opinie

Een paard is geen fiets

De Hollandsche Manege stamt niet alleen uit de negentiende eeuw, ze koestert ook achterhaalde opvattingen over dieren, schrijft .

Foto ANP / Jerry Lampen

Het is slecht gesteld met het welzijn van paarden in Nederlandse maneges, stelt Dier & Recht. In bijna 85 procent van de onderzochte maneges (44 van de 53) hebben de paarden een slecht leven, meldt de actiegroep in zijn rapport Misstanden op de manage (maart 2018). Een greep uit de symptomen: luchtwegproblemen door een stoffige stal, gedragsstoornissen door sociale isolatie en maagzweren door stress en slechte voeding. In een petitie aan de minister van Landbouw benadrukt Dier & Recht dat paarden kuddedieren zijn, met een sterke behoefte aan zicht-, hoor- en reukcontact en de mogelijkheid tot fysiek contact met ten minste één ander paard.

Ook de deftige Hollandsche Manege in Amsterdam is getoetst en daarvoor drie keer bezocht. De stallen zijn er te klein, er is geen weiland in de omgeving. De eigenaren Justus Valk en vader Vincent kregen maandag in NRC uitgebreid de gelegenheid te reageren op het rapport, waarin maneges overigens niet bij naam worden genoemd. „De onderzoekers leggen de lat wel erg hoog”, zegt de vader. „Het is onmogelijk aan alle eisen te voldoen.” De zoon: „Ze willen dat paarden als mensen in een villawijk wonen met zwembad in de tuin. Mensen die in een volkswijk wonen, kunnen toch ook gelukkig zijn? We mishandelen toch geen dieren?”

De lat ligt helemaal niet te hoog! Eigenlijk nog veel te laag, met een minimum van vier uur per dag vrije beweging. Paarden hebben een aantal basisvoorwaarden om gezond en gelukkig te leven; voldoende ruwvoer, vriendjes en vrijheid. Een manege-eigenaar mag een paard dus niet behandelen als een fiets, die je na gebruik terugzet in de stalling. Een kat stop je ook niet in een kratje. Relatief gezien zijn de afmetingen van zo’n kratje vergelijkbaar met de afmetingen van een paardenbox, in beide gevallen kan het dier z’n kont amper keren.

Twee uur per dag eruit is onvoldoende. Een paard beweegt van nature 80 procent van de tijd, terwijl paarden op stal 90 procent van de tijd stilstaan. Voor hun welzijn is het belangrijk dat ze elkaar kunnen zien en aanraken. Dat ze hun stalgenoot een beetje voor het uitkiezen hebben. Anders volgt er ruzie.

Eerder in NRC: Ook in de deftige Hollandsche Manege hebben paarden het zwaar

De Hollandsche Manege stamt uit de negentiende eeuw en de directie koestert nog negentiende-eeuwse opvattingen over dieren. Wat dat betreft is Artis moderner. Deze dierentuin staat ook in de stad en stamt uit dezelfde tijd. Maar de afgelopen decennia bracht de organisatie het aantal dieren terug om de overgebleven dieren meer ruimte te geven. Wie herinnert zich niet de ijsbeer die altijd ijsbeerde? Toen die stierf, kwam er geen nieuwe. Paarden kunnen niet eens ijsberen in hun box. Daarom gaan ze weven, luchtzuigen of kribbebijten. Ook wel ‘stalondeugden’ genoemd, alsof het paard er zelf schuldig aan is. Maar anders dan de Hollandsche Manege beweert, is dat het gevolg van een ondeugdelijke stal, en maar zeer zelden van rouw. Paarden die geschiktere huisvesting krijgen, vertonen algauw minder stalondeugden en op den duur kan hun gedrag volledig normaliseren. Ik heb zelf twee paarden die fanatieke luchtzuigers waren. Inmiddels zijn ze daar helemaal van genezen.

De Hollandsche Manege zou een voorbeeld kunnen nemen aan Manege en Ponykamp De Burght. Zo’n vijftig paarden leven daar in een kudde en hebben de beschikking over ruwvoer op een centrale voerplaats, een ruim opgestrooide inloopstal en een uitloop van een hectare. Alle paarden staan er dag en nacht buiten. Problemen met rangorde, blessures en verwondingen komen weinig voor, omdat er zoveel ruwvoer wordt verstrekt dat ook de paarden lager in de rangorde voldoende kunnen eten. Bijkomend voordeel is dat uitmesten veel minder werk is.

Een andere optie voor het huisvesten van paarden op een kleiner oppervlak is het Hit Actief-systeem. Stal Mansour in Arnhem heeft dat als eerste ingevoerd. Hier stonden ruim vijftig paarden op een halve hectare, tegenwoordig ruim een hectare. Ook bij Mansour geen rangordeproblemen, de paarden krijgen via een speciaal voersysteem te eten.

Nog een goed voorbeeld: in Amsterdam, bij Boerderij op IJburg, staan de paarden altijd buiten. Ze worden bitloos gereden. De stadskinderen die daar komen, kunnen zich niet meer voorstellen dat er elders paarden in ‘fietsenrekken’ opgesteld staan, met hun hoofd vastgebonden. „Wij zijn voor dierenwelzijn, maar het moet wel haalbaar en betaalbaar zijn”, zeggen vader en zoon Valk van de Hollandsche Manege. Dat kan dus wel! Bovendien moet je je afvragen of je wel ten koste van een dier door moet willen gaan met je werk. Als De Hollandsche Manege de nieuwe normen niet ziet zitten (minder paarden, grotere ruimtes, vaker naar een weiland, huisvesting buiten de stad en alleen voor lessen op de vrachtwagen naar de binnenstad), moeten we ons afvragen of deze manege nog wel bestaansrecht heeft.

Vincent Valk durft zelfs te zeggen dat het rapport van Dier & Recht „stemmingmakerij” is. Niets is minder waar. Het is de schrijnende realiteit van paarden anno 2018. Een boer die zijn koeien in individuele boxen zou huisvesten, zoals deze manege doet, is strafbaar. Voor paardenhouders zou hetzelfde moeten gelden.