opinie

    • Remco Breuker

Vrede? Pyongyang consolideert zijn doelen

Dat Noord-Korea kernwapens bezit, zet een top met Zuid-Korea in een andere context dan voorheen, meent .
De Zuid-Koreaanse president Moon Jae-in (rechts) en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un stappen over de grens tussen hun twee landen tijdens hun top in Panmunjom, vrijdag. Foto Reuters

De positieve sfeer waarin de ontmoeting tussen Moon Jae-in en Kim Jong-un zich vrijdag leek af te spelen werd dit weekend verder aangezet toen Noord-Korea aankondigde zijn installaties voor nucleaire proeven in het noorden van het land te zullen ontmantelen, onder extern toezicht. Over de topontmoeting tussen Noord- en Zuid-Korea heerst ongebreideld optimisme én vermoeid cynisme. Het is waarschijnlijk te vroeg om er iets definitiefs over te zeggen, maar enkele elementen van de ontmoeting en de gezamenlijke verklaring – de vijfde na eerdere verklaringen in 1972, 1992, 2000 en 2007 – verdienen nadere aandacht.

Om te beginnen: het charmeoffensief van Pyongyang na de zware escalaties van 2017 was geen beleidsbewijziging. Het was geen ommezwaai, maar een nauwkeurige uitvoering van het in 2013 afgekondigde ‘tweesporenbeleid’. Met een reëel risico op oorlog is het ene ‘spoor’ in het afgelopen jaar verwezenlijkt: de ontwikkeling van een bruikbaar kernwapenarsenaal. Het andere ‘spoor’ is de ontwikkeling van de economie. Nu de macht van het regime zowel intern als extern feitelijk onaantastbaar lijkt dankzij de kernraketten, is het nu tijd om verzoening en samenwerking te zoeken. Vandaar de topontmoeting met Moon en de komende met Trump. Noord-Korea wil het niet-uitbreken van oorlog consolideren met economische winst, en per saldo ziet het er niet slecht uit voor het regime.

Commentaar: Een veelbelovende eerste stap in de Korea’s

Zo bezien was de top dus net zo goed een direct gevolg van het tweesporenbeleid als de kernproeven en rakettesten van 2017.

Qua retoriek en inhoud lijken er geen grote verschillen te zijn met verklaringen uit 2000 en 2007. Toch vallen twee punten op. Ten eerste de zeer sterke nadruk op de bloedband tussen Koreanen onderling. Beide landen zijn zeer nationalistisch, maar de Blut und Boden-achtige formulering doet oncomfortabel Noord-Koreaans aan.

Koreanen onder elkaar

Ander opvallend punt: de nadruk op Koreaanse zeggenschap in het vredesproces, herinnerend aan de Noord-Koreaanse politieke notie van ‘wij Koreanen onder elkaar’, die praktisch neerkomt op het buitensluiten van de VS. De tijd zal leren of daar hier inderdaad sprake van is.

Net als in de eerdere verklaringen bleven Noord-Koreaanse mensenrechtenschendingen ongenoemd; dat was een breekpunt voor Pyongyang. In 2014 is echter een goed onderbouwd VN-rapport verschenen dat de Noord-Koreaanse mensenrechtenschendingen toen „zonder weerga” noemde. Dat Moon, nota bene een voormalig mensenrechtenadvocaat, juist dit punt van de agenda heeft gehaald, is zorgwekkend.

Cruciaal verschil met eerdere verklaringen is de vermelding van de denuclearisatie. In eerdere verklaringen was daar geen noodzaak toe. Nu wordt die alleen aan het einde en in zeer algemene termen genoemd. Noord en Zuid beloven zich „in te zetten voor” een kernwapenvrij Koreaans schiereiland. Aangezien alleen Noord-Korea kernwapens heeft, zou het duidelijk moeten zijn wat hier staat, maar in Noord-Korea betekent ‘denuclearisatie’ de nucleaire ontwapening van de hele wereld en niet die van alleen Noord-Korea. Dat is niet zoals de term in Washington – dat naar wordt aangenomen eigen kernwapens in de regio heeft – wordt begrepen.

Nieuwe context

Ondanks de vele gelijkenissen met eerdere verklaringen, is de context in 2018 dus anders dan in 2000 of 2007: er was nog geen vernietigend VN-rapport over mensenrechtenschendingen en Noord-Korea beschikte nog niet over werkende kernraketten. Die twee feiten veranderen de betekenis van de verklaring significant. Zowel het onvermogen van de internationale wereld om Noord-Korea op zijn ernstige mensenrechtenschendingen aan te spreken als Noord-Korea’s kernwapenbezit zijn nu de facto gecodificeerd.

En gezien het feit dat Kim in Zuid-Koreaanse president Moon een bondgenoot vis-à-vis de VS lijkt te hebben gevonden, kan de op handen zijnde top met Trump de VS nog wel eens flinke hoofdpijn bezorgen.

Lees ook: Zuid-Koreaanse president: Trump verdient de Nobelprijs

Sinds de Koraanse Oorlog (1950-1953) was een nieuwe oorlog op het schiereiland nog nooit zo dichtbij als vorig jaar. Nu kan vrede dichterbij lijken dan ooit. Deze praktische ommezwaai is mogelijk gemaakt door Noord-Korea’s onwaarschijnlijke vasthoudendheid en de plotselinge interventie van Zuid-Korea die een gesprek mogelijk maakte. De prijs voor die vrede kan echter wel eens een nucleair Noord-Korea met concentratiekampen zijn.

    • Remco Breuker