Energietransitie kan voor minder geld

Klimaatakkoord

De voorgenomen halvering van broeikasgassen wordt minder duur. Verder wordt de betwiste opslag van CO2 sterk gereduceerd.

Tussen Heerhugowaard en Alkmaar ligt ‘Stad van de Zon’, de energiezuinige huizen zijn uitgerust met zonnepanelen. Foto Siebe Swart

Het kabinet heeft met een maand vertraging toch een boodschappenlijstje gepresenteerd om de Nederlandse CO2-uitstoot te halveren, zoals in oktober in het regeerakkoord is afgesproken. Donderdagmiddag stuurde het kabinet een brief naar de Tweede Kamer.

Daaruit blijkt dat een zeer betwiste maatregel wordt beperkt: het kabinet zet veel minder in op CO2-afvang en -opslag. Van die maatregel zei de industriesector daags na de presentatie van het regeerakkoord al dat dit onhaalbaar is. Het kabinet kiest er echter ook voor om de landbouwsector grotendeels te ontzien.

Het kabinet krijgt ook een meevaller: het klimaat- en energiebeleid blijkt goedkoper dan eerder geraamd. Het kabinetsbeleid gaat de samenleving maximaal 3 miljard euro extra per jaar kosten. Een jaar geleden werd door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) nog op 3,5 à 5,5 miljard euro aan extra kosten gerekend. „Deels komt dat door lagere kosten van wind en zon”, aldus PBL-onderzoeker Robert Koelemeijer. Het kabinet spreekt van „een aanzienlijke kostendaling”.

De kabinetsbrief vormt een herziening van het klimaatbeleid uit het regeerakkoord. Daarin werd afgesproken om in 2030 de uitstoot van broeikasgas met 49 procent te verminderen ten opzichte van 1990. In het akkoord werd voor vijf sectoren (elektriciteit, industrie, landbouw en natuur, gebouwde omgeving en verkeer) „indicatief” bepaald hoeveel CO2 ze dienen te besparen. Veel maatregelen waren in het najaar echter nog niet uitgewerkt of doorgerekend; dat zou het PBL doen.

Het PBL-rapport was eind maart af, maar openbaarmaking door het kabinet liet al die tijd op zich wachten. Inmiddels wordt er al sinds april met het bedrijven en maatschappelijke organisaties onderhandeld over de invulling van het klimaatbeleid, maar zonder de vijf ‘boodschappenlijstjes’ voor de sectoren. Doel is om vóór de zomervakantie een eerste versie van het klimaatakkoord gereed te hebben.

Ingewijden zeiden woensdag in NRC dat onderhandelaars „met smart” wachten op een concrete doelstelling. Volgens ingewijden was er binnen het kabinet discussie over een zwaardere aanpak van de landbouwsector. Die is grotendeels van de baan, blijkt uit de kabinetsbrief.

Een belangrijk nieuw gegeven is dat er minder CO2-uitstoot gereduceerd moet worden dan was ingeschat: 45 miljoen ton (megaton) in plaats van 56 miljoen. Dat komt doordat de energietransitie ook zónder nieuw beleid sneller gaat, en dat verklaart ook deels de lagere kosten. „We zijn wat optimistischer”, zegt Koelemeijer. Als wind- en zonnestroom goedkoper worden, drukken ze gascentrales uit de markt.

Politiek gezien is de pikantste bijsturing van het regeerakkoord dat er minder wordt ingezet op CO2-opslag. Aanvankelijk ging het kabinet ervan uit om in 2030 jaarlijks 20 miljoen ton CO2 in de bodem op te slaan. „Dat was erg aan de hoge kant”, zegt PBL-onderzoeker Bert Daniëls.

Het kabinet rekent nu op 7 miljoen ton. Volgens het PBL is dat „nog steeds belangrijk” en is dit haalbaar, onder meer bij ammoniak- en waterstoffabrieken waar CO2 in vrij pure vorm uit de schoorsteen komt.

Overeind blijft dat de elektriciteitssector en de industrie samen een groot deel van de CO2-reductie voor hun rekening nemen, zoals door alle kolencentrales uiterlijk in 2030 te sluiten. De land- en tuinbouwsector mag vasthouden aan de bescheidener doelstelling uit het regeerakkoord, van 3,5 megaton.

Het PBL leverde aan het kabinet drie typen „illustratieve” pakketten voor halvering van de CO2-uitstoot, in prijs variërend van 2 tot 4 miljard euro per jaar. Het kabinet kiest daarvan een midden-optie. Daarbij worden ook wat duurdere maatregelen genomen die voorbereiden op een bijna klimaatneutraal Nederland in 2050, zoals de aanleg van warmtenetten en de verbouwing van huizen naar ‘nul op de meter’.

Anderzijds: het PBL berekende dat tegen een kostprijs waarmee eerder rekening werd gehouden (4 miljard euro) inmiddels bijna 53 procent CO2-reductie kan worden bereikt. Dat is haalbaar met extra maatregelen in industrie en in de landbouw.

Daarmee zou bijna de 55 procent bereikt zijn waarvoor ChristenUnie en D66 in hun verkiezingsprogramma’s pleitten, en waarvoor het kabinet met andere EU-landen afspraken wil gaan maken. Met dat ambitieuzere doel houdt het boodschappenlijstje van het kabinet nog geen rekening.

Het kabinet had het PBL geen advies gevraagd over de manier waarop de verdere vergroening tot stand moet komen. In het regeerakkoord was al bepaald dat er een CO2-prijs komt voor de elektriciteitssector, maar daarnaast kunnen subsidies, normen of belastingmaatregelen ingevoerd worden. Dat is nu aan de onderhandelaars aan de klimaattafels.

    • Hester van Santen
    • Erik van der Walle