Brieven

Brieven

Illustratie Cyprian Koscielniak

In zijn column Viktor Orbán, een gekozen autocraat (13/4) maakt Luuk van Middelaar zich zorgen over de Hongaarse democratie en rechtsstaat. In zijn betoog vergeet hij de situatie in de buurlanden van Hongarije te vermelden. Twee jaar na de toetreding tot de Europese Unie, in 2007, vaardigde Slowakije een taalwet uit die het gebruik van andere talen dan het Slowaaks in het openbaar verbood. Terwijl juist taalrechten, na het etnische echec van Joegoslavië, de voorwaarde was voor Europese integratie van de voormalige Sovjetsatellietstaten, waar veel taalminderheden wonen. Brussel stond erbij en keek er na.

Ook Roemenië lapt Europese verdragen inzake het vrije gebruik van de Hongaarse regionale taal aan haar laars. Dit heeft onze stichting in het in 2016 verschenen rapport Verraad aan het Recht uitvoerig gedocumenteerd. En Oekraïne nam, enkele dagen na het in werking treden van het Associatieverdrag met de Europese Unie, een wet aan die het middelbaar onderwijs in de nationale minderheidstalen onmogelijk maakt.

De vrijheid om de eigen taal te gebruiken is een belangrijke vrijheid in Europa. De Europese Unie zou aan haar geloofwaardigheid moeten werken door alle nieuwe Europese lidstaten aan de hand van dezelfde objectieve criteria aan te spreken op het naleven van de democratische beginselen en de rechtsstaat.


Stichting European Language Rights