France is back. Macron biedt hoop, maar niet aan álle Fransen

Eén jaar Macron

Frankrijk is weer in beweging gekomen: er zijn protestdemonstraties en start-ups bloeien. Het verzet tegen president Macron zit niet diep. „Het hart protesteert maar het hoofd weet beter.”

Emmanuel Macron op 26 april 2017 als presidentskandidaat bij een Whirlpool fabriek in Amiens. Foto CHRISTOPHE PETIT TESSON/EPA

De beelden zijn verdacht vertrouwd. Spoormedewerkers hebben de treinen stilgezet, piloten houden hun vliegtuigen aan de grond en gemaskerde antikapitalistische studenten bezetten collegezalen alsof het 1968 is. „Macron, je ontspoort”, kalkten machinisten op spandoeken in Parijs. Een pop met het hoofd van Emmanuel Macron hing in Nantes aan een galg en werd daarna verbrand.

Is Frankrijk zijn president alweer zat? Wie her en der de stemming peilt in het Frankrijk van Macron, hoort tegenstrijdige geluiden. De acties, natuurlijk, men praat erover. Maar ze hebben allemaal andere oorzaken en doelen: spoormedewerkers willen geen concurrentie, Air France-personeel wil meer geld en studenten willen geen selectie aan de poort. Een door vakbonden bepleite ‘convergence des luttes’, een samenballing van alle acties om het land lam te leggen, lijkt niet van de grond te komen.

Na één jaar Macron klinkt kritiek, zeker. Maar terwijl het hart protesteert, weet het hoofd wel beter.

Il faut se battre”: je moet strijden, antwoordde een 68-jarige heer in Amiens toen ik hem vorige maand vroeg of Macron volgens hem goed bezig was. Hij kon met zijn auto geen kant op omdat in het centrum net een stoet demonstranten langs trok. „Vandaag zijn we allemaal werkloos, spoormedewerker of leraar”, scandeerden zij. „We zijn solidair en woedend.”„Komt de regering aan je rechten, dan kun je niet anders dan in actie komen”, zei de man, die zich voorstelde als Muriel begripvol. Hij begon een uiteenzetting over hoe alles minder wordt en hoe opeenvolgende regeringen, ook die van Macron, daarvoor verantwoordelijk zijn. Om vervolgens na een korte stilte enige afstand te nemen van zijn eigen boosheid. Op de achtergrond trok een demonstratie langs en maanden de vakbondsleiders van Amiens de president tot aftreden. „Maar wat Macron doet is natuurlijk wel nodig”, analyseerde hij. „Het kon zo niet langer.”

Bijna een jaar geleden koos Frankrijk Emmanuel Macron, toen 39 jaar oud, tot president. Niet massaal. Nog geen kwart van de Fransen stemde op hem in de eerste kiesronde op 23 april. Haast de helft van de kiezers kwam terecht bij extreme partijen – heel links of heel rechts. Maar tegenover Marine Le Pen had Macron het in de tweede kiesronde makkelijk. Een maand later bekrachtigde hij zijn verkiezing met een massale meerderheid in het parlement. „Je wil zo’n man toch een kans geven”, legde een 41-jarige lerares in Nantes me uit.

Op slag veranderde het imago van Frankrijk. Het trotse maar geblokkeerde land dat lang niet in staat bleek zichzelf opnieuw uit te vinden, werd het symbool van een nieuwe politiek, een belofte voor de toekomst van de Europese Unie. „Europe’s new order”, kopte de lyrische Economist naast een prent van de president met bondskanselier Merkel in zijn schaduw. Het Britse blad koos Frankrijk eind 2017 zelfs tot ‘land van het jaar’.

