Sorteer op prijs, zorg voor een spiegel en andere vrijmarkttips

Vrijmarkt Hoe trek je tijdens Koningsdag op de vrijmarkt de aandacht in die wirwar van standjes en kleedjes? Een kenner geeft tips.

Illustratie Martien ter Veen

Een spijkerjasje naast een lampenkap met franjes, een plastic brandweerauto naast antiek servies, boven op een stapel Suske&Wiske-stripboeken. Het blijft fascinerend: een keer per jaar, op Koningsdag, staat half Nederland op straat met kleding, speelgoed, interieur- en keukenspullen. Hoe richt je zo’n stand, kleedje of kraampje goed in? En hoe trek je tussen al die eendagswinkels de aandacht?

Jan de Visser (61) uit Amsterdam is in het dagelijks leven adviseur voor energiebesparing, maar op Koningsdag staat hij „als een soort Maharadja in een nylonjurk met een versierde haarband op mijn hoofd en een geldemmertje in de hand” voor zijn stand. Op tafel ligt kleding en aan rekken hangt ook van alles, kwalitatief goede spullen, zegt hij. De collega’s van zijn vriendin, die bij het Wilhelmina Kinderziekenhuis werkt, mesten in de aanloop naar Koningsdag hun kasten uit. Samen verkopen ze het, met zo’n twintig vrienden die vrijwillig helpen.

Tegen iedereen die langsloopt zegt hij: „Heb je een muntje voor het bouwen van een school in India?” Want alles wat ze op Koningsdag verdienen, gaat naar het goede doel. Afgelopen jaar was de totale opbrengst voor Familia India 2.500 euro.

Volgens cijfers van ING staat elk jaar een kwart van de volwassenen op de vrijmarkt. In totaal verwachten zij ruim 300 miljoen euro om te zetten, gemiddeld 90 euro per persoon. Mensen plakken de stoep voor hun huis af, leggen er een kleedje neer en vragen een paar euro voor spullen die nog prima een ronde mee kunnen. Sommigen doen het niet zozeer voor het geld, maar voor de sfeer. Anderen, zoals Jan de Visser, willen zoveel mogelijk verdienen.

Tips van hoofd ‘visual merchandising’

Els den Dekker uit Rotterdam is als hoofd ‘visual merchandising’ bij de Bijenkorf verantwoordelijk voor alle etalages en in de winkels voor de presentatie van de producten. Met je spullen de aandacht trekken is haar vak.

Er zijn twee uitgangspunten voor een kraam of kleedje, zegt zij. Bedenk eerst of het je gaat om ‘prijs’ of om ‘inspiratie’. Heb je een prijsgedreven kraam, presenteer je spullen dan ook op prijs. Maak een rek met kleding voor 2,50 euro, eentje met 5 euro en eentje met merkkleding voor 20 euro. „Iemand die langsloopt ziet in één oogopslag welk rek bij zijn budget past en kan daar induiken.”

Verkoop je interieurspullen, dan kun je ingerichte hoekjes maken

In mandjes of bakken kun je hetzelfde principe toepassen met sjaals, sieraden en speelgoed. Hoe schoner en ordentelijker, hoe beter. Gewassen duplo, gesorteerd op kleur of in kleine en grote sets in doorzichtige zakjes: goed idee.

Gaat het niet om de prijs maar om ‘inspiratie’, dan kun je kleding op seizoen of op kleur hangen, zegt Den Dekker. Maak onderscheid tussen zomer en winter. Op een paspop of aan hangers aan je luifel kun je complete setjes laten zien, met een tas en schoenen erbij. „Doe dat het liefst in één kledingmaat, dat stimuleert om de hele set te kopen.”

Verkoop je interieurspullen, dan kun je ingerichte hoekjes maken: een oude stoel op een kleedje, met een lamp, een radio en een antieke vaas op een houten tafeltje. „Zo zien mensen meteen of wat jij verkoopt hun smaak is.”

Trek de aandacht

Tineke Meester uit Venhuizen verkoopt elk jaar de kleding die haar drie volwassen dochters en haar zoon in de aanloop naar Koningsdag bij haar brengen. Ze is zelf van top tot teen in het oranje gekleed met zwarte en gouden accenten. „Het is een oude, gebreide onderjurk van mijn oma. Mensen vragen vaak of ze met me op de foto mogen of willen me filmen.”

