Column

Parfum van racisme

Het seizoen van Feyenoord is matig te noemen. Dat weet het legioen ook, maar de teleurstelling wordt weggeduwd in onvoorwaardelijke liefde. Als de Rotterdammers deze zondag de bekerfinale winnen, zal een feest losbarsten dat herinnert aan de landstitel. Chagrijn niet meer toegestaan. Een coach die in drie jaar vier prijzen pakt, verdient sowieso de zaligverklaring.

Giovanni van Bronckhorst heeft zich met relatief gemak door een moeilijk seizoen geworsteld. Met dank aan de standvastigheid van het bestuur, de goede wil van de spelers en de immense trouw van de fans. Van rimpelingen in de menselijke verhoudingen kwamen geen kraters. Feyenoord was groter dan het humeur van deze of gene.

Die grandeur vind je bij Ajax niet meer terug. De Toekomst is nog net geen hellhole, maar veel scheelt het niet. Ajax schuurt zichzelf open en bloot door nodeloos gehakketak en misplaatste pretenties. Het onvermogen van bestuur en spelers om lief te hebben, heeft de club van een idyllische bestemming beroofd. Stukadoors op de steiger zijn poëtischer in hun verwachtingen over de toekomst dan Marc Overmars en Edwin van der Sar.

Dat capuchonnetjes hun handtastelijkheden mogen botvieren tot aan de spelersbus om de nederlaag tegen PSV te wreken, is een dieptepunt in de geschiedenis van de club. Dat fijnproever Hakim Ziyech bejegend wordt als aartsvijand van het legioen is zorgwekkend en absurd. Hij is de grootste stilist van het team en bij uitbreiding de beste voetballer van Ajax. Amper 25 hoort hij reeds in het pantheon. Toch wordt hij door een deel van de supporters voortdurend gekleineerd met de kracht van haat.

Het grote woord moet er uit: racisme. De ondertoon van de vijandigheid die de Marokkaan week na week moet incasseren, is puur racisme. De harde kern lust zijn flegma en ontoegankelijkheid voor de polonaise niet. Dat hij zijn emoties verbergt, doet de deur helemaal dicht. Muzelman alla, maar wel oer-Hollands zijn in de feestvreugde, hoor.

Waarom zouden de laffe capuchonnetjes recht hebben op de emoties van de meest verfijnde Ajacied? Ziyech heeft bij Ajax weinig hartelijkheid mogen ondervinden. Met Abdelhak Nouri was dat anders: hij was een Amsterdams straatjoch dat verdronk in enthousiasme voor elke voorbijvliegende bal. Met vragen over identiteit en geloof hield hij zich niet bezig, daar was geen tijd voor.

Ziyech wel.

Het wezen van Ajax is ook de continuïteit van crisettes. Altijd gedoe. Feyenoord is rustiger van beleid en personeelscultuur. Over de positie van Giovanni van Bronckhorst is in de mindere dagen van de club geen onvertogen woord gevallen. Haatproza van hun eigen aanhang krijgen spelers niet te lezen. Chagrijn wordt toegedekt. Bij Ajax lopen ze ermee te koop.

Arsène Wenger zei ooit tegen Gio: „Plus est en vous.” Zo’n zinnetje hoort Ziyech bij Ajax niet. Het geloof in zichzelf wordt hem juist kwaadaardig nagedragen. Wat een pretentie!

Toch blijft hij moedig doorgaan met gemillimeterde steekpasses en gekrulde ballen in de kruising. De schijn van onverschilligheid zie je niet terug in zijn spel.

Er zijn niet zoveel spelers die door een interne muur van vijandigheid willen breken om hun club te blijven dienen. De Ajax-tijd van de begenadigde Marokkaan zal er straks een geweest zijn met een koud hart en af en toe warme voeten. Ik denk dat Hakim Ziyech beter verdiende.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.