Column

De opmars van de Erasmusgeneratie

Het Duitse blad Die Zeit wijdde laatst een hele pagina aan een zestienjarig schoolmeisje in Florida. Deze Emma Gonzalez, die zich nooit eerder met politiek had bemoeid, had net een demonstratie georganiseerd voor een strengere wapenwet. Een week eerder had een schutter in het naburige Parkland zeventien scholieren doodgeschoten en vele anderen verwond. In heel Amerika gingen scholieren instinctief de straat op. Net als Emma.

Waarom deden ze dat? Omdat niemand anders iets deed. Omdat iedereen zei: „De wapenwet aanpassen lukt toch niet. De National Rifle Association is te machtig.” Door die gelatenheid sloeg zelfs Everytown, een lobbygroep voor een strengere wapenwet opgericht door de New-Yorkse oud-burgemeester Bloomberg, geen deuk in een pakje boter. Totdat scholieren als Emma in beweging kwamen. Emma wilde iets doen maar wist niet hoe. Via-via kwam ze in contact met een vrijwilligster van Everytown. Zij gaf advies, regelde microfoons en een vergunning bij de gemeente. Ook mobiliseerde ze haar netwerk. Maar Emma nam de beslissingen. Zij nodigde sprekers uit. Zij beklom het podium voor haar eerste echte zelf-geschreven speech. Die avond werd ze geïnterviewd door alle lokale tv-kanalen. Overal in Amerika deden scholieren dit. De oudere generatie met al zijn bedenkingen en cynisme stond in zijn hemd. Nooit eerder toonde de politiek zich zo bereid om de wapenwet aan te scherpen.

Er is een link met Europa. Hier heerst eenzelfde soort politieke gelatenheid. Kijk naar de speech van de Franse president in Straatsburg deze week. Hij zei dat hij niet tot de generatie wil horen die het verleden vergeet en weigert de kwellingen van de huidige tijd te erkennen – hij gaat voor de generatie die ervoor kiest om de democratie te verdedigen tegen het illiberalisme dat overal op de loer ligt. Later die dag hield Macron burgers voor dat Europa is wat zíj ervan maken. Hij wil dat ze nadenken over het Europa van de toekomst. Dat ze formuleren wat ze willen en niet willen: „U moet Europa niet lijdzaam ondergaan.”

Visie, dromen en vooruitdenken was er afgelopen jaren nauwelijks bij in Europa

Veel commentaren op Macrons optreden waren vermoeid en zuur. Hij zou alleen staan. Hij heeft Merkel niet mee. En eerst maar eens zien of le petit Napoléon alle stakingen in Frankrijk overleeft. Die caveats zijn terecht. Toch geven ze precies weer waar het in Europa aan schort: het vermogen om te dromen, om plannen te maken voor de toekomst. Zoals Jacques Rupnik, van Sciences Po, maandag in Amsterdam opmerkte: „Wij leven in de tirannie van het heden. De toekomst is verdwenen. De enige toekomstgerichte projecten die we hebben, zitten in de technologische hoek.”

Hij heeft gelijk. Europa is vastgelopen in onderhandelingen over de interne markt en het managen van crisissen: elke stap, elke hervorming wordt door pure noodzaak gedicteerd. Alles gereduceerd tot half procentje dit, half procentje dat. Visie, dromen en vooruitdenken was er afgelopen jaren nauwelijks bij. Europese leiders zijn zo bang voor de kiezer dat ze alleen Europees handelen als peilingen aangeven dat er ‘ruimte voor Europa’ is – leiders zijn daarmee volgers geworden.

Daar komt nu in Europa een reactie op, van een generatie die méér wil dan intellectuele schraperigheid. Overal neemt de Erasmus-generatie politieke, sociale en maatschappelijke initiatieven. Deze twintigers en dertigers willen een toekomst in een sterk Europa dat ambitieus is en vooruitblikt. Kijk naar bewegingen en partijen als Volt (in 24 landen), Operation Libero, Initiativet, New European Energy, European Alternatives of The European Moment. Neem de ‘Europese storytellers’ van Are We Europe. Gaan zij het redden? Niet te voorspellen. Zijn ze naïef? Zeker. Maar zij zeggen zelf, precies zoals de tieners in Amerika: „Als wij het niet doen, doet niemand het.”

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.

Correctie: In een eerdere versie van dit verhaal werd Emma Gonzalez per ongeluk Emma Sullivan genoemd. Dit is aangepast.