‘Wonen is in dit huis echt een werkwoord’

Spitsuur Noortje Veerman (32) en Jan-Willem van der Male (33), allebei zzp’er, bouwden een zelfvoorzienend ‘tiny house’. „Het voordeel van hypotheekloos leven is dat we niet per se 40 uur per week hoeven te werken.”

Jan-Willem: „Mensen vragen vaak of we snel ruzie hebben, maar dat is niet zo.” Noortje: „Als er een confrontatie is, dan is die er ook meteen, want je kunt elkaar hier niet uit de weg gaan.”

Jan-Willem: „Voordat we in dit huis gingen wonen, hadden we vrij specifieke woonwensen: geen hypotheek, zelf bouwen en een unieke locatie.”

Noortje: „Eerst hebben we anti-kraak gewoond in Rotterdam-Zuid, om geld te besparen.”

Jan-Willem: „Dat was in een vooroorlogs schoolgebouw.”

Noortje: „Heel tof, we woonden in twee schoollokalen naast elkaar, met van die kleine kinderwc’tjes.”

Jan-Willem: „Maar de combinatie van onze drie wensen bleek heel lastig.”

Noortje: „We dachten eerst aan een kluswoning, een camper of een yurt.”

Jan-Willem: „Uiteindelijk hebben we voor een tiny house gekozen. Dat had als voordeel dat we nóg een woonwens konden realiseren: zelfvoorzienend leven.”

Noortje: „We wonen nu op achttien vierkante meter, super gezellig!”

Jan-Willem: „Mensen vragen vaak of we snel ruzie hebben, maar dat is niet zo.”

Noortje: „Als er een confrontatie is, dan is die er ook meteen, want je kunt elkaar hier niet uit de weg gaan.”

Jan-Willem: „Opkroppen kan niet, nee.”

Noortje: „Het pionieren trok ons aan. Het enige wat we hebben laten bouwen, is de trailer waarop ons tiny house staat.”

Jan-Willem: „Toen moesten we alleen nog een plek hebben om te wonen. De gemeente Rotterdam was heel enthousiast. Zo zijn we op een braakliggend terreintje op Heijplaat terechtgekomen. Er zou hier een nieuwbouwwijk komen, maar dat ging door de crisis niet door. Helaas moeten we eind dit jaar wel weg, want de wijk wordt nu alsnog gebouwd.”

Noortje: „We hebben al diverse nieuwe plekken op het oog. Er zijn verschillende gemeenten die willen experimenteren met locaties voor tiny houses.”

Wonen is hier een werkwoord

Noortje: „Ik heb museologie gestudeerd en heb in diverse musea gewerkt. Ik ben nu als zzp’er een expositie aan het maken over tiny houses in de bibliotheek in Rotterdam. Ik ben echt een regelaar. Ik werk ook als opruimcoach.”

Jan-Willem: „Ik heb bouwkunde gestudeerd in Rotterdam en architectuur in Delft. Ik ben nu freelance architect. Ik leg me toe op experimentele architectuur. Ik ben nu bijvoorbeeld een boomhut aan het ontwerpen voor een particulier.”

Noortje: „En samen hebben we de Tiny House Academy opgezet.”

Jan-Willem: „We geven les in het ontwerpen en bouwen van een mini-huis. Dat kan een tuinhuisje zijn, maar ook een containerwoning. We organiseren open dagen en cursussen. De bedoeling is dat de Tiny House Academy zo groot wordt dat we ervan kunnen leven.”

Noortje: „Een tiny house is niet voor iedereen geschikt. Je hebt niet automatisch elektriciteit, water en riolering.”

Jan-Willem: „Ons huis is echt een testhuis, we leren heel veel. Wonen is in een tiny house een werkwoord.”

Noortje: „Je kunt een tiny house net zo duur maken als je zelf wilt. Ons huis heeft 35.000 euro gekost en we betalen 540 euro per jaar voor de plek.”

Jan-Willem: „En ik heb er zeven maanden aan arbeidsuren in zitten. Het huis is zelfvoorzienend. We hebben zonnepanelen, met twee batterijen voor als er geen zon is. En een composttoilet, zodat we niet hoeven doorspoelen. Verder hebben we een warmtewisselaar voor de boiler en een piepkleine houtkachel.”

Noortje: „We strijken met twee oude bouten die we op de kachel opwarmen en we hebben tuinmeubels gemaakt van pallets.”

Jan-Willem: „We vangen regenwater op en ons afvalwater wordt gezuiverd door een helofytenfilter.”

Noortje: „Alleen qua voedsel zijn we niet zelfvoorzienend. Maar op een volgende plek wil ik graag kippen en een moestuin samen met de buren.”

Een afbetaald huis

Noortje: „Ik ben zzp’er geworden omdat dat financieel mogelijk was zonder hypotheek.”

Jan-Willem: „Ik had een afbetaald huis gepland voor op mijn 40ste of 50ste, maar dat hebben we nu dus al.”

Noortje: „Als ik nu in vaste dienst had gewerkt, zouden we er financieel heel relaxed bij zitten. Maar ik ben in februari gestart als zzp’er, dus de inkomsten laten nog even op zich wachten. Het voordeel van hypotheekloos leven is dat we niet per se 40 uur per week hoeven te werken. Al steken we heel veel uren in de Academy en in vrijwilligerswerk. Ik begeleid verstandelijk gehandicapten bij toneelspelen. Dat vind ik belangrijk.”

Jan-Willem: „En ons huis is ook ons werk. We verkopen letterlijk de kennis die we opdoen in ons huis. Ik denk dat we nu ongeveer een kwart modaal verdienen samen. Maar we halen ook waarde uit keuzevrijheid en onafhankelijkheid.”

Noortje: „Ik vind het leven als zzp’er nog best lastig. Ik heb heel lang in het patroon van werken-verdienen-uitgeven gezeten. Ik had altijd geld en kon altijd sparen. Dat is nu voorbij. Al scheelt het natuurlijk dat we nauwelijks lasten hebben.”

Jan-Willem: „We geven geld uit aan de zorgverzekering, de auto, de telefoon en aan mijn karatetraining.”

Noortje: „En we vinden het leuk om de stad in te gaan om wat te drinken of voor een concert. Deze maand doen we de laatste afbetaling aan mijn ouders, van wie we geld hebben geleend om het huis te bouwen.”

Jan-Willem: „In januari hebben we een dure reis gemaakt, naar Australië. Toen was onze buffer op.”

Noortje: „Maar ons Mercedesbusje is tevens een campertje, dus daarmee kunnen we ook gaan kamperen bij vrienden. Ja, je zult op bepaalde punten altijd afhankelijk blijven van anderen. Maar dat vinden we ook leuk en belangrijk.”

    • Friederike de Raat