Beschadigd overleeft Rutte debat over memo’s

Kamerdebat met premier Rutte

67 van de 150 Tweede Kamerleden stemden voor motie van afkeuring tegen premier Rutte. Zijn geloofwaardigheid is verminderd.

Premier Mark Rutte en Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) tijdens het debat over dividendbelasting. Foto: Martijn Beekman

Geen motie van wantrouwen, wel een flinke knauw in het vertrouwen van de Tweede Kamer in minister-president Rutte. Na afloop van een negen en een half uur lang durend debat over de afschaffing van de dividendbelasting liep Mark Rutte rond half één woensdagnacht nog altijd als premier de plenaire zaal uit – maar behoorlijk beschadigd.

Bijna de voltallige oppositie keurde de wijze af waarop Rutte was omgegaan met het meest omstreden voorstel in het regeerakkoord van zijn derde kabinet om de dividendbelasting af te schaffen. Op de SGP na hadden alle oppositiepartijen een motie van afkeuring ingediend. Met 76 tegen 67 stemmen werd de motie verworpen – er waren zeven Kamerleden niet meer aanwezig voor de hoofdelijke stemming op het nachtelijke uur.

De motie van afkeuring is in politieke zin het op een na sterkste middel voor het parlement om de regering op de vingers te tikken. Een motie van wantrouwen is het ultieme middel.

Geloofwaardigheid Rutte

Een aantal fracties nam nadrukkelijk wel het woord ‘vertrouwen’ – en dan vooral het gebrek daaraan – in de mond. Lilian Marijnissen van de SP zei in haar toelichting letterlijk dat „het vertrouwen in de minister-president weg was”. Volgens Lodewijk Asscher had premier Rutte zijn PvdA-fractie in het debat „niet overtuigd dat hij geloofwaardig kan functioneren”. Geert Wilders van de PVV ging, zoals wel vaker retorisch een stap verder: „Het wordt tijd dat de premier opstapt en niet meer terugkomt.” Maar de motie van wantrouwen waar hij in de eerste termijn mee had geschermd, diende hij niet in.

Na afloop van het debat wilde Rutte niet direct inhoudelijk reageren op de terechtwijzing die hij van de oppositie had gekregen. Hij zei een dag nodig te hebben om te kunnen „reflecteren”. „Ik zal morgen vertellen hoe de motie bij mij is aangekomen.”

Wet openbaarheid van bestuur

Het slepende debat ging niet over hoe de coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie tot het besluit voor het afschaffen van de dividendbelasting was gekomen. Wel over of de interne stukken daarachter nou wel of niet hadden bestaan. Aanvankelijk had het kabinet beweerd dat dergelijke memo’s er niet waren geweest. Het besluit was aan het eind van de lange formatie vorig jaar genomen om Nederland aantrekkelijker te maken voor internationale bedrijven. De oppositie kon dat lastig geloven omdat deze maatregel de schatkist 1,4 miljard euro per jaar kost – dat besluit je niet op een achternamiddag zonder onderbouwing.

Lees ook: Rutte zocht woensdag tijdens het slepende debat zijn toevlucht in een woordenspel over de dividendbelasting. Er werd gesproken over wat een ‘memo’ en wat ‘ter tafel liggen’ eigenlijk is.

Met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) hadden twee onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam achterhaald dat er wel degelijk ambtelijke stukken over de dividendbelasting ten behoeve van de formatie waren geschreven – de UvA kreeg ze echter niet toegestuurd. Maar omdat Rutte op zijn minst twijfel had gezaaid –hij erkende dat inmiddels ook zelf – over het bestaan van de documenten had het kabinet ze bij hoge uitzondering eerder deze week toch openbaar gemaakt.

Notitie Wiebes

Het meest opvallende stuk in dat dossier was een door minister Eric Wiebes (Economische Zaken, VVD) geschreven notitie die door Rutte was gebruikt in de formatieonderhandelingen. Wiebes was vorig jaar nog staatssecretaris van Financiën. Omdat ook Wiebes had beweerd dat hij van een dergelijke memo niets wist – vorige week tegenover RTL Nieuws – moest ook hij naar de Tweede Kamer komen voor tekst en uitleg. Die gaf hij soepel en met flair – er werden hem nauwelijks lastige vragen gesteld.

Inhoudelijk ging het woensdag nog maar een klein beetje over de inhoud van de kostbare fiscale maatregel, die vooral ten goede komt aan buitenlandse beleggers van beursgenoteerde ondernemingen. Geen enkele oppositiepartij vindt het een goed plan.

Om die reden was het opvallend dat het twee coalitiegenoten van Rutte waren, Sybrand Buma (CDA) en Alexander Pechtold (D66), die woensdag verklaarden opnieuw te willen praten over „ het belang van deze maatregel voor het vestigingsklimaat”, zoals Pechtold het omschreef. Dat tot nu toe meest genoemde argument werd in meerdere interne memo’s van het ministerie van Financiën juist in twijfel getrokken.

Het schrappen van de dividendbelasting wordt pas dit najaar in de Tweede Kamer behandeld. Op dit moment spreken de coalitiepartijen achter de schermen over de voorjaarsnota, waarin naar het zich laat aanzien een flinke tegenvaller van zeker enkele honderden miljoenen moet worden opgevangen wegens het ingrijpende besluit om de gasproductie in Groningen af te bouwen tot nul.

Correctie (26 april 2018): In een eerdere versie van dit stuk was in een opsomming door een typefout sprake van de partij VDA. Dit moest CDA zijn.

    • Thijs Niemantsverdriet
    • Philip de Witt Wijnen