Recensie

Kunst maken op de schouders van reuzen

Galerie Frank Mandersloot presenteert in Nieuw Dakota een zaal vol objecten die verwijzen naar de kunstgeschiedenis. De bezoeker moet wel bereid zijn te studeren.

Zaalaanzicht Nieuw Dakota. Op de voorgrond: Frank Mandersloot, MUSEUMBENCH (here lies space), 2017, incl. Martin Visser lattenbank BZ, (1960-1961 / design for Stedelijk Museum Foto Gert-Jan van Rooij

Iedere keer dat een nieuw kunstwerk wordt gemaakt, gebeurt er iets met alle werken die eraan voorafgingen, schreef T.S. Eliot in 1951. Het omgekeerde is ook waar: ieder nieuw kunstwerk is het resultaat van eerdere opvattingen over kunst. Dat alles in de kunst op een bepaalde manier is voorbestemd, is een overheersende gedachte in de tentoonstelling Melting Ice van de Nederlandse kunstenaar Frank Mandersloot (57) in Nieuw Dakota in Amsterdam. De berustende ondertitel: ‘If nothing what I will do, will do, then what will I do?’ Toch maar wat maken dus, op de schouders van reuzen.

Mandersloots meest bekende kunstwerk staat bij de Amsterdamse tramhalte Rietlandpark: Voor de bijen uit 2004, een metershoge sculptuur van gestapelde tafels. De stapeling is metaforisch voor dat specifieke kruispunt, waar de tram ondergronds gaat, en fietsers, auto’s en trein elkaar treffen. Het enorme beeld gaat zo op in het drukke stadsbeeld.

Frank Mandersloot, ORAL SOURCE (the true word is a luminous fountain), 2014-2017. Foto Gert-Jan van Rooij

Net zo terloops is de kunst in Nieuw Dakota gepresenteerd. Aan het plafond hangt een flessenrek in een vijverbak met stromend water als fontein. Ernaast staat een boeddhabeeld in een urinoir, ook met stromend water. Uit de combinatie kun je opmaken dat het een verwijzing is naar Marcel Duchamp, die met het urinoir en flessenrek als ‘readymade’ kunstgeschiedenis schreef. Verderop hangt klederdracht uit Marken, staan bewerkte museumbankjes, afgietsels van beroemde Eames-designstoelen; en een serie van twintig kleitabletten met citaten van kunstenaars als Duchamp, Kazimir Malevitsj en herman de vries. De teksten zijn in de klei geperforeerd in een experimenteel lettertype van ontwerper Wim Crouwel. De prettig willekeurig aandoende verzameling staat erbij alsof het gaat om net gevonden en nog nader te bestuderen objecten.

Het is goed dat Nieuw Dakota een studieruimte heeft, er hoort een stevig pakket leesmateriaal bij Mandersloots expositie: twee lange interviews, en een boekje waarin alle teksten op de kleitabletten staan uitgeschreven. Dat is de essentiële kost, in de studiezaal liggen nog meer boeken en teksten.

„Een deel van de bezoekers zal zich misschien hulpeloos voelen”, voorspelt directeur van Nieuw Dakota Tanja Karreman in een van de interviews. Ook mensen die niks van kunst weten kunnen altijd ergens aanhaken, reageert Mandersloot. „Klederdracht is klederdracht. Een zitbank is een zitbank.” Het lijkt me wat te hoopvol, een zitbank presenteren als kunst: zonder begrip van context wekt dat eerder wrevel dan waardering.

Tegelijkertijd bereikt Mandersloot met zijn leeswerk bij de bereidwillige bezoeker wel een bedachtzame, bestuderende houding. Tijdens het lezen klettert op de achtergrond het water van de Duchamp-fonteintjes. Tijd verstrijkt, water stroomt.

    • Thomas van Huut