VS nemen weer een Chinees bedrijf op de korrel

Zware maatregelen Sancties dreigen voor Huawei, de op twee na grootste smartphoneproducent ter wereld. Het zou een klap zijn voor China’s telecomsector.

Het onderzoek naar Huawei lijkt ingegeven door irritatie en angst. Foto Mark Schiefelbein / AP

Na het Chinese telecombedrijf ZTE komt ook Huawei in zwaar weer terecht. Het Amerikaanse ministerie van Justitie is een onderzoek begonnen naar Huawei, omdat het de Amerikaanse sancties tegen Iran zou hebben geschonden. Het zou Amerikaanse technologie hebben doorverkocht aan dat land. Dat meldde de Amerikaanse krant The Wall Street Journal woensdag.

Huawei is de grootste producent van telecomapparatuur ter wereld. Het is in omvang ook de derde maker van smartphones, na Apple en Samsung.

Lees ook: Huawei werd groot tijdens de mobiele revolutie in China door onder meer radicaal te outsourcen, om zo een concurrent te worden van Apple.

Het onderzoek naar Huawei volgt ruim een week na een zware maatregel tegen de andere Chinese telecomreus ZTE. Dat bedrijf mag zeven jaar lang geen Amerikaanse technologie meer kopen, omdat het die technologie heeft doorverkocht aan Iran en Noord-Korea. Dat bekende het bedrijf al in 2017. Het betaalde toen niet alleen een hoge boete, maar beloofde ook vier hoge werknemers te ontslaan en de bonus van 35 anderen te korten. Dat laatste gebeurde uiteindelijk niet, en daarom kreeg het eerder deze maand de strafmaatregel opgelegd.

Cruciale technologie

Als het ministerie nu ook sancties oplegt aan Huawei, dan is dat een ongekende klap voor China’s telecomsector. China produceert zelf nog geen hoogwaardige chips en andere cruciale technologie. Die is onder meer nodig voor de productie van de nieuwste modellen smartphones. Het land is daarin nog steeds afhankelijk van vooral Amerikaanse technologie.

De ongekend strenge reactie op de leveranties van ZTE en nu het onderzoek naar Huawei lijken vooral ingegeven door een combinatie van irritatie en angst. De Amerikaanse overheid, en zeker ook de Amerikaanse president Trump, vindt dat China zijn bedrijven ertoe aanzet om hoe dan ook aan Amerikaanse technologie te komen. Ook als dat gaat via spionage en diefstal van intellectueel eigendom. De VS hebben er moeite mee dat Amerikaanse bedrijven in China worden gedwongen om technologie over te dragen aan Chinese partners als ze zich in daar willen vestigen, terwijl China van zijn kant volop gebruik maakt van de relatief open Amerikaanse markt.

De maatregelen lijken ook gedreven door de idee dat de VS China nu wel moeten stoppen, omdat de VS anders misschien te laat zijn. De angst is dat de Chinese telecomsector misschien over een paar jaar al niet meer afhankelijk is van Amerikaanse technologie.

Het is de Chinese president Xi Jinping zelf die deze angst heeft aangewakkerd. Hij wijst er sinds zijn aantreden in 2012 steeds weer op dat China niet afhankelijk moet blijven van buitenlandse technologie, omdat dat grote veiligheidsrisico’s met zich meebrengt. Zo zei hij onder meer: „Zware afhankelijkheid van geïmporteerde cruciale technologie is net als ons huis bouwen op de muren van iemand anders: hoe groot of mooi het ook is, het blijft niet overeind tijdens een storm.”

Die woorden lijken nu profetisch: de telecomsector in China wordt zwaar geraakt en er is nog even geen alternatief voorhanden.

    • Garrie van Pinxteren