Ze heeft nog een andere strategie om kopers naar haar kraam te trekken: vooraan staan bakjes met klein kinderspul. „Kinderen kijken daarin en ouders zeggen dan vaak: ‘Je hebt wel genoeg speelgoed’. Ik zeg dan: ‘Het is gratis hoor’ en dan komen de ouders ook kijken.” Bij haar kraam is „voor iedereen wel wat” en ze sorteert alles overzichtelijk in dozen. „Al het geld is voor de kinderen, ik doe het omdat ik het een leuke dag vind.” Afgelopen jaar verdiende ze 180 euro.

Het is een aanname dat een kledingrek goed werkt, zegt Els den Dekker. „Hangend werkt niet per se beter dan kleding netjes gevouwen op kleur. Het gaat erom dat mensen goed kunnen zien wat je hebt, dus áls je kleding hangt, dan frontaal.” En zet een spiegel neer, vooral vrouwen willen vaak passen, zegt ze.

Wat De Visser en Meester goed doen: bedenk iets waarmee je de aandacht trekt. Den Dekker: „Verkoop je veel meisjeskleding, hang dan roze ballonnen op. Verkoop je woonartikelen, kleed je stand dan aan met hangende plantjes, die zijn heel hip nu. Je kunt ook een banier ophangen met een slogan, het liefst een tekst met humor.”

Ga ook vooral voor je kleedje staan, niet erachter. „Zo kunnen mensen zien wie je bent en gaan ze makkelijker met je in gesprek, anders zit er een muur van kleding of spullen tussen. Je mag er best een beetje trots bij staan, rechtop, schouders naar achter.”

Miranne Kalff (41) uit Amsterdam legt het hele jaar door op zolder spullen weg voor Koningsdag. Haar drie kinderen moeten geregeld hun kamer opruimen en speelgoed waar ze klaar mee zijn naar zolder brengen. Daar belanden ook dvd’s, kleding, beautyproducten en keukenspullen.

Kalff: „Twee weken voor Koningsdag ga ik de zolder leeghalen. Speelgoed sorteer ik in manden en doorzichtige bakken. Voor de kleding heb ik stomerijhangers en een paar kledingrekken. Samen met een vriendin die ook verkoopt richten we de avond ervoor de rekken in. H&M- en Zara-spullen mogen weg voor Koningsdagprijsjes, alle merken waar we wat meer voor willen gaan samen op één rek.”

Kapotte barbies

Zo verkocht ze een winterjas van Woolrich voor 100 euro en een T-shirt van Zoë Karssen voor een tientje. „Kenners begrijpen dat ik daar meer dan 2 euro voor wil.” Ze heeft vaste klanten, mensen met dezelfde stijl en smaak die om 7 uur ’s ochtends al op de stoep staan.

In de hal van haar huis hangt een grote spiegel, daar kunnen mensen passen. Ze mogen ook naar de wc, voor 1 euro.

Elke vrijmarkt is anders, toch ziet Merel Thie er vaak dezelfde types. Van het aanwaaikind, tot de impulsaankoper. Welk type ben jij?

Er is geen peil op te trekken wat goed verkoopt, weet ze met vijftien jaar ervaring. „Vorig jaar gingen dvd’s als een dolle, toen ben ik naar binnen gelopen om er nog meer te halen. Het jaar ervoor had ik een doos vol met proefmonsters, daar wilde iedereen wat uit hebben. Suffe kookboeken deden het ook verbazingwekkend goed. En ik had een keer een doos met kapotte barbies. Een kunstenares heeft ze allemaal meegenomen.”

Als je wil dat alles aan het einde van de dag weg is, zegt Els den Dekker van de Bijenkorf, dan is het een goed idee om halverwege de dag over te gaan op presenteren op bulk en prijs. Alle tops bij elkaar, rokken bij elkaar, stapeltjes T-shirts en broeken, en duidelijk je prijzen melden.

Kalff heeft een ‘policy’: niets mag terug naar de zolder. Alles moet weg. Richting het einde van de dag gaat kleding voor 50 cent. Soms zegt ze: „Neem maar mee”. Twee jaar geleden kwam een vrouw langs die inzamelde voor een weeshuis. „Toen heb ik een hele doos rompers meegegeven. Het gaat niet om het geld verdienen, de hele dag niet. We doen het voor de sfeer, de gezelligheid in de straat, mijn man deelt champagne met aardbeien uit, mijn dochter krijgt van de buren een cupcake. Het moet wel Koningsdag blijven.”

    • Carlijn Vis