Opinie

Mannen hebben een probleem

Leiderschap

Een hausse van hypermannelijkheid wereldwijd kan niet verhullen dat de witte mannetjes bang zijn, schrijft .
Illustratie Dennis Vernooij

In verschillende landen is een hausse ontstaan van hypermannelijkheid. De president van de VS gedraagt zich als een soort holbewoner, die zich als een grote aap op zijn borst slaat en vrouwen als het ware bij hun haren naar zijn grot sleept. Een Canadese filosoof, Jordan Peterson, geniet wereldwijd succes met zijn laatste bestseller waarin hij jongemannen aanspoort om pal te staan voor mannelijke autoriteit, om de weke progressieve elite het hoofd te bieden, en zich in te zetten voor een patriarchale hiërarchie die hij als iets volstrekt natuurlijks ziet. Peterson is een meer beschaafde versie van de ‘versiercoach’ Julien Blanc, die enkele jaren geleden ook in Nederland in opspraak was toen een van zijn bewonderaars, Thierry Baudet, hem gelijk gaf dat vrouwen hard moesten worden ‘gepakt’.

Dergelijke oprispingen van mannelijkheid zijn eerder voorgekomen – en hadden toen veel ernstigere politieke consequenties. Tussen de twee wereldoorlogen in was Mussolini het brandpunt van een macho cultus: de Grote Leider in rijlaarzen, handen ferm geplant in een leren riem, brallend met de kaak omhoog. Zo domineerde hij de Italiaanse massa alsof het zijn gewillige maîtresse was.

Dictators elders volgden Mussolini’s voorbeeld, vaak met potsierlijke gevolgen: denk alleen al aan de onoogelijke ir. Anton Mussert. De gelaarsde leiders waren geobsedeerd met het idee van nationaal verval, en beloofden hier met theatraal vertoon van mannelijkheid paal en perk aan te stellen. Hitler schetste het ideaal bondig in zijn beschrijving van de Hitlerjugend: Snel als windhonden, taai als leer, hard als Kruppstaal.

Het was toen gebruikelijk in die kringen om Joden te zien als een gevaarlijke macht die door heimelijke manipulatie de gezondheid van de volksgemeenschap zou ondermijnen om de wereld te domineren. Hier en daar steekt deze vorm van paranoia weer de kop op, meestal in de vorm van hetzerij tegen de Amerikaanse financier George Soros. Maar in feite lag antisemitisch geweld gecompliceerder. Joden waren ook het mikpunt van haat omdat zij werden gezien als zwak, intellectueel, bang om aanstoot te geven, kortom het tegenovergestelde van het mannelijke ideaal.

Tucht en discipline

De verheerlijking van macho en geweld bleef in de eerste helft van de 20ste eeuw niet beperkt tot de Westerse wereld. Het groteske militarisme in Japan is bekend genoeg. Maar ook in India was er iets dergelijks aan de hand. De RSS, een militante beweging die nog steeds een belangrijke invloed uitoefent op de regerende BJP partij, bootste Europese fascisten na door jongemannen in khaki uniformen tucht en discipline bij te brengen.

De reden voor de opkomst van gespierde idealen verschilde van land tot land. Meestal had het iets te maken met vernedering of angst voor vernedering. Hindoenationalisme in India van vóór de oorlog was een begrijpelijke reactie op koloniale onderdrukking. Indiërs wilden net zo sterk lijken als hun Britse overheersers.

Duitsers, en dan vooral mannen die in het leger hadden gediend, voelden zich vernederd door de nederlaag in 1918 en het Verdrag van Versailles dat erop volgde. Zij zinden op wraak, niet alleen op hun voormalige vijanden, maar op de linkse Duitsers en de Joden die hen zogenaamd een dolk in de rug hadden gestoken.

Extreem reactionaire bewegingen in Frankrijk, zoals de Action Francaise, ontstonden aan het eind van de 19de eeuw na de beschamende nederlaag tegen Pruisen in 1871. Frankrijk moest weer ruggengraat krijgen. Sommige intellectuelen zagen de Duitse bezetting in 1940 als een nodige correctie om de Fransen weer sterk te maken.

Bedillerige bazin

Maar waarom nu, en waarom met name in de VS en in Europa? Het is waar dat leidinggevende functies nog steeds overwegend worden vervuld door mannen, maar je kunt daarvan allerminst meer zeker zijn. Een reden waarom zoveel mannen een afkeer hadden van Hillary Clinton als presidentskandidaat, is dat zij hen deed denken aan een bedillerige bazin. Veel jongemannen lijken nu behoefte te hebben aan zelfhulpgoeroes en politici die beloven de mannelijke autoriteit te herstellen. Wellicht voelt een aantal van hen zich seksueel geïntimideerd door #MeToo activisme en andere vrouwelijke eisen voor gelijke rechten.

Multiculturalisme, en dan met name de aanwezigheid van moslims in het Westen, wordt ook in groeiende kringen gezien als een bedreiging. Dit is niet in de eerste plaats omdat moslims als achterlijk worden beschouwd. Integendeel, het maatschappelijke succes van sommige immigranten, net als de opkomst van vrouwen in hogere banen, is bedreigender. En dit terwijl niet-Westerse machten zoals China opdoemen om het Westen naar de kroon te steken.

Lees ook: de manier waarop Trump handen schudt is een compacte, hypermasculiene demonstratie van kracht

Hillary Clinton was de kwade bazin. Maar Barack Hussein Obama was voor velen nog iets ergers: hij was progressief en hoogopgeleid (de ‘linkse elite’), had een islamitische naam en was bovendien de zoon van een Afrikaan. Zijn presidentschap, naast de hogere status van vrouwen, het groeiende succes van immigranten en de opkomende macht van niet-Westerse landen, toonde duidelijk dat de wereld onherroepelijk is veranderd. En daarom stemden zoveel mensen op een geblondeerde bullebak die vrouwen bij de schaamharen pakt en belooft om de tijd weer terug te zetten. En toch maakt de supermannelijkheid van Donald Trump geen overtuigende indruk. Ondanks het dagelijkse gebral krijg je sterk het idee dat achter de facade van opgepompte macho een angstig wit mannetje staat die heel goed weet dat hij de wereld niet langer meer in zijn greep heeft.