Italianen komen niet opdagen en de Fransen zijn ‘te druk’

Europese militaire oefening

Alleen de Duiters zijn aanwezig bij een Europese training in Eindhoven met tankvliegtuigen.

F-16 getankt door een MRTT Foto Airbus

Deze ochtend moet het gebeuren. De Nederlandse militairen op vliegbasis Eindhoven hebben er al maanden naar uitgekeken: de European Air Refueling Training – met grote tankvliegtuigen kleine gevechtsvliegtuigen in de lucht bijtanken.

Maar bij de start van de gezamenlijke Europese oefening, die afgelopen dinsdag plaatsvond, staan ze met lege handen. De Italianen zijn zonder opgave van reden niet komen opdagen. De Fransen zegden af wegens ‘te druk in Syrië’. Het Nederlandse tankvliegtuig staat wel op de tarmac maar het is kapot. Alleen het toestel van de Duitse Luftwaffe draait warm.

„Eén voor één vallen onze partnerlanden uit”, zegt een Duitse militair met een zuur lachje.

Brandstofprobleem

Naast de Nederlandse KDC-10, de 40 jaar oude ‘Prins Bernard’, staat kolonel Jurgen van der Biezen. „We hebben een brandstofprobleem door een lekkage.”

De mislukte oefening staat symbool voor de schaarste en het achterstallige onderhoud waarmee veel Europese legers kampen. Urgent leken die problemen niet, zolang de Verenigde Staten als dominante NAVO-partner garant stonden voor de verdediging van Europa. Maar de komst van president Donald Trump was de wake up call. De VS willen niet langer opdraaien voor het leeuwendeel van de kosten van het militaire bondgenootschap. Europa moet hoognodig haar defensie-uitgaven gaan opschroeven, vindt Trump.

Die waarschuwing leidde in EU-verband tot haastige afspraken over ‘permanente gestructureerde defensiesamenwerking’ (Pesco), zoals de afspraak om grensobstakels bij militaire transporten door de EU weg te nemen. Maar Pesco is vooralsnog een papieren tijger en afspraken maken met 28 EU-landen is een taai en tijdrovend proces. Daarom zoeken kleinere groepen van landen elkaar op om concrete projecten op te zetten. Doublures voorkomen en de kosten delen, is daarbij het motto.

„We moeten wel, want als land in je eentje moderne militaire capaciteit opbouwen is erg duur”, zegt defensieminister Ank Bijleveld (CDA).

Carpoolen in de lucht

Samen met Duitsland, Noorwegen, België en Luxemburg deelt Nederland een pool van acht nieuwe tank-transportvliegtuigen, onder de noemer Multi-Role Tanker Transport (MRTT). Afhankelijk van hoeveel een land financieel aan de gezamenlijke aanschaf bijdraagt kan het vlieguren claimen, zegt Bijleveld over het ‘carpoolen-in-de lucht’-systeem. „Dat werkt ontzettend goed.”

Na het opstijgen van de Duitse Luftwaffe-airbus wordt het op vliegbasis Eindhoven doodstil. In de blakende lentezon sleutelen de monteurs verder aan de lekkende ‘Prins Bernhard’. Heeft dat nog zin? „We moeten steeds meer investeren om die oude vliegtuigen nog inzetbaar te houden”, zucht kolonel Van der Biezen. De gezamenlijke aankoop van de MRTT-vliegtuigen is „uit schaarste geboren”, zegt hij. „We hebben er in Europa te weinig van waardoor we grote militaire operaties amper kunnen ondersteunen. Maar tegelijk hebben we de ambitie om als Europa minder afhankelijk te worden van de Amerikanen. Daarom is zo’n project als MRTT noodzaak.”

Vanaf 2020 wordt de levering van de eerste nieuwe toestellen verwacht. En tot die tijd? „Wachten”, zegt Van der Biezen.

    • Tijn Sadée