Verbetering Rdam-Zuid is taai proces

Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ)

De ambities om Zuid vooruit te helpen worden niet allemaal gehaald. Toch spreekt NPRZ-directeur Marco Pastors van een ‘majeure prestatie’, bij de presentatie van de vijfde, jaarlijkse voortgangsrapportage.

De achterstand van Rotterdam-Zuid op Rotterdam als geheel is nog groot

Beelden uit de Tarwewijk. In twintig jaar moeten duizenden woningen op op Rotterdam-Zuid gerenoveerd of gesloopt worden. Foto’s ANP

In 2031, over dertien jaar, moet Rotterdam-Zuid zich kunnen meten met Amsterdam, Den Haag, Utrecht en de rest van Rotterdam. Qua schoolprestaties, het aantal uitkeringen en de kwaliteit van woningen moet ‘Zuid’ dan niet meer achterlopen op de vier grote steden.

Met dat ambitieuze doel is in 2011 het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ) opgericht. Het is een samenwerking van Rijk en gemeente, corporaties, zorginstellingen, scholen, bedrijven, politie en justitie.

„Het begin van het herstel is er”, is de voorzichtige boodschap die NPRZ-directeur Marco Pastors deze week bij de presentatie van de vijfde, jaarlijkse voortgangsrapportage gaf. Het is een taai en traag proces: zeker de zeven ‘focuswijken’ binnen het NPRZ-gebied, zoals Carnisse en de Afrikaanderwijk, hebben nog een lange weg te gaan. Op Zuid wonen grote gemeenschappen van Turkse, Antilliaanse, Marokkaanse, Surinaamse en Oost-Europese komaf. Er zijn grote taalachterstanden, een relatief hoge werkloosheid en veel (jeugd)criminaliteit.

‘Het gat wordt kleiner’

Een verbetering ziet Pastors in de Cito-scores van leerlingen van groep 8. De leerlingen op Zuid scoorden in 2016 (meest recente cijfer) net als in het voorgaande jaar gemiddeld 530,8 punten. Bij de leerlingen in de zeven focuswijken daalde de score licht naar 529,6 punten. Maar de gemiddelde score in Nederland als geheel (534,8) en in de vier grote steden (533,7) daalde net iets meer. De achterstand van de Cito-scores op Zuid van 4 à 5 punten is zo voor het tweede jaar iets ingelopen, zegt Pastors: „Het gat is er nog wel, maar het is kleiner.”

Verder is het aantal ‘drop outs’ zonder schooldiploma op Zuid gedaald van 4,3 naar 3,6 procent in 2014-2015. Minder derdeklassers zijn qua onderwijsniveau ‘afgezakt’ ten opzichte van het advies op de basisschool.

De achterstand van Rotterdam-Zuid op Rotterdam als geheel is nog groot

Met meer leertijd, betere aansluiting van de stof, ‘inspirerend leiderschap’ en samenwerking met ouders, wordt geprobeerd schoolprestaties te verbeteren. Voor wijkteams en hulpverleners blijft het wel lastig gezinnen en scholieren op Zuid te bereiken. Een voetnoot bij de citoscores zegt veel over het leven van scholieren op Zuid. De grootste invloed op de scores heeft het opleidingsniveau van de ouders. „Daarna volgen registratie leerling als verdachte en indicatie voor psychische zorg”, staat er droogjes.

Ondanks het aantrekken van de economie en extra inzet van ambtenaren daalt het aantal werklozen op Zuid niet hard. In de eerste tien maanden van vorig jaar daalde het aantal bijstandsuitkeringen met bijna 450 naar 14.840: een daling van 0,2 procentpunt waarmee het doel van 1,5 procentpunt niet werd gehaald.

In vergelijking met de rest van Nederland, en gezien het lage opleidingsniveau en de weinige werkervaring van veel werklozen op Zuid, is dat toch een „goede prestatie”, volgens de rapportage. Pastors: „Het is een kwestie van scherpe doelen stellen. Zelfs als je die niet haalt, kun je het relatief toch goed doen.”

Grootste factor in Cito-score, na het opleidingsniveau van de ouders, is de registratie van een leerling als verdachte.

In totaal hadden medio vorig jaar 31.050 mensen binnen het NPRZ-gebied (19 procent) een uitkering voor bijstand, werkloosheid of arbeidsongeschiktheid, volgens CBS-cijfers.

Schoolverlaters die voor bijvoorbeeld de bouw, defensie of de pabo kiezen krijgen na hun opleiding een baangarantie – ook een manier om arbeidsdiscriminatie tegen te gaan. Ook wordt er geëxperimenteerd met intensieve begeleiding van werklozen, bijvoorbeeld met het regelen van kinderopvang of schuldenaanpak.

Maar het blijft lastig – soms ook omdat baanafspraken in de praktijk anders uitpakken. Samen met vier corporaties heeft de gemeente tot september vorig jaar 2.067 mensen via eigen opdrachten aan werk geholpen. Uiteindelijk bleken daar maar 1.191 Rotterdammers onder te zitten, van wie 244 van Zuid. Pastors: „Bijvoorbeeld omdat een aannemer iemand uit Roosendaal meeneemt.”

Wonen op Zuid aantrekkelijker

De hausse op de woningmarkt biedt zowel voor- als nadelen voor Zuid. Verhuizen naar Zuid begint aantrekkelijker te worden en de WOZ-waarden stijgen. Maar die stijging van de huizenprijzen maakt ook dat eigenaren van verpauperde woningen zich minder snel uit laten kopen door de gemeente, zegt Pastors. Het betekent dat de overheid meer geld moet bijleggen, want de kosten van de aankoop wogen al niet op tegen de opbrengsten van sloop en nieuwbouw.

Het is de ambitie om in twintig jaar in totaal 10.000 oude van dit soort particuliere woningen te renoveren of te vervangen. Dit jaar had het NPRZ al op 1.500 woningen willen zitten, maar het is de helft geworden: 700.

Pastors: „Een majeure prestatie, want er waren niet veel partijen die vooraf hadden durven wedden dat we op die 700 zouden uitkomen.”

Ook de corporaties hebben de eerste jaren vertraging opgelopen met renovatie en sloop- en nieuwbouw. Nu zitten ze voor het eerst op schema met jaarlijks 1.400 woningen, zegt Pastors: „Corporaties zitten toch een beetje in een wereld van: we maken flink veel plannen en daar blijft dan wel wat van over. Maar vanwege de urgentie in Rotterdam-Zuid hebben we gezegd: dit is iets te vaag, iets te sloppy. Kunnen we niet precies met elkaar afspreken wat we gaan doen? Dan zie je dat ze dat inmiddels kunnen hier. Dat vinden ze zelf ook fijn.”