Tentoonstelling over de jonge jaren van Willem van Oranje aan het front

Tentoonstelling Willem van Oranje werd gevormd in de oorlogen waarin hij vocht voor Karel V. Dit leert een expositie over Willems jonge jaren.

Koning Willem-Alexander opende dinsdag in het Nationaal Militair Museum in Soesterberg een tentoonstelling over Willem van Oranje. Foto Koen van Weel/ANP

„Zo’n ontdekking doe je als historicus maar één keer in je leven.” Louis Sloos, conservator van het Nationaal Militair Museum, staat voor de vitrine met daarin het pronkstuk van de tentoonstelling Willem, die dinsdag door koning Willem -Alexander is geopend. Een prachtig opgepoetste bevelhebbersstaf ligt achter glas te glimmen. Het door Willem van Oranje uitgereikte onderscheidingsteken werd op 14 april 1574 door de Spanjaarden buitgemaakt bij de door de opstandige Nederlanders verloren slag op de Mookerheide. Via de familie van Luis de Requesens, de Spaanse landvoogd van de Nederlanden, kwam het begin vorige eeuw terecht in een jezuïetenklooster bij Barcelona. Daar speurde Sloos de staf twee jaar geleden op.

Willem van Oranje (1533-1584) geschilderd door Anthonie Mor, omstreeks 1554

In de tentoonstelling staan de afkomst, opvoeding, opleiding en praktijkervaring van de jonge Willem van Oranje centraal. Aanleiding voor de expositie is het 450ste gedenkjaar van het begin van de Nederlandse Opstand, die later overging in de Tachtigjarige oorlog. Voor het beginnen van deze Opstand had Willem volgens de samenstellers veel baat bij de ervaringen die hij opdeed toen hij vocht voor zijn heer Karel V. Karel was het hoofd van het Spaans-Oostenrijkse vorstenhuis Habsburg, dat onder veel meer heerste over de Nederlanden. „Aan deze cruciale fase uit het leven van Oranje wordt over het algemeen weinig aandacht besteed”, zegt Sloos: „En als dat al gebeurt, spreekt men vaak wat geringschattend over de prestaties van Oranje uit die tijd. Ik ben van mening dat dit onterecht is.”

De jonge Willem was betrokken bij tal van gevechten en belegeringen in de oorlog die de Habsburgers uitvochten met het Frankrijk van de Bourbons. Hij voerde een zogenoemde bende van ordonnantie aan, een eenheid van adellijke ruiters. „Willem heeft in die periode een aantal keer aan de vooravond van een gevecht zijn testament opgemaakt, wat erop wijst dat hij zich echt aan het front bevond.”

Willem gaf te kennen dat hij graag in Breda begraven zou willen worden. Sloos: „Daar kwam het uiteindelijk niet van, omdat die stad in handen was van de Spanjaarden toen hij in 1584 werd vermoord.”

De staf

De door Willem uitgereikte staf werd tien jaar voor zijn dood op de Mookerheide verloren. Sloos is er nog niet achter aan wie de staf toebehoort. „Ik kwam hem op het spoor in een boek van in vergetelheid geraakte Belgische historicus Robert Van Roosbroeck. Die collaboreerde in beide wereldoorlogen met de Duitsers, dus dat verklaart misschien waarom niemand hem nu meer leest. Onterecht, wat mij betreft, want hij schreef goede boeken. In een van zijn werken kwam ik een kleine zwartwit-foto tegen van de staf, met behalve de vindplaats geen verdere informatie. Het was prachtig om er in dat klooster achter te komen dat hij ooit in handen van Willem van Oranje is geweest.”

De tentoonstelling bevat naast de bevelhebbersstaf nog een aantal stukken die voor het eerst samen te zien zijn in Nederland, zoals de vergulde zilveren pronkbeker die Karel V schonk aan Willems schoonvader Maximiliaan van Egmont. Ook hangt er een schilderij van Willems echtgenote Anna van Egmont, dat afkomstig is uit het Palazzo Ducale in Mantova.

Willem van Oranje kreeg er vorig jaar flink van langs in het boek Willem van Oranje. De opportunistische Vader des Vaderlands van Aron Brouwer en Marthijn Wouters, die hem afschilderden als een windvaan. Sloos heeft het gedeelte van het boek dat de periode die zijn tentoonstelling behandelt met extra veel aandacht gelezen. Hij was niet onder de indruk. „Het is duidelijk dat de auteurs met een vooropgezet idee aan de slag zijn gegaan. Ze gebruiken weinig relevante bronnen voor deze tijd.”

Een ‘eerherstel’ wil hij de tentoonstelling Willem niet noemen. „Welnee, wij hebben gewoon onbevangen gekeken naar het leven van de jonge prins en deze belangrijke, vormende periode uit zijn leven de aandacht gegeven die ze verdient.”

‘Willem’ loopt tot 28 oktober in het Nationaal Militair Museum in Soesterberg.
    • Bart Funnekotter