Recensie

De buitenbeentjes maken Roadburn uitdagend

Festival Emoties kregen alle ruimte tijdens deze editie van Roadburn. Het festival is nog altijd heavy, maar experimenteert ook succesvol met popacts en postrockbands.

Julie Christmas trad samen op met Cult of Luna. Foto Niels Vinck

‘Ik had echt niet verwacht dat jullie hier met z’n allen zouden zijn”, zegt Zola Jesus zaterdagavond tegen een volle Koepelhal in Tilburg, tijdens festival Roadburn. „Het is fantastisch dat ik hier mag spelen, want ik ben altijd te soft voor rockfestivals en te weird voor de rest. Ik ben overal waar ik sta de vreemde eend.”

De innemende, donkerharige popzangeres uit Arizona legde daarmee nou net de vinger op waarom ze zo goed op Roadburn past. Te vreemd ben je niet snel voor dit festival, waar buitenbeentjes juist de ruimte krijgen. En een metalfestival is het ook niet. Niet meer, althans. Roadburn blijft overwegend heavy, maar heeft de fascinatie voor de erfenis van Black Sabbath de afgelopen paar jaar stap voor stap ingewisseld voor een uitgesproken drang naar vernieuwing, en dit jaar bleek die omwenteling volmaakt.

Vorig jaar was de lichtzinnige metalband Deafheaven op Roadburn al spannend: een metalband die puristen behoorlijk tegen de haren instrijkt. Maar Zola Jesus is gewoon een pure popact met grote refreinen en onwaarschijnlijk dansbare beats. Met haar doorvoelde stem, oprechte teksten, kronkelige dansmoves en wapperende cape van rood gaas pakte ze haar kans hier glorieus en was een van de hoogtepunten.

Zo waren er meer vreemde eenden die samen zo’n uitdagend programma vormden. Er was noisegodin Julie Christmas die met postmetalband Cult of Luna het indrukwekkende album Mariner dat ze samen maakten in z’n geheel speelde. Je had saxofonist Colin Stetson, graag geziene gast op North Sea Jazz, die zijn nieuwe, heavy band Ex Eye naar inventieve, krachtige jampassages stuurde. En dan waren er nog de twee prachtige concerten van het grote Godspeed You! Black Emperor, de postrockband die zo subtiel een kathedraal van geluid opbouwt, dat je hartslag zich er langzaam aan gaat aanpassen.

Beelden van het optreden van Julie Christmas samen met Cult of Luna.

Het weer hielp: normaal loopt op Roadburn meer leer rond dan op een melkveebedrijf, nu zag je een weekend lang spaghettibandjes en korte broeken. En lange rijen bij de ijswinkel aan de Heuvelring, die dit jaar een pleisterplaats werd, halverwege de route tussen epicentrum 013 en de nieuwe locaties van het festival: de Koepelhal en zaal Hall of Fame aan de andere kant van het spoor. Vooral die eerste is een prachtige concerthal die met succes de te groot geworden druk van de andere concertlocaties afhaalde. Bovendien bood het grasveld daar een zonnige ligweide waar Roadburn onverwacht een ontspannen buitenfestivalsfeertje kreeg.

Lees ook ons interview met Colin Stetson: ‘We zijn een groep monsterlijk goede muzikanten’

Kleur, diepte, breedte en emotie kwam van gastcurator Jacob Bannon, die met zijn eigen band Converge - de beste heavy liveband van het moment - twee loeistrakke sets speelde. Het was Bannon die Zola Jesus had uitgenodigd, en zijn ruime invulling van het festival gaf de ruimte en lucht waarin zo’n experiment kon slagen. Want elk lomp metalfestival kan een popzangeres uitnodigen en hopen dat ze d’r heel laten, maar dat werkt alleen als de geesten er rijp voor zijn.

Foto’s Niels Vinck

Het was ook Bannon die Mutoid Man naar Tilburg haalde, nog zo’n band die vijf jaar geleden misplaatst zou zijn geweest. De ontwapenende hardrockers gaven op vrijdag met vuur, energie en ongelooflijk veel spelplezier het leukste concert van het festival. Al was het maar omdat drummer Ben Koller tijdens een publieksparticipatie-momentje stiekem het publiek in was geslopen, om tot grote hilariteit onverwacht snoeihard zijn drumstokken naar zijn bandgenoten te smijten.

Beelden van het optreden van Converge.

Mutoid Man-frontman Stephen Brodsky was een dag later ook betrokken bij het zwaarste concert van het festival. Met zijn collega in zijn andere rockband Cave In, Adam McGrath, speelden ze een last-minute, ingetogen herdenkingsconcert voor hun bandbroeder Caleb Scofield, de bassist die vorige maand omkwam bij een auto-ongeluk. „Dit is een van de moeilijkste dingen die ik ooit heb gedaan, maar ik ben ontzettend dankbaar dat we dit samen met jullie kunnen doen”, wist Brodsky met moeite uit te brengen. Muziek is sterk en liefde is sterk, en die twee werden in onversneden vorm met elkaar vervlochten in een concert dat, hoe zwaar ook, als een warme deken over het festival bleef liggen.

Daar kon geen groot gebaar meer tegenop tijdens Roadburn, waar met de editie van 2018 alle emoties de ruimte kregen en werd bewezen dat voortaan echt alles mogelijk is op dit festival.

    • Peter van der Ploeg