Lees ook: Macron kan Europa nog niet naar zijn hand zetten

In Frankrijk zelf blijft Macrons positie fragiel. Had in juni vorig jaar 57 procent van de mensen vertrouwen in hem, volgens peilingbureau Kantar TNS zakte dat in november tot een dieptepunt van 38 procent. Maar Macron krabbelde op. Als eerste president sinds dit soort metingen begon. In februari stond weer ongeveer 45 procent van de Fransen achter hem

„Hij weet wat hij wil”, zegt de een. „Hij heeft snel gezag gekregen”, vindt de ander. „François Hollande was te traag, Macron gaat wel heel erg snel”, zei een vrouw in een straatgesprek voorafgaand aan een tv-interview met Macron vorige week. „Niet ik, maar de wereld gaat snel”, reageerde Macron. Hij wil dat Frankrijk economisch weer aansluiting vindt. Het dak repareren als het droog is. Maar: „We wachten op resultaten”, zei een jonge boer die ik sprak in het leeglopende departement Creuse.

I. Amiens President van de rijken

De grauwe industriestad Amiens is niet alleen de stad waar Macron geboren werd. Het is ook de stad waar hij op het Lycée La Providence zijn toneeldocent en latere vrouw Brigitte Trogneux ontmoette. En het is de stad waar hij in 2016 zijn beweging En Marche! begon. Bovenal is Amiens de plek waar hij in 2017 de verkiezingen won. Op woensdag 26 april gaf hij hier, op het parkeerterrein van de met sluiting bedreigde witgoedfabriek van Whirlpool, een chaotisch voorproefje van zijn werkwijze.

Terwijl Macron, drie dagen na de eerste kiesronde, in het centrum van de stad vakbondsvertegenwoordigers ontmoette, bleek zijn tegenstrever Marine Le Pen een verrassingsbezoek te brengen aan de fabrieksarbeiders. Macron lapte waarschuwingen van zijn beveiligers aan zijn laars en vertrok naar de fabriek. Er waren 300 journalisten. Op 280 fabrieksarbeiders.

„Hij kon niet anders”, zegt Antonio Abrunhosa (45), die hier sinds 1992 werkt. „Het land keek naar hem.” Le Pen beloofde de fabriek open te houden, maar Macron deed geen enkele „valse” toezegging. „Ik ben er niet om gouden bergen te beloven”, zei hij door een megafoon. Fabrieken mochten sluiten, daar kon hij niets aan doen. Hij wilde er vooral voor zorgen dat mensen aan het werk bleven, hier of elders bij innovatieve nieuwe ondernemingen. En hij riep op tot „sociale dialoog”, gepacificeerde discussie tussen werkgevers en werknemers.

„Dat je bedrijven sluit die omvallen, begrijp ik. Ik accepteer de wetten van de economie”, zegt Abrunhosa, die actief is bij vakbond CGT. „Maar dit is geen verliesgevend bedrijf. Ze verplaatsen ons werk naar Polen om de marges te vergroten terwijl de drogers in de winkel even duur blijven. Dat is onrechtvaardig.”

Werknemer Antonio Abrunhosa met de foto van Macron als presidentskandidaat bij een Whirlpool fabriek in Amiens. Volgende maand verliest hij zijn baan.Foto CHRISTOPHE PETIT TESSON/EPA

Amiens is het slagveld van de globalisering. Een industriestad met steeds minder industrie. Een jaar na Macrons interventie hangen er nog steeds spandoeken op de parkeerplaats van de fabriek. Maar tijdens een doordeweekse lunch- en rookpauze is de sfeer op het parkeerterrein gemoedelijk. Die beslissende dag in de verkiezingscampagne was ook beslissend voor de fabriek.

Nog een paar weken worden er wasdrogers gemaakt en dan verhuist de productie inderdaad naar Polen. Maar het grootste deel van de 280 arbeidsplaatsen blijft toch behouden. Een plaatselijke ondernemer heeft de fabriek overgenomen en gaat er laadpalen en koelkluisjes voor boodschappen produceren. Abrunhosa en de andere vakbondsmannen behoren tot de minderheid die niet mee mag naar het nieuwe bedrijf. „Wij zijn te lastig geweest”, zegt de hoekige Patrice Sinoquet (54). Hij kijkt niettemin „redelijk tevreden” terug op de „bizarre dag” met Macron. „Er zijn veel banen gered, het had erger kunnen uitpakken.”

