Rusland vecht terug op andere fronten

Informatieoorlog

Terwijl Trump Russisch afweergeschut in Syrië wilde beschieten, reageert Rusland met trollen en propaganda.

Russische militaire politie bij een wapenfabriek in Douma, waar de vermoedelijke aanval met chemische wapens heeft plaatsgevonden. Foto Hassan Ammar / AP

Volgens de Wall Street Journal wilde de Amerikaanse president Trump afgelopen zaterdag ook de Russische luchtafweer in Syrië bombarderen. Als dat was gebeurd, dan had de wereld nu waarschijnlijk op de rand van een kernoorlog gestaan.

Voor President Poetin is de Russische interventie in Syrië een belangrijk prestigeobject, een manier om te laten zien dat Rusland in staat is om een tegenwicht te bieden aan een ‘monopolaire wereld’ waarin alleen de VS de dienst uitmaken.

Maar Poetin is ook een realist. De Russische radars in Hmeymim en Tartus volgden de kruisraketten op hun weg naar het doel, maar de Russische batterijen zwegen. En terwijl de eerste meldingen over schade binnen begonnen te druppelen, schakelde het Kremlin over het ándere front waarop oorlogen worden gewonnen en verloren: propaganda.

In de eerste uren na de westerse aanvallen, zo meldden het Amerikaanse ministerie van Defensie, namen de activiteiten van Russische ‘internettrollen’ toe met „2.000 procent”. „De Russische desinformatie-campagne is al begonnen”, zo zei een Pentagon-woordvoerder.

Wat betreft dat percentage lijkt terughoudendheid op zijn plaats. Zo waren er kanttekeningen van het Digital Forensic Research Lab (DFRL), een project van de Atlantic Council, een denktank die de NAVO van harte ondersteunt. Analisten van de DFRL zagen geen abnormale activiteit rond de westerse aanval op Syrië.

Carolien Roelants volgde het nieuws over de aanvallen op Assads gifgascomplexen. Anders dan president Trump was zij niet onder de indruk. Lees ook: Westen juicht zichzelf toe na futiele aanval in Syrië

Dat laatste wil natuurlijk niet zeggen dat de trollen van dienst niet actief waren – dat waren ze. En ook de officiële vertegenwoordigers van het Kremlin stuurden hun boodschap de wereld in. Het Russische ministerie van Defensie gaf zaterdagmorgen vroeg al een persconferentie waarop de plaatsvervangend chef-defensiestaf Sergej Roedskoj stelde dat de Syrische strijdkrachten de westerse aanval „met succes had afgeslagen”. Van de 103 kruisraketten die volgens Roedskoj waren afgevuurd, zouden er 71 (bijna driekwart) zijn neergeschoten.

Het Russische tv-nieuws, dat onder controle staat van het Kremlin, berichtte over de aanval met een merkwaardige mix van morele verontwaardiging en triomfalisme: Trumps aanval was mislukt. De laboratoria in Damascus die werden verwoest waren niet in gebruik, zo meldde Moskou. Verwoest zijn de laboratoria trouwens wel, zo bleek uit luchtfoto’s die op internet circuleren.

Nog dezelfde zaterdag opende de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergej Lavrov een offensief op een ander front: de zaak Skripal, de voormalige Russische spion die nog altijd in een Brits ziekenhuis ligt, na te zijn vergiftigd met het Russische zenuwgif novitsjok. Volgens Lavrov had Moskou vertrouwelijke informatie gekregen van een Zwitsers onderzoekslaboratorium dat namens de OPCW, de verdragsorganisatie, onderzoek had gedaan naar de aanslag met zenuwgif.

Volgens Lavrov heeft het Zwitserse laboratorium in Spiez geen novitsjok, maar het westerse zenuwgas BZ vastgesteld. Nog hetzelfde weekend nam het Zwitserse lab afstand van die uitspraak. Volgens de Zwitsers is er geen reden om te twijfelen aan de conclusies van het Britse laboratorium Porton Down.

Intussen loopt Moskou achter op het sanctiefront. Het Amerikaanse Congres zou maandag mogelijk nieuwe sancties aannemen tegen Syrië. Het is onwaarschijnlijk dat Trump sancties aankondigt tegen Rusland. De Russische Doema neemt een nieuwe sanctiewet pas komende mei in stemming.

Correctie (16 april 2018): In een eerdere versie van dit artikel werd de achternaam van de chef-defensiestaf Sergej Roedskoj foutief geschreven als Roeskoj en Roeksjoj.