Column

De kloof tussen alarmisme en de opbeurende werkelijkheid

Volgens Harvard-hoogleraar Steven Pinker gaat het steeds beter met de mensheid en moeten we onheilsprofetieën negeren. We mogen meer naar hem luisteren, vindt Harald Merckelbach.

Als er een top-10 van meest invloedrijke psychologen is, dan staat de Harvard-hoogleraar Steven Pinker ergens bovenin. Hij is een man van grote ideeën, die bovendien de kunst verstaat om daar prikkelend over te schrijven. Zijn laatste boek, Enlightenment Now, is daar een sterk voorbeeld van. Het maakt veel discussie los en is alleen al om die reden belangrijk. Bill Gates noemde het my new favourite book of all time en ik snap waarom hij dat zegt.

De boodschap van Pinker is dat we veel te danken hebben aan de idealen van de Verlichting. Tot die idealen behoort het inzicht dat wetenschap een superieure bron van kennis is, beter dan geloof, ideologie of traditie. Ook het idee dat we meningsverschillen moeten beslechten op kracht van argumenten – de rede – en dat het een serieus te nemen opgave is om ellende in de wereld te minimaliseren – humanisme – maken deel uit van de erfenis van de Verlichting. Het klinkt allemaal net zo zalvend als vanzelfsprekend, maar dat is het niet meer, schrijft Pinker. Eigentijdse goeroes waarschuwen ons voor wetenschap, technologie, rationaliteit en groei. Ze stellen ons rampen en catastrofes van ongekende omvang in het vooruitzicht. Ja, het einde der tijden komt in zicht, tenzij we bereid zijn om onze Verlichtingsidealen terzijde te schuiven. Minder rijkdom, minder wetenschap, meer groen, meer spiritualiteit; alleen dat kan ons nog redden.

De postmoderne verkondigers van de Apocalyps slaan met hun onheilsprofetieën de plank mis, zo laat Pinker in zijn boek zien. Een belangrijk deel van zijn betoog gaat op aan figuren, tabellen en statistieken waaruit zich één conclusie opdringt: als je het over het verloop van decennia bekijkt, gaat het in veel opzichten steeds beter met de mensheid. De welvaart groeit, niet alleen in het rijke Westen, maar ook elders. Kindersterfte daalde, eerst in Europa en de Amerika’s, maar daarna ook in Azië en Afrika. Analfabetisme is in grote delen van de wereld aan het verdwijnen. Het aantal democratieën groeit gestaag. Aandacht voor mensenrechten neemt wereldwijd toe. Criminaliteitscijfers nemen door de bank genomen af. Het aantal gewapende conflicten tussen grootmachten is historisch laag. Al deze ontwikkelingen werden ingezet met de Verlichting en eigenlijk is dat project dus een formidabel succes te noemen.

Maar dat voelen we niet zo. Er gaapt een kloof van jewelste tussen de opbeurende trendcurves van Pinker en het alarmisme van de huidige generatie intellectuelen en politici. Voor een belangrijk deel is deze discrepantie terug te voeren op wat we nieuwswaardig achten. Dingen die verdwijnen of die we normaal zijn gaan vinden, staan niet op onze radar. Evenmin halen ze de nieuwsbulletins. Zelden of nooit hebben we het over epidemieën die niet uitbraken, oorlogen die werden voorkomen, milieuproblemen die werden opgelost en tijdsbesparingen door technologie. De optimistische grafieken van Pinker blijven zodoende statistische abstracties. Daar staan de dagelijkse nieuwsberichten over opzienbarende incidenten tegenover en die slaan wél neer in ons geheugen. De calamiteiten waarover de media berichten voeden het openbaar debat, want deze anekdotiek ligt onder handbereik van ons mentale apparaat.

Het leidt tot een vertekend beeld van risico’s en bedreigingen. Zo komt het dat burgers en politici terrorisme hoog op de agenda plaatsen, terwijl de statistieken in de richting van andere prioriteiten wijzen. Pinker rekent voor dat in 2015 175 West-Europeanen het leven lieten door terroristische aanslagen. Het (dalende) aantal verkeersdoden in West-Europa bedroeg 19.000 voor dat jaar. Dodelijke ongevallen lijken erbij te horen en worden als weinig opzienbarend gezien. Terroristische aanslagen krijgen disproportionele aandacht. Dat is trouwens precies wat de beoefenaars van dat metier beogen.

Het is niet dat Pinker het belang van vraagstukken die te maken hebben met terrorisme, ecologische schade en nucleaire dreiging ontkent. Het zijn, zo zegt hij, al te reële problemen. Maar ze zijn oplosbaar. Niet met minder technologie, minder wetenschap en minder welvaartsgroei, maar juist met meer daarvan. De postmoderne nadruk op de ondergang van de wereld gaat zeker niet helpen, want het zet aan tot fatalisme en apathie.

Een paar jaar geleden mocht de Franse econoom Thomas Piketty in de Tweede Kamer komen vertellen over zijn onderzoek naar toenemende verschillen in rijkdom en hoe funest die volgens hem zijn. Qua intellectuele statuur zit Pinker een paar gewichtsklassen hoger. Wellicht aardig om hem ook eens uit te nodigen langs te komen op het Binnenhof. Daar zouden de Kamerleden een inspirerende middag aan kunnen beleven en het past bovendien uitstekend bij de voortrekkersrol die ons land speelde in de Verlichting. Pinker gaf aan zijn boek niet toevallig een motto van Spinoza mee.

Harald Merckelbach is hoogleraar rechtspsychologie aan de Universiteit Maastricht.