Macron profiteert van de aantrekkende conjunctuur. Nog steeds sluiten er fabrieken in Frankrijk, maar voor het eerst in tien jaar zijn in 2017 meer nieuwe fabrieken geopend dan er dicht gingen, becijferde het databedrijf Trendeo onlangs. De werkloosheid was eind 2017 met 8,6 procent nog wel erg hoog. Het parlement behandelt een wetsvoorstel dat omscholing van werknemers, naar Duits voorbeeld, beter moet regelen. Ook de wasdrogerspecialisten van Whirlpool worden omgeschoold. „Ik leer Powerpoint”, zegt Sinoquet smalend. „Dit is de moderne tijd.”

Vakbondsleiders zijn ook deel van de elite

Antonio Abrunhosa

Is dat wat Macron gebracht heeft, moderniteit? Hij is stil. Macron is voor hem, en voor zoveel andere werkzoekende nordistes, toch vooral „president van de rijken”. „Het grote geld regeert”, zegt Abrunhosa. Als zijn werkloosheidsuitkering afloopt, weet hij nog niet wat hij gaat doen om zijn drie kinderen te voeden.

Het verbaast hem, zegt hij, dat het land nog niet massaler in opstand is gekomen. In een vloek en een zucht slaagde Macron er afgelopen najaar in de arbeidswetgeving te flexibiliseren. Waarom werd er niet massaal geprotesteerd? „Vakbondsleiders zijn ook deel van de elite”, vloekt Abrunhosa. „Die krijgen goed te eten van Macron en onderhandelen in gouden paleizen in Parijs. Wij leven hier in een andere wereld.”

De vakbondstop heeft hem deze middag verboden in de demonstratie in Amiens mee te lopen. „Het is de publieke sector, wij zijn privaat.” Het linkse parlementslid François Ruffin (42), een oud-schoolgenoot van Macron, is er wel. Oppositie voeren is lastig deze dagen, legt hij uit tussen de ongeveer 2.000 joelende demonstranten. „Zo kort na een verkiezing accepteren de Fransen de legitimiteit van een nieuwe president, dat is nu eenmaal zo.” Maar het rommelt, zegt hij hoopvol. „De verliezers van de globalisering en het liberalisme kunnen niet stil blijven zitten.”

II. Ahun President van de steden

Président des riches”: zijn verleden als zakenbankier kleeft hem aan. Dat Macron meteen na zijn aantreden de vermogensbelasting verlaagde, hielp niet om dat beeld bij te stellen. Maar in een interview had hij laatst een snedig weerwoord: „De rijken hebben helemaal geen president nodig. Ze redden zich prima alleen.”

Een andere ongemakkelijke waarheid is minder eenvoudig te pareren. Macron zou een „président des villes” zijn, een president van en voor de grote steden – met het verre Parijs als lichtend middelpunt. Hoe verder van een grote stad, hoe minder Macron-kiezers, becijferden verkiezingsonderzoekers. Hoewel de president zelf graag praat over Amiens en zijn opa en oma in de Pyreneeën („Ik ben een provinciaal die naar Parijs is opgeklommen”) koestert hij volgens de polariserende rechtse leider Laurent Wauquiez „haat tegen de provincie”.

Daar heeft Jean-Baptiste Moreau nooit iets van gemerkt. Moreau (41) is boer in de Creuse, een van de dunst bevolkte departementen van Frankrijk. Hij heeft 130 Limousin-koeien. En sinds vorig jaar is hij ook parlementslid. Namens Macrons La République En Marche.

„Ik was voorzitter van de coöperatie en het abattoir hier”, vertelt hij. Kiezen tussen links en rechts wilde hij niet: „Voor politieke muggenzifterij is de Creuse te klein.” Tijdens de ‘Salon de l’Agriculture’ van 2017, de jaarlijkse beurs waarvoor het hele platteland – koeien, schapen en varkens incluis – naar Parijs trekt, maakte hij persoonlijk kennis met Macron. „Hij vroeg me om kandidaat te worden en ik zei nee. Toen zei hij dat ik moest”, lacht Moreau. „Alors, nu ben ik dus parlementslid.”

