Opinie

    • Auke Kok

Jazeker, ik heb Dick Taylor nog zien spelen

Moet ik mee? Echt? Nou vooruit, ik loop mee de trap op want boven is Dick Taylor. Je weet wel, Dick Taylor. Natuurlijk weet je dat, iedereen hier in Paradiso kent Dick Taylor als de man die ooit, in het Stenen Tijdperk, samen met The Rolling Stones speelde. Wat heet, ín The Rolling Stones. Daarom vulden tweehonderdvijftig fans de bovenzaal van voor tot achter om de 75-jarige Dick Taylor te zien spelen. Het optreden van zijn band The Pretty Things was gran-di-oos, en aangezien nu het gerucht gaat dat Dick Taylor naast de bovenzaal beschikbaar is, rent een aantal diehards, voor zover daartoe nog in staat, de trap weer op.

In een oogopslag zie ik waarom Dick Taylor eind 1962 niet de Stones had moeten verlaten. Dan zou hij kort daarop samen met Mick Jagger en Keith Richards zijn eerste platencontract hebben ondertekend. De rest was geschiedenis geweest, en dat niet alleen, hij zou nu zijn arm beslist niet om de schouders hebben gelegd van een fan die met hem op de foto wilde.

Want natuurlijk: als Dick Taylor gewoon basgitaar was blijven spelen in de Stones zouden zijn armen nu omlaag hangen. Hooguit zou hij zijn schouders ter beschikking hebben gesteld voor de armen van anderen. Een voetnoot in de geschiedenis van Vijftig Jaar Paradiso, ik geef het toe, of nog minder dan dat, en toch kijk ik gefascineerd naar deze piepkleine verbeelding van de grote tragiek die volgt als je op jonge leeftijd denkt: wat nou Stones, ik ga terug naar de kunstacademie.

Had Dick Taylor nu ook niet in de bovenzaal van Paradiso gespeeld, natuurlijk. Eerder in de Arena.

Naast hem zoekt de medeoprichter van The Pretty Things steun bij de muur. Zanger Phil May hapte zojuist, tijdens het in zekere zin legendarische optreden, al naar adem, waaraan de longziekte die hij te boven is gekomen niet vreemd zal zijn. Nu hapt de 73-jarige Phil May nog steeds.

Ik kijk naar Dick Taylor. Hij lijkt op Henk Hofland. Vond ik een half uur geleden ook al, toen hij zijn semi-akoestische Gibson vanachter zijn leesbril en met een kromme rug liet gieren als in de beginjaren van de Stones. De jaren waarin jonge Britse artistiekelingen als hij in de ban van Bo Diddley waren; rhythm-and-blues was hot. Dick Taylor grijnst. Alle blikken op de propvolle kleine overloop gaan naar hem. In 1969, vlak na de start van de poptempel aan de Weteringschans, gaf hij hier zijn solo’s al ten beste. Nu deed hij dat opnieuw. Respect.

Bandleden kwamen en gingen, ze stierven zelfs, maar The Pretty Things, vuiger en vooral minder succesvol dan de Stones, véél minder, bleven. Omdat het moest. Miskend, onderschat? Nu even niet. Dick Taylor legt zijn arm om een fan en glimlacht nog maar eens, gerimpeld en wijs. Het is mooi geweest. Dit is hun afscheidstournee en ik zeg met trots: ik heb Dick Taylor nog zien spelen.

Auke Kok is schrijver en journalist.

    • Auke Kok