Recensie

Naomi van der Linden straalt in energiek ‘The Color Purple’

The Color Purple

Voor het eerst is Broadway- musical ‘The Color Purple’ in Nederland te zien. De enscenering is ingetogen, de vertaling lenig en de cast zit vol goede nieuwkomers.

Naomi van der Linden (Celie, links) met zusje Nettie (Carmen van Mulier) in scène uit ‘TheColor Purple’Foto Neeltje Knaap

Alles komt ten slotte goed, in The Color Purple. Maar eerst moet Celie wel door een onafzienbare hoop ellende heen. Op haar veertiende heeft ze van haar vader, die later haar stiefvader blijkt te zijn, al twee kinderen gekregen die meteen van haar werden afgepakt. Ze wordt uitgehuwelijkt aan een bruut, die haar misbruikt en mishandelt. Ze wordt ruw gescheiden van haar zus. En de zangeres die haar grote liefde wordt, is een flirt die haar niet trouw kan zijn.

Boek, film en Broadway

Alice Walker situeerde haar gelijknamige roman in het diepe zuiden van Amerika – in de eerste helft van de twintigste eeuw, toen veel zwarte ouderen de sporen van de slavernij nog aan den lijve konden voelen. En toen veel mannen hun vrouwen nog als hun eigendom beschouwden, die alles voor hen deden als ze op gezette tijden een stevig pak slaag kregen.

Het boek won in 1983 een Pulitzerprijs, maar vergaarde nog extra roem toen Steven Spielberg het twee jaar later verfilmde. Daarna werd de musicalbewerking een Broadway-succes.

Die musical wordt nu ook gespeeld in het Nederlands, in een ongebruikte NDSM-loods in Amsterdam-Noord waarin nu een theaterzaal voor circa 500 bezoekers is gebouwd. Zo’n ruig ogende locatie van industriële herkomst en een musical die evenmin een schoongepoetst schouwspel is: dat gaat goed samen.

Enscenering zonder clichés

The Color Purple heeft qua emoties en sentimenten alles in zich om te beantwoorden aan het clichébeeld van het musicalgenre. Het melodrama ligt voor het oprapen. Des te bewonderenswaardiger is het dat regisseur Koen van Dijk, die tevens de lenige vertaling schreef, zo te zien voor het tegendeel heeft gekozen. Zijn voorstelling houdt de misère in bedwang en schept tegelijk ruimte voor luchtigheid – een knipoog hier, een relativerende intonatie daar. Er doen zich zelfs enkele momenten voor waar het drama iets meer nadruk had mogen krijgen.

Wat ten opzichte van de film ontbreekt, zijn vanzelfsprekend de visuele vergezichten waarmee Spielberg zijn publiek trakteerde. Ook op dat punt wordt hier het tegendeel vertoond: een minimalistisch decor dat voornamelijk uit gestapelde kratten bestaat – als herinnering aan het harde werk op de plantages. Die constructie wordt door het lichtontwerp gedompeld in de geëigende geelbruine tinten die de hitte van het zuiden suggereren.

Magnifieke hoofdrol

The Color Purple brengt een ensemble van overwegend minder bekende spelers samen, die het verhaal met verrassend veel overtuigingskracht vertellen. De ster van deze groep is Naomi van der Linden, die in de rol van Celie een magnifieke gevoeligheid zonder onnodige opsmuk laat zien. Eerst als de veertienjarige die ook in haar wanhoop de wil van God ziet en aanvaardt.

En ten slotte als de vrouw van veertig die vindt dat ze er mag zijn, wat de anderen ook van haar zeggen: „Ik ben wel arm/ ik ben wel zwart/ misschien wel lelijk/ maar ik ben hier.” Haar groei naar die volwassenheid vormt het hart van deze voorstelling.

Smeuïge muziek

Naast haar is Edwin Jonker een macho-Mister met swingende superioriteit, terwijl Ana Milva Gomes als de wufte zangeres heel subtiel iets van tragiek laat doorschemeren. Jeannine la Rose maakt het sarcasme van een vrijgevochten vriendin des te komischer met een sappig Surinaamse tongval.

Deze musicalversie is voorzien van een smeuïg mozaïek aan songs met uiteenlopende klankkleuren. Een snufje gospel, een flintertje jazz, een beetje blues, een enkele ballad, een handvol Afrikaanse ritmiek – en alles gespeeld door een zeskoppige band die de energie van de show doeltreffend op gang houdt. Tot aan het happy end.

    • Henk van Gelder