Foto: David van Dam

Een Eritrese kappersdans in Rotterdam

Kapsels Amanuiel Tewelde uit Eritrea heeft in Rotterdam een reputatie bij elkaar geknipt. David van Dam fotografeerde zijn (Eritrese) klanten.

Met een zwaai drapeert Amanuiel Issoek Tewelde (32) de kapperscape over de schouders van de jongen voor hem in de stoel. Ze overleggen even kort in het Tigrinya, de taal die in Eritrea wordt gesproken. Overleg gaat ook soms in het Nederlands. Het hangt van de klant af. Daarna zoekt hij muziek op – soms iets Eritrees, meestal popmuziek.

En dan begint de kappersdans.

Nederland Rotterdam 16022018 - Reportage bij de Eritrese kapper.
Foto: David van Dam
Nederland Rotterdam 08022018 - Reportage bij de Eritrese kapper.
Foto: David van Dam
Nederland Rotterdam 16022018 - Reportage bij de Eritrese kapper.
Foto: David van Dam

Geconcentreerd werkend draait Tewelde rond de kappersstoel. Hij begint met uitkammen. Bij langer haar duurt dat lang. De spetters babyolie uit de spuitbus vliegen tegen de spiegel. Af en toe praten kapper en klant, maar vaker werkt hij in stilte.

Als het uitkammen klaar is, pakt hij schaar of tondeuse. Bij de volumineuze coupes waarbij het haar als een suikerspin uitwaaiert, begint dan het knippen. Kammen, knippen, terugspringen, kammen, knippen, terugspringen.

Bij de kortere coupes wordt het precisiewerk op de huid. Kaarsrechte lijnen snijdt hij in het kapsel. Rondom het gezicht en in de nek. Soms dwars op het hoofd; strakke strepen op de schedel.

We zijn in de Rotterdamse wijk het Nieuwe Westen, in een apart gedeelte van een Eritrees centrum – een soort huiskamer. De klandizie bestaat uit Eritrese mannen en Marokkaanse en Turkse Nederlanders. Ook een Brit steekt zijn hoofd om de deur. „Hij snapt precies wat ik wil, en hij knipt strak”, zegt hij. De klanten komen uit de buurt en uit Spijkenisse, Rotterdam Alexanderpolder en Barendrecht.

Hij snapt je haar, zegt een Eritrese jongen. „Ik heb bijvoorbeeld veel harder haar dan hij.” Hij wijst op zijn vriend, die geduldig zit te wachten. „Voel maar.”

Nederland Rotterdam 08022018 - Reportage bij de Eritrese kapper.
Foto: David van Dam
Nederland Rotterdam 16022018 - Reportage bij de Eritrese kapper.
Foto: David van Dam
Nederland Rotterdam 16022018 - Reportage bij de Eritrese kapper.
Foto: David van Dam

Knippen leerde Tewelde in de gevangenis, waar hij op zijn zeventiende in terechtkwam, in de Eritrese hoofdstad Asmara, waar hij opgroeide. Dat had te maken met een uit de hand gelopen ruzie tussen twee jongerengroepen waarbij hele families betrokken raakten. In de gevangenis was er een tondeuse en een schaar. Zo is het knippen begonnen. Eenmaal uit de gevangenis wist hij: Dit wil ik.

Tewelde: „Ik vind het leuk om mooie dingen te maken. Als kind hield ik al van tekenen. Mooie kapsels werden mijn passie.”

Van boven naar beneden: Fitsum Sereke (44) Mulue Fishaye Filmon Tsehaye (42) De kapper Amanuiel Tewelde Foto: David van Dam

Zijn vader had niet het kappersvak voor hem in gedachten. Die zag hem meer als automonteur. Tewelde werkte sinds zijn dertiende ook al na school in een garage. Net uit de gevangenis klopte hij aan bij een kapperszaak. Mocht hij in de leer?

Hij werkte een half jaar als stagiair, voor 100 Eritrese nakfa (ongeveer 18 euro) per week. „Daarna was ik goed genoeg en ging ik gewoon verdienen als kapper.”

Het leukste vindt hij klanten tussen de 15 en de 30. „Onder de 15 beslissen de ouders. Die willen kort en netjes. Boven de 30 willen de klanten zelf kort en netjes. Eritrese jongemannen willen graag opvallen, die willen iets geks.” Dat Eritrese mannen graag opvallende, soms ‘grote’ kapsels hebben, komt door de oorlog met Ethiopië, die in 1991 eindigde, zegt Tewelde. „Toen kwamen de jongemannen van het front naar huis, waar ze als helden werden ontvangen. Hun haar hadden ze maanden, soms jaren niet geknipt. Het zag er zo uit.” Hij spreidt zijn armen naast zijn hoofd. Toen was dat in een klap mode. „Ethiopische jongens zie je niet met zulke kapsels.”

In 2011 vertrok Tewelde met zijn vrouw naar de hoofdstad van Ethiopië. Daar werd een jaar later hun zoontje geboren, dat inmiddels zes is. Tewelde reisde door naar Soedan, waar hij werkte als kapper. Hij voelde zich onveilig en waagde uiteindelijk de reis door de Sahara, stak met de boot over naar Italië en bereikte Nederland in april 2014. „Ik wist niets van het land, behalve dat iedereen hier fietst. Dat had ik op school geleerd en vond ik leuk.”

Tewelde kreeg een verblijfsvergunning en zijn vrouw en zoontje kwamen naar Nederland in september 2016. Hij heeft inmiddels een tweede kind, maar de relatie met zijn vrouw hield geen stand. Wel helpt hij met de zorg voor zijn kinderen.

Het liefst wil hij een eigen kapperszaak beginnen, vertelt hij terwijl hij de nek van zijn klant schoon borstelt en met een grote kwast zijn gezicht poedert tegen het glimmen. „Voor een eigen zaak moet ik eerst de kappersopleiding doen. Ik moet weer vanaf nul beginnen.” Even kijkt hij mijmerend naar de rij klanten die geduldig wachten op een knipbeurt. „Dat ga ik doen.” En met een zwaai trekt hij de kapperscape weg en houdt een spiegel omhoog.