Nasrallah wint prijs voor Arabische literatuur – ongeloof in Amsterdam

Arabische literatuur De Palestijns-Jordaanse schrijver Ibrahim Nasrallah is de winnaar van de Internationale Prijs voor Arabische Fictie. Op een avond voor liefhebbers van Arabische literatuur in Amsterdam hadden ze dat nooit gedacht.

Schrijver Ibrahim Nasrallah poseert met zijn boek na het winnen van de Internationale Prijs voor Arabische Fictie. Foto Karim Sahib

„Oooooh”, gonst het door de bovenzaal van het Goethe-Institut in Amsterdam als bekend wordt gemaakt dat de Palestijns-Jordaanse schrijver Ibrahim Nasrallah de winnaar is van de elfde editie van de Internationale Prijs voor Arabische Fictie (IPAF). Mariwan Kanie schudt hard het hoofd. Eerder op dinsdagavond heeft de politicoloog aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) tijdens een paneldiscussie met drie andere arabisten vernietigend gesproken over het boek The Second War of the Dog van Nasrallah. Het boek kent volgens Kanie een „moeilijke structuur”, het heeft geen plot, maar honderd korte onuitgewerkte verhalen. Het is kortom: „kwalitatief niet goed genoeg voor de shortlist”. En juist dát boek, zo meldt de jury via een Skypeverbinding vanuit Abu Dhabi, heeft gewonnen.

De ongeveer vijftig aanwezige liefhebbers van Arabische literatuur op deze ‘Nadwa’, een literaire debatavond georganiseerd door de afdeling Midden-Oostenstudies van de UvA, kunnen het moeilijk geloven. Volgens Kanie verdient de gelauwerde schrijver Nasrallah wel een prijs, „alleen niet voor dit boek”. De juryleden in Abu Dhabi erkennen dat dit niet het beste werk is van de Palestijnse schrijver, maar roemen het risico dat Nasrallah neemt met een mix van fantasy en sciencefiction en het „dystopische toekomstbeeld” dat naar voren komt. Zo ligt in zijn boek half Europa – inclusief Nederland – onder water, en wordt er gehandeld in lichamen en zielen. Het boek is overduidelijk niet alleen geschreven voor Arabische lezers.

Internationaal podium

En dat past perfect bij de doelstelling van IPAF. Deze belangrijkste literaire prijs binnen de Arabische wereld, geïnitieerd en betaald door het ministerie van Cultuur en Toerisme in Abu Dhabi, wil Arabische schrijvers een internationaal podium bieden. De winnaar krijgt niet alleen 60.000 dollar, maar ook steun en financiering voor een Engelse vertaling van het boek. Dat werpt zijn vruchten af. De winnaar uit 2014, de Iraakse schrijver Ahmed Saadawi, is met zijn boek Frankenstein in Baghdad dit jaar doorgedrongen tot de shortlist voor de prestigieuze Man Booker Prize.

Als er iemand de staat van Arabische literatuur kan beoordelen dan is het de gespreksleider van de avond, Djûke Poppinga. Zij vertaalde meer dan dertig boeken uit het Arabisch en haar laatste vertaalde werk stond op de shortlist van IPAF. Deze roman De Opgejaagden van de Syrische schrijfster Dima Wannous krijgt meer lof van het panel. Al duurt het wel erg lang voordat je doorkrijgt wie de hoofdpersonen zijn, verzuchtte een van de arabisten.

Het is juist deze „geheel andere leeservaring” die Poppinga zo aantrekt in Arabische literatuur. Volgens de vertaalster kiest Wannous er bewust voor om de lezer in verwarring achter te laten. De chaos van de hedendaagse Syrische samenleving wordt zo doorgetrokken naar de literatuur. Het zijn de schrijvers die ons de wereld tonen voorbij de alledaagse berichten over geweld in het Midden-Oosten, zegt Poppinga. Als ambassadeur voor het Arabische boek heeft ze nog een wereld te winnen vindt ze. „In de jaren tachtig, toen ik begon met vertalen, was er in de linkse beweging veel belangstelling voor verzetsliteratuur over de Palestijnse Intifada. Nu vertaal ik voor een kleine groep liefhebbers.”

    • Huib de Zeeuw