NPO noemt 3,2 procent van programma’s ‘amusement’

Jaarverslag

De NPO geeft zichzelf een pluim in het laatste jaarverslag. Toch zijn de kijkers relatief oud en bekritiseren experts de vele programma’s met BN’ers.

De Curling Quiz (AVRO-TROS) kreeg kritiek van kijkers en commentatoren om zijn „inhoudsloosheid” en „stupiditeit”. Foto AVRO-TROS

De publieke omroep heeft in 2017 zijn toegezegde doelstellingen ruim gehaald, zo meldt de NPO zelf in zijn jaarlijkse rapportage aan het ministerie van OCW. Bestuursvoorzitter Shula Rijxman: „We hebben het verschrikkelijk goed gedaan. We krijgen van het Nederlandse publiek een 8,7 voor kwaliteit en een 8,2 voor publiek waarde.” Overigens meldt Rijxman dat zij wordt behandeld aan een tumor in haar hals en daarom de komende tijd minder zal werken. Rijxman: „De artsen zien goede vooruitzichten voor herstel.”

De publieke tv bereikte per week 77,1 procent van alle Nederlanders boven de dertien (een daling van 2 procent ten opzichte van 2016). Het marktaandeel van de NPO-televisie daalde licht (0,4 procent) naar 31,6 procent. De NPO blijft hiermee marktleider. Het marktaandeel van concurrenten RTL (23,3 procent, -0,9 procent) en SBS (14,4 procent, -0,2 procent) daalde ook licht.

Het ministerie eist sinds 2016 dat de NPO zijn publieke waarden („onafhankelijk, betrouwbaar, pluriform, divers, met impact, geëngageerd, authentiek en eigenzinnig”), het bereik en andere kwaliteiten zelf uitgebreid toetst. Hiervoor houdt de NPO enquêtes onder achtduizend mensen en raadpleegt panels met kijkers en experts. Daar komen ook bovenstaande rapportcijfers uit.

Het NPO-publiek vergrijst. De laatste jaren slaagde de NPO er niet om voldoende jongere leeftijdsgroepen te bereiken. Minister Slob (CU, OCW) kaartte dit in november nog aan in zijn Mediabrief aan de Tweede Kamer. Volgens het jaarverslag is dat dit jaar wél gelukt: De NPO-programma’s bereikten 91 procent van de ouderen (50-64 jaar), 84,6 procent van de middelbaren (35-49 jaar), 76,7 procent van de jongeren (20-34 jaar) en 57,2 procent van de tieners. Het gaat om mensen die per week minstens een kwartier aaneengesloten een NPO-programma zagen of beluisterden.

Nieuw is de amusementstoets

Als we naar het jaarverslag van kijkcijferinstituut SKO kijken, krijgen we een iets ander beeld. De leeftijd van de gemiddelde NPO-kijker is in 2017 met twee jaar gestegen naar 58 jaar. Ter vergelijking: de gemiddelde leeftijd van de Nederlander is ruim 41 jaar, de RTL-kijker is 51 jaar, en de SBS-kijker is 52 jaar.

De NPO probeert de kijkers onder de vijftig online te bereiken. De Raad voor Cultuur zei eerder dat de omroep hier te weinig geld voor uittrok. De NPO wijst op de verbouwing van de terugkijksite NPO Start (1 miljoen aangeklikte video’s per dag), op de jongerensite NPO3.nl (800.000 bezoekers per maand), en op de crossmediale projecten, zoals de app bij Wie is de Mol (350.000 bezoekers per week).

De NPO voerde in 2017 een ‘amusementstoets’ in, om te kijken of het amusement voldoet aan de maatstaven van de minister, die lichte kost alleen onder voorwaarden toestaat. Het amusement mag bijvoorbeeld worden ingezet om moeilijk te bereiken doelgroepen (mensen onder de vijftig) binnen te halen, en vast te houden voor serieuzer aanbod. Volgens de NPO voldeed 95 procent van het amusement daaraan.

Daarmee moet aangetekend dat de NPO een zeer nauwe definitie van amusement hanteert. Volgens die definitie wordt slechts 3,2 procent van de zendtijd gevuld met amusement. Volgens het jaarverslag komt er op alle NPO-zenders één op de vijf dagen een amusementsprogramma voorbij. Onder meer Boer zoekt Vrouw (KRO-NCRV ) en De Curling Quiz (AVRO-TROS) worden ‘amusement’ genoemd.

Kritische noten

De enige kritische noten in het verder zeer positieve jaarverslag komen uit het panel van tien niet nader genoemde experts, dat programma’s beoordeelt die onder de maat presteren (rapportcijfer 7,5 of minder). Deze experts kritiseren de hoeveelheid programma met bekende Nederlanders, vooral als zij worden geplaatst in „bedachte, extreme situaties om dan te kijken wat er gebeurt”. Ook vinden ze dat bepaalde programma’s te veel overkomen als promotiefilms van bedrijven en instellingen.

De experts zien dat het beter gaat met de diversiteit op tv, maar dat deze nog te weinig tot uiting komt in de inhoud. Het valt de experts op dat omroep meer dan voorheen aandacht heeft voor het dagelijkse leven van ‘gewone mensen’. Dat juichen ze toe.

Correctie: In een eerdere versie stond dat de finale van het WK voetbal 4,1 miljoen mensen trok, maar dit was het EK voetbal. Verder stond in een eerdere versie: “Het gaat om mensen die per week minstens een kwartier aaneengesloten tv keken.” Het gaat echter ook om mensen die radio luisterden of online video keken. Dit is aangepast.

    • Wilfred Takken