Recensie

‘Soul #2: performer’ maakt de zieleroerselen van dansers niet tastbaar

In ‘Soul #2’ maakt de choreografie van duo Meyer & Chaffaud een willekeurige indruk. Gebrek aan een scherpe, thematische focus wreekt zich.

Uit ‘Soul #2: Performer door choreografenduo Meyer & Chaffaud Foto Robert Benschop

Als toeschouwer kun je een voorstelling slechter in gaan dan aan de hand van David Krügel, jarenlang een van de karaktervolle dansers van het 40-plus gezelschap NDT3.

Andere toeschouwers worden door collega-bezoekers of een van de andere zes dansers over de speelvloer geleid, met de ogen dicht. Het moet een vertrouwensband creëren tussen publiek en performers, net als de gezamenlijk geïmproviseerde groepssculpturen.

Deze openingsscène linkt Soul #2 aan Soul #1 Audience (2017), waarin choreografen Jérôme Meyer en Isabelle Chaffaud het publiek centraal stelden om de traditionele afstand tussen toneel en zaal te doorbreken. In dit tweede deel van een te voltooien tetralogie wordt de schijnwerper gericht op de ziel en de beweegredenen van de danser.

Je zou kunnen denken dat het in Soul #2 nog steeds om het publiek gaat, dat hier dicht om de speelvloer zit.

Het imitatie-duet van een danseres en een vrijwilliger uit het publiek en de ‘participarty’ vlak voor het einde wekken enigszins de indruk dat er nog wat materiaal over was van Soul #1.

Verlegen

Nu en dan wordt de dansersziel expliciet bevraagd en becommentarieerd. Waarom dans je, waaraan meet je je succes af, voel je je verbonden met de danshistorie, vraagt een (slecht verstaanbare) danser.

Op zichzelf zijn dat interessante vragen, maar een bekentenis als „Ik was best verlegen” of een beschouwinkje over de vrijheid van „dit parallelle universum” zijn weinig verrassend of verhelderend.

Organische bewegingen

In de danstaal van Meyer en Chaffaud, die sinds kort zelfstandig produceren, is hun achtergrond als dansers bij onder andere Nederlands Dans Theater en Batsheva Dance Company herkenbaar in de organische, geaarde bewegingen.

Mooi zijn de solo van Kinda Gozo, soepel en introvert, en de expressiviteit van de autonoom rond stappende veteraan Krügel, maar meestal komt de choreografie willekeurig over. Daardoor wreekt het gebrek aan een scherpere thematische focus zich des te meer.

    • Francine van der Wiel