Recensie

Massale slachtpartijen in op één na laatste Avengers-film

Superhelden Misschien wel te veel superhelden, maar toch een spannende, vermakelijke en zelfs ontroerende film. En niet alle helden overleven. ●●●●

De Avengers, o.a. met in het midden Captain America (Chris Evans) en rechts Black Panther (Chadwick Boseman) nemen het op tegen superschurk Thanos.

Op de poster van Avengers: Infinity War prijken liefst 23 superhelden: iets te veel van het goede. Marvel suggereert al lang dat er iets onherroepelijks gebeurt in dit tweedelige sluitstuk van zijn tienjarige, twintigdelige Avengerserie. Contracten met acteurs lopen af. Bovendien: het ‘Marvelverse’, de filmwereld waar de avonturen zich afspelen, raakt overbegraasd.

Van welke grote grazers nemen we afscheid? Van het superheldenteam Avengers lieten Robert Downey jr. (leider Iron Man) en Chris Evans (geweten Captain America) al doorschemeren het spandex beu te zijn. Ook voor de anderen – dondergod Thor, driftkikker Hulk – staan al potentiële opvolgers klaar: de trippy magiër Doctor Strange, krimpkampioen Ant-Man, olijke puber Spider-Man, Afrofuturist Black Panther.

Spider-Man/Peter Parker (Tom Holland)

Dus kan de slachting beginnen. Schurk van dienst is Thanos, een loebas die zich al eerder liet zien zonder veel schade aan te richten. In Guardians of the Galaxy was hij de afwezige, barse papa van twee jaloerse zusjes: de één groen, de ander blauw. Nu blijkt hij ondanks zijn malle ribbelkin een boeiende schurk, want vol goeie bedoelingen. Ooit verging zijn thuisplaneet omdat niemand luisterde naar Thanos’ radicale kuur: willekeurige halvering van de populatie. Dat ‘in balans brengen’ werd sindsdien een idee-fixe: in Infinity War jaagt Thanos op de zes Stenen van Oneindigheid waarmee hij deze milieumaatregel in een vingerknip op galactische schaal kan doorvoeren.

De helft: dat is op zich een bescheiden inzet. In superheldenfilms dreigt doorgaans totale vernietiging van vrijheid/mensheid/melkweg/universum. Maar het verschil is dat het ernst is. „Geen wederopstandingen ditmaal”, bast Thanos al na vijf minuten en een massamoord, waarna hij een geliefd personage wurgt. Dat zet de toon.

Lees meer over hoe universums zoals Star Wars en Marvels Avengers gecreëerd worden: Bouwen aan een universum

Wie gaan er dood? Daarover zwijg ik: in een voorfilmpje waarschuwt Marvel het publiek expliciet voor ‘spoilers’. Maar laat ik het zo zeggen : Game of Thrones is er kinderspel bij. Marvelfans zullen „Oh My God, Oh My God”-mompelend de zaal verlaten. Een opstandje van fans, zoals na het jongste, onorthodoxe deel van Star Wars is niet uit te sluiten.

Dat ligt niet zozeer aan de film, die veel biedt van hetzelfde. Twee dozijn superhelden – Avengers plus de misfits van Guardians of the Galaxy – doorkruisen in vijf teams de aarde en het heelal om de kleurige steentjes uit Thanos’ gouden handschoen te houden. Zo vliegt Doctor Strange met Iron- en Spider-Man in een donutvormig ruimteschip-annex-martelkamer naar diens thuiswereld, gaat Thor met wasbeer Rocket en boommens Groot op zoek naar een strijdbijl en wordt het Afrikaanse koninkrijk Wakanda toneel van een enorme veldslag.

Falcon (Anthony Mackie) boven het slagveld van Wakanda

En zo nog wat. De hectiek is bekend: ademloze uitleg, guitige oneliners, vechten met explosie en dan hetzelfde in een ander, nog adembenemender decor. Dat levert soms migraine op, maar de broertjes Russo verdienen lof dat ze in dit dichte kreupelhout van personages een film vonden die vermaakt en bij vlagen ontroert. Want het verlies, de rouw en het sterven is verrassend en massaal.

Te massaal misschien: als de dood echt het eind is, betekent Infinity War kolossale kapitaalvernietiging voor Marvel. Gelukkig is dat zelden het geval, wat Thanos ook beweert. En kunnen fans dus een jaar speculeren welke kadavers er uit de dood herrijzen. Toch maar wat spoilers? Peter Dinklage – Tyrion Lannister in Game of Thrones – speelt een reus. En Hulk weigert dienst.