Doutzen

De stad uit (15)

Veel Amsterdammers denken er stiekem weleens over na: de stad uit, weg van de drukte. Journalist en radiomaker Petra Possel (54) deed het. Na 30 jaar Amsterdam verhuisde ze naar een dorpje in Friesland. In NRC brengt ze regelmatig verslag uit.

Het Friese dorpje Eastermar werd op Nieuwjaarsdag overvallen door een groot geldbedrag uit de Postcode Loterij: 53,9 miljoen euro. Eastermar heeft vijftienhonderd inwoners van wie een kwart deelnemer aan de loterij is. De moeder van fotomodel Doutzen Kroes, in het dorp bekend als ‘de mem van Doutzen’, was een van die deelnemers.

De mem van Doutzen is trouwens ook de mem van Rens, de foodblogster die praat over haar „happy and healthy life” en onlangs wist te melden dat „haar boyfriend de enige echte salade voor mij heeft gemaakt, een nourish bowl, and I’m telling ya, het is voedzaam en de makkelijkste!”

Er zijn momenten dat ik denk dat ik de boot definitief heb gemist.

Dit was zo’n moment.

Enfin, de mem van Doutzen en Rens was dus ook in de prijzen gevallen. In stilte scheen men daarover binnen de dorpsgrenzen te knarsetanden, want waarom zou de mem van de vrouw van pakweg 22 miljoen – de rijkste jonge vrouw van Nederland – nog meer geld nodig hebben?

Ik reed naar Eastermar, een klein uurtje van mijn dorp.

In Herbergh de Parel was het behaaglijk warm. De oude bar en de houten lambrisering gaven me meteen een groot gevoel van geluk. Heimelijk hoopte ik op een houtvuur en stamppot met spek en worst, maar de menukaart had het over Turks brood, churros en Tom Ka Khai. En toen ik besteld had, begon het Grote Afluisteren. Kon ik iets opvangen dat wees op rijkdom, op familievetes die oplaaiden door de onverwachte veranderingen, op verse aankopen van het luxere soort? Hoorde ik de echo van het magische getal 76.968 euro, het bedrag dat één lot waard was geweest? Een vrachtwagenchauffeur uit het dorp had vier winnende loten, was hij die man aan de bar die in hoog tempo bier zat te drinken? Het meisje in de bediening had het woord discretie uitgevonden en liet niets los.

En ik hoorde niets, helemaal niets.

Of toch wel.

Het ging over schaatsen, dat kon weer voor het eerst sinds jaren.

Aan alle tafels werd over schaatsen gepraat. Nog even hoopte ik dat Doutzen binnen zou lopen met Sunnery en de kinderen in haar kielzog. En houtjes met oranje-bruine linten onder de arm, als het even kon.

Maar hoe lang ik ook naar de deur keek, er gebeurde niets, helemaal niets.

Aan de overkant van de straat hing een etalage vol met afgeprijsde schaatsen, nog nieuw in de doos.