Opinie

    • Marjoleine de Vos

Hoe (on)schuldig ben je als ‘de vrouw van’?

Voor het huis met de ballonnen staat de oudere vrouw stil. Ze heeft een taartdoos bij zich, aan haar arm hangt een groot pak, duidelijk een cadeau. De deur vliegt open en een klein kereltje rent naar buiten: „Oma!” Achter hem aan komt zijn vader. Hij stuurt het ventje naar binnen en zegt tegen de vrouw dat ze weg moet gaan. „Je bent hier niet langer welkom, mama.” De vrouw draait zich om en loopt weg.

Even later zien we haar zitten in een wc, ze huilt hartverscheurend, bijna schreeuwend. Dan probeert ze haar ogen wat te normaliseren met koud water en neemt de metro naar haar stille flat.

De film heet Hannah en de vrouw wordt gespeeld door Charlotte Rampling, die in de hele film nauwelijks wat zegt, maar wier gevoelens je toch leert kennen, net als haar toenemende, verstikkende eenzaamheid.

Daar voor dat huis weet Hannah alleen nog maar van de beschuldiging. Wij als kijkers weten nog niet meer dan dat de buurvrouw voor haar deur riep: „Schaamt u zich niet? Mijn zoontje kan ’s nachts niet meer slapen.” We hebben ook gezien dat ze haar man wegbracht naar de gevangenis. We hebben hem horen zeggen dat hij naar een andere locatie gaat: „Hier kan ik niet overleven. Ze zeggen dat ik het gedaan heb.”

Ze gaat zwemmen, trekt haar baantjes, kinderen springen vlak voor haar in het water. Als ze het zwembad verlaat zegt het meisje achter de kassa bij wie ze haar abonnement ophaalt, dat dit abonnement niet langer geldig is. „Het spijt me.”

Dan zien we hoe ze in haar flat, achter een kast, de envelop vindt. Ze bekijkt de foto’s. We zien aan haar gezicht hoe ontzet ze is over wat ze ziet.

Aha. Dus dat is het. Hij heeft het inderdaad gedaan, haar man. Iets. Met de kleinzoon. En daarom wil de wereld haar niet meer, ze is nu eenmaal de vrouw van haar man. Bij de Zweedse Academie, die de Nobelprijzen uitreikt, is gestemd over het uitsluiten van een van de leden, te weten Katarina Frostenson (65). Niet omdat ze zelf iets verkeerds heeft gedaan: haar man heeft iets verkeerds gedaan. Hij wordt door achttien vrouwen beschuldigd van seksueel wangedrag.

Na de stemming, waarin Frostenson niet werd weggestemd, besloten drie leden van het Comité dat de Nobelprijs voor literatuur toekent op te stappen. Uit onvrede met de handelwijze van de Academie. Ze hadden gewild dat Frostenson wél was weggestuurd. Ze beschuldigen de Academie van een gebrek aan integriteit.

Hoeveel moet een vrouw van haar man zien, weten, verdragen, geloven? Hoeveel kán ze weten en verdragen? En wat heeft de wereld daar precies mee te maken? Als Frostensons man een ander soort misdaad had begaan, als hij iemand had doodgeschoten, zouden die drie dan ook over ‘integriteit’ hebben gesproken en gewild hebben dat zijn vrouw werd geschorst? Of zouden ze zo’n veroordeling in dat geval wreed vinden? Moord is niet zo besmettelijk.

Hoewel, de vrouw van Ferdi E., de moordenaar van Gerrit Jan Heijn, kon volgens velen maar beter haar mond houden. Geen boek schrijven in ieder geval over háár kant van de zaak. Dat vond ik destijds ook.

Nu denk ik aan Hannah, een oude vrouw in dodelijke stilte, die zich alleen uitspreekt via een toneeltekst: „Je ne peux plus être ta femme.” Maar er is al niets meer aan te doen, ze is nu eenmaal al die jaren zijn vrouw geweest.

Katerina Frostenson is zelf maar opgestapt.

Marjoleine de Vos is redacteur van NRC.
    • Marjoleine de Vos