Commentaar

Het genuanceerde begrip van Nederland is niet te begrijpen

Nederland is vorige week niet benaderd om mee te doen aan de vergeldingsacties onder leiding van de Verenigde Staten tegen Syrië. Dat is misschien maar beter ook. Want militaire operaties zijn gebaat bij korte heldere lijnen. Het semantische Haagse woordenspel waarmee de actie wordt beoordeeld – wel „begrip”, geen volledige steun – verhoudt zich hier moeilijk mee.

De 29 landen van de NAVO spraken zaterdag in een verklaring hun volledige steun uit voor de militaire reactie van de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk van de nacht ervoor. Ook Nederland dus. Maar Nederland liet als enige in een aparte verklaring die in het verslag van de vergadering is opgenomen, optekenen de voorkeur te geven aan de kwalificatie „begrip”. „Omwille van de NAVO-solidariteit” heeft Nederland zich toch achter de tekst van de verklaring opgesteld, waar gesproken wordt over volledige steun.

Het land van de Schrift heeft zich hiermee weer eens gemanifesteerd. Materieel stelt het allemaal niets voor, het land kan zichzelf echter met deze voetnoot in de spiegel blijven aankijken. Maar deze houding wringt wel, omdat elk barstje door tegenstanders kan worden uitgelegd als verdeeldheid van het bondgenootschap. En dat is het laatste wat in de huidige gespannen situatie gewenst is.

Ter verklaring voor de eigen positie beroept het kabinet zich op het debat naar aanleiding van de bevindingen van de commissie-Davids. Die presenteerde begin 2010 een uitvoerig rapport over de besluitvorming in Nederland over de politieke steun aan de door de Verenigde Staten geïnitieerde oorlog tegen Irak. Voor deze oorlog, waar het toenmalige kabinet-Balkenende zich achter schaarde ontbrak een volkenrechtelijk mandaat, concludeerde de commissie. Sindsdien is het volkenrechtelijk mandaat een nog centralere rol gaan spelen in de Nederlandse buitenlandse politiek.

Nauw hiermee verbonden is dat Nederland zich bij de oordeelsvorming over internationaal optreden wil laten leiden door eigenstandig verkregen informatie. Ook dit is terug te voeren op de commissie-Davids, die constateerde dat Nederlandse inlichtingendiensten in de aanloop naar de Irak-oorlog nauwelijks over zelfstandig ingewonnen informatie beschikten.

Het ontbreken van eigen informatie was vorige maand de reden voor Nederland zich in eerste instantie niet voor honderd procent te scharen achter de felle verklaring van het Verenigd Koninkrijk tegen Rusland in verband met de gifgasaanslag op de gewezen dubbelspion Skripal en zijn dochter in Salisbury. Maar ook deze kanttekening weerhield Nederland er niet van om later toch mee te doen aan de EU-sancties tegen Rusland. Net als in veel andere landen werden Russische diplomaten uitgewezen.

Op deze ruime manier de principes hanteren werkt mystificerend en verwarrend. Net zoals een beetje zwanger niet bestaat, bestaat een beetje steun ook niet. Het is voor of tegen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.