‘Je houdt altijd gaten in je kennis’

Zelfstudie Ook zonder een beroepsopleiding kun je een vak leren. Twee autodidacten vertellen. „Je verzamelt overal informatie.”

Fietsenmaker Ed Schinkel (52) uit Purmerend werkte twintig jaar in de bouw voordat hij een oude legerambulance kocht en ombouwde tot fietswerkplaats. Foto Joris van Gennip

Een week lang naar een oplossing zoeken voor een ingewikkeld probleem door je helemaal suf te googlen: het zal autodidacten bekend in de oren klinken. Zij leerden hun beroep in de praktijk, zonder een relevante studie of beroepsopleiding te hebben gevolgd dus.

Het is lastig om te zeggen hoeveel autodidacten er precies in Nederland zijn. Wel heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) becijferd hoeveel mensen er in banen terechtkomen die qua beroepsniveau boven of juist onder hun onderwijsniveau liggen.

Zo waren er vorig jaar 80.000 mensen die een opleiding op ‘laag’ niveau volgden, maar toch een beroep uitoefenden dat normaal een hbo- of universitaire opleiding vereist. En dat kán erop wijzen dat deze mensen hun kennis in de beroepspraktijk hebben opgedaan. Onder een ‘laag’ onderwijsniveau vallen mensen die geen diploma, een vmbo-diploma of een mbo-diploma op niveau 1 hebben. Of alleen de onderbouw van de middelbare school op havo- of vwo-niveau voltooiden.

Volgens Tanja Traag, onderzoeker bij het CBS, eindigt deze groep (een kleine vijf procent van het totaal aantal mensen met een ‘laag’ onderwijsniveau) relatief vaak als „managers in allerlei richtingen, kunstenaars en [in] een aantal ict-gerelateerde beroepen”.

Het omgekeerde komt ook voor: mensen volgden een hoog onderwijsniveau, maar komen in beroepen terecht waarvoor een lager niveau vereist is. Zo waren er in 2017 472.000 mensen die ooit een hbo- of universitaire opleiding volgden, maar eindigden in beroepen waar alleen een havo- of vwo-diploma voor vereist is of, als bovengrens, een mbo-opleiding niveau 4.

Ed Schinkel (52), fietsenmaker in Purmerend

Van kleins af aan was Ed Schinkel al bezig met fietsen. Nieuwsgierigheid zit in zijn karakter, zegt hij – een drang te willen weten hoe iets werkt. „Toen ik negen was vroeg ik aan mijn vader of ik zijn gereedschap mocht gebruiken. Dan haalde ik de bagagedrager en de spatborden van mijn fiets af en draaide het stuur om.”

Foto Joris van Gennip

De interesse in fietsen repareren bleef, toch koos Schinkel na de middelbare school voor een hbo-opleiding bouwkunde. Na het afronden van zijn opleiding ging Schinkel aan de slag bij verschillende architectenbureaus en aannemersbedrijven.

Tot hij na twintig jaar vastliep: „Het werken in loondienst begon me steeds meer tegen te staan. Als een collega een kapotte fiets had, dan liet ik gráág mijn werk vallen om daar mee bezig te gaan.” Uiteindelijk bereikte zijn frustratie een kookpunt: „Ik raakte overspannen en kwam in de ziektewet terecht.” Via een coachingtraject van het UWV stelde Schinkel een plan op om een mobiel fietsenmakersbedrijf te starten. „Dat vonden ze een goed idee. Dus ben ik veel gaan lezen, en veel gaan praten met andere fietsenmakers en rijwielhandelaren.”

Een oude legerambulance verbouwde hij tot mobiele werkplaats, klanten wierf hij via folders en online. „Na een half jaar kon ik van mijn werk als fietsenmaker leven. Nu ben ik al vier jaar bezig.”

Echte leermeesters heeft hij nooit gehad, zegt Schinkel. „Uiteindelijk is het gewoon een kwestie van veel doen, erover lezen en instructiefilmpjes bekijken op YouTube. Ik kom eigenlijk nooit meer iets tegen dat ik níet kan repareren.” Al brengt de elektrische fiets, de zogeheten e-bike, wel nieuwe uitdagingen met zich mee. „Voor die e-bikes volg ik nu toch maar trainingen.”

Heleen Emanuel (25), (freelance) front-end developer

Wie wil begrijpen wat Heleen Emanuel precies doet, moet eerst een begrip kennen: „Een front-end developer is iemand die in een speciale computertaal de voorkant van een website programmeert”, legt Emanuel uit. „Dat is hoe de site eruitziet voor gebruikers.”

Op haar elfde kreeg ze haar eerste iMac, daarop downloadde ze illegaal Adobe-software. „Daar zat een programma bij waarmee je websites kon bouwen. Daarmee bouwde ik sites met verjaardagskaarten, met plaatjes die bewogen als je er met je muis overheen ging.”

Foto Roger Cremers

Daarna programmeerde ze vijf jaar lang niet. „Ik wilde geen nerd zijn, en kreeg een steeds drukker sociaal leven.”

Op haar negentiende verhuisde ze naar Amsterdam, waar ze via een aantal stages bij webbureau Mediamatic Lab terecht kwam. „Als medewerker deed ik vooral bug-fixes: reparaties. Maar omdat ik de helpdesk-mailbox onder mijn hoede had, loste ik gaandeweg steeds meer kleine technische problemen zélf op. Na een tijdje bouwde ik ook nieuwe functies: denk aan een knop om iets op sociale media te delen. En uiteindelijke volledige webpagina’s.”

Sinds de zomer van 2016 werkt Emanuel voor de creatieve studio Momkai, bekend van het ontwerp van de website van De Correspondent.

Soms merkt Emanuel dat ze kennis mist, die andere collega’s die een studie in de richting van programmeren volgden, wél hebben. „Als autodidact houd je altijd gaten in je kennis. Je bestudeert een onderwerp niet van A tot Z, maar verzamelt overal stukjes informatie.” Al heeft dat ook voordelen: „Ik merk ook dat ik mezelf dingen heb geleerd die collega’s nooit hebben meegekregen tijdens hun studie – zo kunnen we elkaar aanvullen.”