Voor deze moeder blijft gezond eten een dagelijkse strijd

Interview Elif Özalp (38) heeft drie zoons (6, 10 en 15). De oudste had al jong een te hoog cholesterol, maar gezond eten blijft moeilijk. „Ik heb liever geen strijd.”

Illustratie XF&M

‘In theorie weet ik het allemaal wel. Hoe groot de porties mogen zijn, hoe vaak per dag je mag eten, geen junkfood. Maar het is te makkelijk om naar slecht te grijpen.” Elif Özalp (38) is moeder van drie jongens, Ayhan (6), Batuhan (10) en Emirhan (15). De oudste twee hebben overgewicht. Emirhan had al jong een te hoog cholesterol, waardoor ze bij de jongste twee meer oplet. Maar gezond eten blijft een dagelijkse strijd. En de stappen die ze met haar gezin moet nemen, zijn vaak gewoon te groot.

„Batuhan ontbeet nooit. De diëtist zei: geef een gekookt ei, maar dat wil hij niet. Dus bak ik nu een eitje voor ze. Dan moet ik wel opletten dat het maar één ei is, en niet meer dan twee sneetjes brood. Soms kies je voor het minst slechte. Ontbijten met een gebakken ei is minder ongezond dan onderweg naar school bij de bakker een broodje frikandel halen.”

Elif Özalp vertelt haar verhaal in het Sloterparkbad, het zwembad in Amsterdam-West waar ze een paar keer per week met haar kinderen zwemt. Batuhan zit ook nog op korfbal, trampolinespringen, kickboksen – „ik vind het soms bijna knap dat hij nog aankomt”. Ze bakt echt niet meer elke dag frietjes of een hamburger als de jongens ’s middags uit school komen. Maar als Ayhan zijn best heeft gedaan bij logopedie, mag hij daarna best een vette snack, hij eet al gezonder dan de anderen.

Toen Emirhan klein was en niet met de pot wilde mee-eten, zei mijn partner vaak: ‘dan bak je toch even een patatje?

Elif Özalp

Het zijn patronen die diep ingebakken zijn. „Mijn moeder heeft weleens gezegd: heb ik het niet goed gedaan? Ik zie dat je met jouw kinderen hetzelfde doet als wat ik deed. Ik begon toen ik 6 jaar was ook al flink te groeien.”

Özalp en haar zoons doen nu voor de derde keer mee aan LEFF, een landelijk programma dat kinderen met overgewicht en hun ouders helpt gezonder te leven. „Als ik met LEFF meedoe gaat het heel goed, de kinderen zijn ook gemotiveerd. Maar het zakt ook snel weer weg.”

NRC vroeg lezers naar hun (op)voedkwesties en hoe ze die proberen op te lossen: ‘Betrek je kinderen in het inkopen en klaarmaken van eten’

Toch is er wel iets veranderd. Haar jongste zoon vindt een broodje met kaas en komkommer óók lekker. En frisdrank koopt ze niet meer. Ze drinken nu water. Chips staat niet meer zichtbaar in de kast. „Ik heb nog wel lekkere dingen in huis, voor als er onverwachts gasten komen.”

‘Er is geen regelmaat’

Er is zoveel dat het lastig maakt. „We zijn met z’n vijven, iedereen heeft zijn eigen agenda en wil op andere momenten eten. Er is geen regelmaat. Wat Emirhan op school eet, dat zie ik niet. Als we laat eten omdat mijn partner laat thuiskomt, geef ik ze toch vaak alvast iets te eten tussendoor.”

Het zou misschien helpen als ze een grote hoge tafel had waaraan ze samen konden eten. „We eten aan de lage tafel, bij de televisie. Er past geen grote tafel in de woonkamer. Misschien zouden we bewuster eten zonder televisie. Maar mijn partner wil ook even ontspannen na een lange dag werken. En dan krijg je botsingen. Sowieso zit ik niet met mijn partner op één lijn. Toen Emirhan klein was en niet met de pot wilde mee-eten, zei hij vaak: ‘dan bak je toch even een patatje?’”

Een nieuw boek gidst ouders door de ‘voedingsjungle’. Met antwoorden op vragen als: Wanneer eet het kind met de pot mee?

In de Turkse keuken worden veel groenten gebruikt – dat is het probleem niet. „Maar ik maak snijbonen anders dan jij. Met vlees en tomatenpuree, het lijkt een beetje op soep. Dat zou genoeg moeten zijn. Ik geef er dan toch nog brood én rijst bij. Dat is eigenlijk dubbelop.”

Elif Özalp lacht veel als ze praat. Ze is een zelfverzekerde, optimistische vrouw, ze maakt zich niet snel zorgen. „Misschien doordat ik zelf nooit ziek ben geworden door mijn gewicht. En mijn kinderen worden gelukkig niet gepest.” Eten hoort bij het familieleven. Ze houdt van haar kinderen. Liefde is: je kinderen te eten geven. Hun iets weigeren is moeilijk. „Ik heb liever geen strijd.”

De telefoon gaat. „Kijk, daar heb je het al.” Het is Emirhan, wat kan ik eten, vraagt hij. „Verras me, ik hoor straks wel wat je gegeten hebt”, zegt Özalp. Het is vier uur, ze zouden eigenlijk wat fruit moeten eten, weet Özalp. „Misschien wordt het toch een frituurtje.”