Deze vrijdagmiddag meldt Moreau zich in pak bij de Jeunes Agriculteurs, de departementale vereniging van jonge boeren. Die hebben in het landbouwlyceum van het stadje Ahun hun jaarlijkse vergadering. Nadat de penningmeester razendsnel de jaarrekeningen heeft doorgenomen – er was in 2017 3.000 euro over – verschijnen op een groot scherm professionele filmpjes waarin de jonge boeren de spot drijven met bazen van grote supermarktketens (die steeds lagere prijzen betalen) en politici (die er sowieso niets van begrijpen). Ook met Moreau, die met rode blosjes hard mee lacht als hij op de hak wordt genomen.

Mensen in de provincie willen gewoon oplossingen, geen politieke blabla

Middenstander in Ahun

Aan de zijde van Macron heeft Moreau zich sterk gemaakt voor betere prijzen. Supermarkten mogen hun melk en vlees niet meer met verlies verkopen om zo klanten te trekken. Macron kondigde in februari een „culturele revolutie” voor de landbouw aan. Hij sprak aan de vooravond van de boerenbeurs honderden jonge landbouwers toe, die anders dan hun ouders misschien wél bereid zouden zijn de Franse landbouwsector te „moderniseren”.

Maar de jonge boeren in Ahun zijn argwanend. „Ik verwacht niets van Macron”, zegt Damien Chaulet (23) – tien koeien en dertig hectare graan. Macron is „onze laatste hoop”, zegt voorzitter Jean-Marie Colon (34) van de Jeunes Agriculteurs in de Creuse. „Bij iedere nieuwe president, van links of rechts, horen we dat er plannen zijn om de situatie van boeren te verbeteren. Als je niet waardig van je product kunt leven, haken jongeren af en wordt het hier een lege woestenij”, zegt Colon.

Maar die ‘woestijnvorming’ is eigenlijk al begonnen. De Creuse loopt leeg, en Ahun nog meer. Het stadje – een kerk, drie cafés en de papeterie van Michel Gibert – heeft krap 1.400 inwoners. Sinds 2010 nam de bevolking met bijna 10 procent af. De laatste cijfers van het statistiekbureau Insee zijn veelzeggend: in 2016 gingen in Ahun 22 mensen dood. Er kwamen 12 babys voor in de plaats.

Met Macrons prefect heeft Moreau een actieplan gemaakt om met investeringen in toerisme en duurzamere en gemoderniseerde landbouw de dalende trend in het departement te keren. Zo zouden publieke voorzieningen als scholen en postkantoren open kunnen blijven. Dat dat ‘Plan particulier de la Creuse’ mogelijk was, zeggen ze hier, komt mede omdat Macron de kloof tussen links en rechts wist te overbruggen.

„Je hebt in iedere politieke partij goede en slechte mensen en goede en slechte ideeën”, analyseert Michel Gibert (58). „Maar in Parijs was het gewoonte om elk idee van links af te branden als je rechts was en van rechts als je links was. Mensen in de provincie willen gewoon oplossingen, geen politieke blabla.”

In de krantenzaak van Gibert, tegenover de kerk, komt af en toe een oudere klant binnen voor een klaarliggende Figaro. Maar het blijft erg stil. Meer dan 600 euro per maand houdt Gibert door de dalende bevolking niet over, zegt hij. Om de eindjes aan elkaar te knopen is zijn vrouw tegenwoordig in het bejaardenhuis aan de slag. Ja, zijn eigen leven heeft betere tijden gekend, erkent hij. Maar over het land is hij opvallend positief. „Macron heeft de boel tot bedaren gebracht. Nu moet hij zijn rug recht houden, want Frankrijk is een conservatief land dat moeilijk te veranderen is. Als hij zo door gaat, dan zou ik in 2022 misschien wel op hem kunnen stemmen.”

III. Nantes Frankrijk 2.0

France is back”, zeggen de ministers van Macron als ze in het buitenland zijn. „Entrepreneur is the new France”, zei de president zelf toen hij in Parijs de zoveelste incubator voor start-ups opende. Toen hij nog minister was onder de socialistische president François Hollande, zei hij zelfs een keer, vanuit Las Vegas, dat Frankrijk „jongeren nodig heeft die zin hebben om miljardair te worden”. Het leidde tot veel misbaar in het land van de égalité.

