Minister Sander Dekker voor Rechtsbescherming (VVD).

Foto ANP/Jerry Lampen

Dekker: Na de zomer al experimenten met buurtrechters

De rechtspraak krijgt meer ruimte om te experimenteren. Vonnissen lossen vaak maar weinig op, vindt minister Dekker, dus laat mensen eerst maar in gesprek gaan met elkaar.

De rechtspraak moet vernieuwen om ertoe te blijven doen voor burgers, vindt minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker (VVD). Daarom krijgen rechters meer ruimte om te gaan experimenteren. Niet het doen van een uitspraak moet het doel zijn, maar het oplossen van een probleem.

Vanuit de rechtspraak klinkt al langer de roep om te mogen experimenteren. Dekker wil dat nu gaan aanmoedigen, schrijft hij vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer. Na de zomer gaat een experiment met zogenoemde „buurtrechters” van start. En tegelijk met de brief komt Dekker met een wetsvoorstel dat het voor rechtbanken makkelijker moet maken te experimenteren. Met recht dat conflicten niet juridiseert, maar oplost. Het gaat om een gesprek tussen partijen, in plaats van een zitting tegenover elkaar. De rechter hóeft geen vonnis te spreken, want dat lost vaak maar weinig op - zeggen rechters regelmatig zelf. Woensdag praat de Tweede Kamer erover.

Waarom zijn experimenten nodig?

„Het is nodig om nieuwe manieren te vinden die aansluiten bij de verwachtingen van burgers en bedrijven. Dat houdt de rechtspraak relevant voor ze. Het rechtsgevoel van mensen wordt aangetast als ze te lang moeten wachten op een uitspraak, als het te ingewikkeld is en ze het niet meer begrijpen. De rechtspraak moet met de tijd mee. Een juridische oplossing is vaak geen échte oplossing, omdat het onderliggende oorzaken niet oplost.”

Welke experimenten komen er?

„Denk aan community courts om problemen in wijken op te lossen. De politie, het Openbaar Ministerie, schuldhulpverlening en rechter zitten daar bij elkaar. In Rotterdam loopt nu net een proef met multiproblematiek. Dat gaat om mensen waarbij van alles speelt: schulden, huiselijk geweld, echtscheidingen. Dan kan je zeggen: behandel het allemaal apart van elkaar, bij strafrechters, civiele rechters, enzovoort. Maar laten we kijken of we dat bij één rechter bijeen kunnen brengen. Dan kan met één uitspraak schoon schip gemaakt worden. En er komen buurtrechters, na de zomer al, die problemen aan de keukentafel proberen op te lossen. Daarmee wordt de rechtsprak vlotter, eenvoudiger en effectiever.”

Dekker wijst op de (bijna afgelopen) proef met de spreekuurrechter in Noord-Nederland. Daarvan moeten er meer komen, ook elders in het land. Partijen gaan eerst met elkaar en een rechter om de tafel – zonder juridische dossiers en zonder advocaat – en proberen een oplossing te vinden voor een probleem. Lukt dat niet, dan volgt alsnog een zitting met een vonnis. Vier op de vijf zaken die de spreekuurrechter behandelde, werden geschikt: een oplossing waar beide kanten iets aan heeft, in plaats van bij een vonnis waarmee een rechter kant kiest in een conflict.

Lees ook: Een reportage bij de spreekuurrechter, door Folkert Jensma

Maar nog mooier dan de rechter aan de keukentafel een probleem te laten oplossen, vindt Dekker, is als mensen dat zelf doen. „We moeten af van het idee dat je recht halen synoniem staat voor naar de rechter gaan.”

Burgers zouden van Dekker sowieso wel wat minder naar de rechter mogen. Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, waarschuwde eerder deze week in zijn jaarverslag dat de rechtspraak ontoegankelijk wordt voor veel mensen. De griffiekosten zijn volgens hem te hoog.

U wilt de rechtspraak „relevant” houden voor burgers, zegt u. Zorgen financiële drempels er niet juist voor dat de rechtspraak ontoegankelijker, en daarmee minder relevant, wordt voor veel mensen?

„Het is goed dat er een prikkel is om te voorkomen dat mensen te snel naar de rechter gaan. Ik ben er niet van overtuigd dat hogere griffiekosten een te hoge drempel zijn voor mensen. Het moet voor mensen duidelijk zijn dat weinig dingen in het leven gratis zijn, ook de rechter niet. Het legt druk op mensen om te kijken of ze een andere oplossing kunnen vinden. Drink eerst eens een kop koffie met elkaar voordat je naar de rechter gaat.”

Wat voegen de experimenten dan toe? U zegt eigenlijk: Mensen moeten gebruik gaan maken van de experimenten, maar ook weer niet teveel.

„Als het echt nodig is, moet je naar de rechter kunnen. Maar de drempel moet niet te laag zijn. Als uit de experimenten blijkt dat de drempel zó laag wordt dat je voor elk wissewasje naar de rechter kunt, dan is het wat mij betreft niet geslaagd. Laagdrempeligheid is geen doel van deze experimenten. Het gaat mij om de effectiviteit.”

Wanneer zijn de experimenten wel geslaagd?

„Als er twee dingen lukken. Er moet een prikkel bij mensen zijn om problemen zelf op te lossen. En áls de rechter erbij moet komen, dan moet het snel en betaalbaar zijn, en tot een oplossing leiden waar mensen baat bij hebben. Nu worden teveel vonnissen uitgesproken die problemen juist verergeren. Kijk naar de schuldenproblemen. Je kunt als rechter elke keer een vonnis wijzen en iemand dwingen schuldeisers te betalen. Maar dat lost de structurele schuldenproblemen van iemand niet op, want er spelen bij zo’n persoon vaak veel meer problemen. De truc is dan om te kijken of die zaken niet gebundeld kunnen worden, ook met de andere problemen die er spelen bij zo’n persoon.”

    • Mark Lievisse Adriaanse