EU scherpt regels aan voor oprichten pan-Europese partij

Het wordt moeilijker om een pan-Europese politieke partij op te richten. De aanscherping volgt op onthullingen over het ronselen van donateurs door stichtingen die aan de partijen zijn gelieerd.

De voormalige UKIP-leider Nigel Farage. Twee aan de eurosceptische Britse partij gelieerde stichtingen kregen in 2015 op dubieuze gronden 2 miljoen euro aan EU-subsidies. Foto Andy Rain / EPA

De EU scherpt regels aan voor de oprichting van Europese politieke partijen om misbruik van EU-subsidies voortaan te voorkomen. Het Europees Parlement stemde dinsdag in meerderheid in met de plannen.

De aanscherping volgt mede na onthullingen door NRC over pan-Europese politieke stichtingen, gelieerd aan de partijen, die op grote schaal donaties ronselden onder een fictieve achterban. Die hadden ze nodig om in aanmerking te komen voor EU-subsidies. De geronselde donateurs werden later beloond met opdrachten die werden betaald uit de verkregen subsidies.

Lees ook: Vooral Eurosceptische partijen blijken Europese gelden oneigenlijk te gebruiken

Zo slaagde de Europese denktank IDDE, waaraan de Britse UKIP-partij en de Nederlandse partij VNL verbonden waren, er in 2015 in om 730.000 euro aan EU-subsidie binnen te harken. Het Zweedse Health Consumer Powerhouse, dat de gezondheidszorg in EU-landen vergelijkt, ontving bijvoorbeeld 20.000 euro van IDDE. De Zweedse organisatie betaalde daarvoor zelf eerst 12.000 euro aan de denktank.

‘Moeilijk duiken als ze geld smijten’

„Wij werden gevraagd om deze donatie te doen. Dan zouden wij er later een groter bedrag voor terugkrijgen. Dit voordeel was voor ons de enige reden om te doneren. Als mensen geld naar je gooien is het moeilijk om te duiken”, zei voorzitter Arne Björnberg van de Zweedse organisatie daarover in november tegen NRC.

In 2016 werd er zo’n 25 miljoen euro uitgekeerd aan veertien Europese politieke partijen en zo’n 16 miljoen euro aan hun gelieerde stichtingen. De manier waarop de EU misbruik voortaan wil voorkomen maakt de toegang tot subsidies op het eerste gezicht alleen maar eenvoudiger. Waar de politieke partijen en stichtingen eerder 15 procent aan eigen middelen moesten inbrengen om voor subsidie in aanmerking te komen, gaat dat percentage nu naar 10 procent voor politieke partijen en 5 procent voor hun stichtingen. Hoe lager de ondergrens, redeneert de EU, hoe kleiner de kans dat die grens middels oneigenlijke praktijken behaald wordt.

Lees ook: Europarlement eist zes ton terug na misbruik EU-subsidies

Daar staat tegenover dat het moeilijker wordt om een pan-Europese politieke partij, en de daaraan gelieerde stichtingen, op te richten. Tot nu toe werd zo’n partij erkend als er politieke steun voor was vanuit minstens zeven EU-landen en van minstens één Europarlementariër. Ook een handtekening van een individuele politicus uit een regionaal parlement volstond. Zo waren er in het verleden nationale politici, vooral op de uiterst rechtse flank, die meerdere Europese politieke partijen steunden en daarmee mogelijk maakten dat deze partijen EU-subsidie ontvingen. Voortaan kunnen alleen nationale politieke partijen een pan-Europese partij oprichten.

    • Stéphane Alonso
    • Wilmer Heck