Coline Mazeyrat (30) en Dorothée Barth (40) uit Nantes waren minder geschokt. „Miljardair zijn we nog niet, helaas. Maar mensen van onze leeftijd willen ondernemen”, lacht Barth vanachter haar bureau. Het is een zonnige dinsdag in april en de twee vrouwen hebben een dag ervoor hun eigen bedrijfje geopend. Via een abonneesysteem verkopen ze online tampons en maandverband van biologisch katoen zonder chemische toevoegingen. „In tampons van de grote merken zitten allemaal giftige stoffen”, zegt Mazeyrat. Op de eerste dag zijn, na een berichtje in de lokale krant Ouest France, al zo’n 150 abonnementen afgesloten.

Nantes, met 305.000 inwoners de zesde stad van het land, is zo’n Franse stad waar het goed gaat, la France qui va bien. Het is bij uitstek het Frankrijk van Macron. In de eerste kiesronde haalde hij hier met 31 procent van de stemmen een van zijn beste resultaten. In de tweede ronde tegenover Le Pen kwam hij zelfs op 87 procent. „Dit is de moderne wereld. Nantes loopt voor op veel andere delen van Frankrijk”, zegt Mazeyrat.

Zij en Barth houden kantoor in La Cantine, een bedrijfsverzamelgebouw op het Île-de-Nantes, middenin de stad. De sfeer is erg start-up: veel kleur, hangbanken en handgeroosterde koffiebonen. Tot de jaren 80 stonden op dit het eiland in de Loire fabrieken en scheepswerven. De sociaal-democratische burgemeester Jean-Marc Ayrault liet het eiland ontwikkelen tot centrum van de creatieve industrie. Bedrijven schieten als paddestoelen uit de grond, er is een kunstacademie en er zijn toeristische attracties en hippe restaurantjes.

Protest van spoorwegmedewerkers en studenten in Nantes, afgelopen weekend. Op het bord staat: ‘Macron je ontspoort’.
Foto Damien MEYER/AFP

„Nantes”, zegt ook Adrien Poggetti (38), directeur van NantesTech en La Cantine, „staat voor een open Frankrijk, dat aansluiting zoekt bij de rest van de wereld”. Welke jonge ondernemer je hier ook spreekt, iedereen begint over het beeld van Frankrijk in de wereld. „Een jonge president die vlekkeloos Engels spreekt, dat verandert de manier waarop anderen naar ons land kijken”, zegt Mazeyrat tevreden.

Voor het eerst in jaren zijn Fransen, volgens opiniepeilingen, tevreden over het imago dat het land uitstraalt. Fransen zijn zelfs in jaren niet zo optimistisch geweest over de toekomst van hun land, peilde bureau Ipsos. „Misschien zit ik in een bubble, maar ik denk echt dat de meeste mensen inzien dat die hervormingen nodig zijn”, zegt Mazeyrat.

Poggetti wil eigenlijk niet over politiek praten, waarschuwt hij. Maar de woorden die hij gebruikt zijn die van Macron. Hij heeft het over het „vrijmaken van energie” om Frankrijk „in beweging te krijgen”.

Frankrijk, zegt hij tussen twee besprekingen met jonge ondernemers door „is aan het veranderen”. Of is misschien al veranderd. Je zou het niet zeggen, met de huidige stakingen en manifestaties. Maar het zijn rituele stuiptrekkingen van een land in transitie, hopen de aanhangers van Macron. De hervormingen zijn nodig, vindt een meerderheid van de Fransen volgens peilingen. Maar mensen die individueel geraakt worden, komen in opstand.

Het hart protesteert, maar het hoofd weet beter.

„Ik geef toe: het is makkelijker van Macron te houden op plaatsen waar het economisch goed gaat”, zegt Poggetti. „ Ook hier in Nantes geeft niemand hem een blanco cheque. Maar wat nu gebeurt heb ik in mijn hele leven nooit meegemaakt. Ik heb altijd gedacht dat we in een politiek systeem zaten dat zichzelf draaiende hield. Voor het eerst lijkt het alsof er een piloot in het vliegtuig zit.”

    • Peter Vermaas