Einde aan sprookje voor Donar: nu bewijzen dat het niet eenmalig was

basketbal

Het Groningse Donar won de return in de Europese halve finale tegen het Italiaanse Reyer Venezia. Maar niet ruim genoeg.

Jason Dourisseau (Donar, wit) in duel met Austin Daye (Reyer Venezia) in het halvefinaleduel in de FIBA Europe Cup. Foto Marcel ter Bals/Orange Pictures

Aan de „blauwe muur en elektrische sfeer” die Donar-coach Erik Braal zo graag wilde zien, heeft het niet gelegen in het Martini-Plaza in Groningen. Geen teleurstelling voor de coach bij binnenkomst in de hal. 4.350 uitzinnige basketbalfans op de tribunes in Groningen donderdagavond.

Wel teleurstelling na de wedstrijd: Donar wint wel van de Italiaanse kampioen Reyer Venezia, maar met een te klein verschil: 83-80.

Basketbal leeft in Groningen, bewijst deze avond maar weer eens. De ruim 4.000 kaarten voor het duel waren binnen no-time uitverkocht. De ‘blauwe muur’ wordt gevormd: fans gehuld in blauwe sjaals, T-shirts, jurkjes of overhemden. Eenheid, het laatste hoopje blauw desnoods uit de kledingkast geplukt, alles om het team te steunen. De stad en de fans zijn klaar om Donar naar de overwinning – en een eerste Europese finale ooit – te schreeuwen.

Elf punten

Maar slechts een overwinning is niet genoeg om de finale te halen van de FIBA Europe Cup, een toernooi op het vierde niveau in Europa. Er moet met elf punten verschil worden gewonnen van de Italiaanse landskampioen Reyer Venezia, om de 82-72 uit de eerste wedstrijd in Venetië weg te poetsen. Geen onoverbrugbaar verschil, was de eerste reactie uit het Donarkamp, het publiek denkt er ook zo over. Het enthousiasme en fanatisme van de blauwe muur toont het geloof in en de hoop op een stunt. De aankondiging van de spelers vlak voor de wedstrijd zet MartiniPlaza nog maar eens op zijn kop.

Vanaf minuut één toont Donar, dit seizoen vooral geroemd om het collectief, de wil om het verschil te overbruggen. Aangespoord door een oorverdovend ‘Donar, Donar, Donar’ bij balbezit, en een even oorverdovend gefluit bij een score van de Italianen. Het geduld van de fans wordt getest als de schotklok het na vijf minuten begeeft, net nu. 22 minuten lang wacht het publiek af. Dat wachten wordt beloond, want na twee kwarten is de stand 44-41 in het voordeel van Donar.

In het vierde kwart is de gekte compleet als de Groningers met 70-60 en 73-63 voor komen – de tienpuntengrens geslecht. Op een ruimere afstand komen van de Italianen, die met de Amerikaan Austin Daye een speler in huis hebben die bijna 300 wedstrijden in de Amerikaanse NBA speelde, lukt niet. Met de 83-80 overwinning komt de ploeg van Erik Braal uiteindelijk acht punten tekort voor een plek in de finale.

Lees ook ons achtergrondstuk over het Nederlandse basketbal: Succes in Groningen, ook succes in de rest van het land?

Historisch

Het had een historische stap kunnen zijn, als ook de laatste horde op weg naar de finale was genomen. In 1979, bijna veertig jaar geleden, haalde voor de tot nog toe eerste en gelijk ook laatste keer een Nederlands team een finale van een Europees toernooi. EBBC Den Bosch verloor in het seizoen 1978-1979, met onder anderen Kees Akerboom sr. als speler en Ton Boot als coach, de finale van de Europa Cup II van het Italiaanse Squibb Cantù.

  De Europese toer van Donar is nu ten einde. Een succesvolle, de impact was voelbaar. Zo laat het goede optreden in Europa nu al op commercieel gebied zijn sporen na. „Onze commerciële man stond laatst te glunderen”, zegt coach Braal in de aanloop naar de wedstrijd. „Hij krijgt de sponsorverzoeken inmiddels gewoon op zijn telefoon binnen. Hij hoeft niet eens meer de deur uit. Zo werkt het dus: is er eenmaal succes, dan wordt dat een vliegwiel.”

Keerzijde

Maar de goede prestaties hebben ook hun keerzijde. Voor het Groningse team is het een mooi, maar zeker ook zwaar seizoen geweest. De afgelopen tijd speelde Donar bijna iedere twee of drie dagen een wedstrijd. In het hele seizoen zijn nu al 63 wedstrijden gespeeld, en dan moeten de play-offs om het landskampioenschap nog beginnen.

Trainingen werden overgeslagen om te zorgen dat de spelers fris aan het volgende duel konden beginnen. Én om te voorkomen dat het team in een „sleur” zou raken. „Dat hebben we bewust gedaan”, zegt coach Braal. „Je moet oppassen dat het geen werk wordt, zorgen dat de jongens fris in hun hoofd blijven. Het is belangrijk dat je tijdens al die wedstrijden de lol ervan in blijft zien, dat je het leuk blijft vinden.”

Vooral na het verloren thuisduel tegen Den Bosch, begin april, was de impact van het seizoen voelbaar. „We hadden weinig energie, ik zelf ook”, aldus Braal. „Ik was verkouden, had zo’n ‘wattenhoofd’. Een aantal van mijn spelers had dat ook. Dan ben je kwetsbaar.”

De oplossing voor die vermoeidheid bij het team zochten de Groningers dus vooral in het trainen. Braal: „We trainen gedoseerd, soms kort, maar dan wel heel scherp. Dat je even aanzet, om het goede gevoel te krijgen. Als coach geef je dan veel controle uit handen: eigenlijk zeg je, ‘ik denk dat we het kunnen’.”

Groei

Het succes smaakt ook duidelijk naar meer voor de Groningse club. Een groei in de begroting – die dit jaar ruim anderhalf miljoen euro bedroeg – moet er volgend seizoen voor zorgen dat de volgende stap gezet kan worden. Én dat de Groningse club geen Europese ééndagsvlieg blijkt.   De ambitie is er om ieder jaar serieus mee te gaan doen in Europa, zegt Martin de Vries, bestuurslid technische zaken bij Donar. „We moeten ieder jaar zo ver mogelijk willen komen.”

Met medewerking van Steven Verseput
    • Jelmer Kos