechtstreeks ontleend lijken uit het zelfhulpboek Hoe verwen ik beleggers?

Unilever besteedde vorig jaar al 5 miljard euro aan het opkopen van zijn eigen aandelen. Twee weken geleden legde het concern daar nog eens 6 miljard euro bij. Door de inkoop daalt het aantal vrij verhandelbare aandelen, terwijl de winst gelijk blijft, zodat de winst per aandeel automatisch stijgt. Dat legt een bodem onder de beurskoers. Die winst per aandeel is het cijfer waar talloze beleggers het eerst naar kijken.

De inkoop van aandelen is wel een controversiële strategie. Het is het soort van hocus pocus waar Unilever lange tijd onder Polmans leiding niks van moest hebben. Onder Amerikaanse beleggers is het juist populair en een teken dat de bedrijfstop bereid is geld terug te geven dat het bedrijf kennelijk niet nodig heeft. Kritische economen en analisten zien het echter als een vestzak-broekzaktransactie die de langetermijnwaarde van een bedrijf niet verhoogt. En dus niet in het belang is van beleggers. Polman zit ook in dat kamp, blijkt regelmatig uit interviews.

2 Hoger dividend

Na de mislukte overnamepoging van Kraft Heinz beloofde Unilever meteen een hoger dividend. In 2017 een verhoging met 12 procent, in het afgelopen eerste kwartaal nog eens plus 8 procent.

Zoals Amerikaanse beleggers dol zijn op aandeleninkoopregelingen, zo houden Europese en zeker Britse particuliere en professionele beleggers van extra inkomsten op hun aandelen. Hogere dividenden leggen een basis onder de koers en smaken naar meer: het geeft beleggers het gevoel dat zij een aandeel met groeipotentie te pakken hebben.

3 Afslanking

Dochters afstoten en bedrijven overnemen is het moderne ondernemen. Daarmee geven topmanagers tegenover beleggers aan waar zij willen groeien en krimpen. Unilever zette na Kraft Heinz zijn winstgevende, maar stagnerende margarinedivisie te koop. De nieuwe eigenaar van Flora Food, zoals de divisie als zelfstandig bedrijf is gedoopt, is de Amerikaanse private-equityfinancier KKR. De opbrengst daarvan is de 6 miljard euro die Unilever nu gebruikt om eigen aandelen in te kopen. De groeiambities wil Unilever waarmaken met overnames van nichebedrijven, liefst met een duurzame uitstraling.

Denk aan het Britse Pukka, een biologisch kruidentheemerk. Niet groot, wel hip. En Sir Kensington’s, producent van bioketchup en veganistische mayonaise. Nog vaker kocht Unilever de laatste jaren luxe cosmetica- en verzorgingsmerken, zoals het Zuid-Koreaanse Carver. Unilever verwacht veel van dit segment: daar zit de meeste groei.

4 Verarming van de balans

Dat klinkt paradoxaal, want hoe kan een armere balans financieel goed uitpakken voor beleggers? Een sterke balans, met een surplus aan eigen vermogen, is toch het beste?

Niet als je naar het rendement kijkt wat een bedrijf op dat hoge eigen vermogen moet behalen om beleggers tevreden te houden. Als je met minder eigen vermogen ook uitkomt en wat meer geld van banken leent, sla je als financieel directeur twee vliegen in één klap. Bij een gelijkblijvende winst stijgt het rendement op je (kleinere) vermogen. Dat stijgende rendement is een probaat signaal aan beleggers; wij doen meer met minder van uw geld. Bovendien kun je de winst opschroeven door geld te lenen, dat nu spotgoedkoop is, en daarmee winstgevende bedrijven te kopen.

Unilever heeft zijn balans ‘armer’ gemaakt door één categorie aandelen op te heffen. Dat waren zogeheten preferente aandelen met een hoog vast dividend. Om deze waardevolle aandelen in handen te krijgen moest Unilever de eigenaren een hoog bod doen. Dat kostte 448 miljoen euro, waarvan 382 miljoen euro premie om beleggers te overtuigen dat zij hun aandelen moesten verkopen.

Nu de balans beleggersvriendelijker is, moet ondernemerschap de rest doen.

Lees ook: Het bod van Kraft Heinz gaf Unilever de impuls om te kiezen voor een hoofdkantoor in Nederland. De Nederlandse wet geeft immers meer mogelijkheden om een vijandig bod af te slaan dan de Britse
    • Menno Tamminga