Verder kunnen kijken dan de Goldrace

Wielrennen De Australiër Michael Matthews verloor de Goldrace door een lekke band. Bij zijn ploeg Sunweb is de uitslag bijzaak.

Het peloton vindt in de Amstel Gold Race zijn weg door het Limburgse landschap. Foto Marcel van Hoorn/Epa

Bij de deur van de ploegbus omhelst teambaas Iwan Spekenbrink zijn kopman Michael Matthews. Hand in de nek, diepe teleurstelling. Ja, „absolutely sure” dat hij in de voorste groep met favorieten had gezeten toen de latere winnaar Michael Valgren op twee kilometer voor de eindstreep aanviel, vertelt de flamboyante Australiër even later. „Mijn benen waren zo goed. Ik had eindelijk mijn sprint terug, kon eindelijk weer voluit bergop. Tot die lekke band.”

Eindelijk leek Sunweb zondag af te rekenen met de pech die het Nederlands-Duitse team dit seizoen achtervolgt. Valpartijen en ziekte, onder anderen voor de kopmannen Tom Dumoulin en Wilco Kelderman. Klassiekertroef Matthews, vorig jaar winnaar van twee Tourritten en de groene trui, die zijn schouder brak in de Omloop Het Nieuwsblad. Maar die in de 53ste editie van de Amstel Goldrace onweerstaanbaar terug leek. Tot dat ene cruciale moment, een ‘afloper’ vlak voor de Cauberg op twintig kilometer van de finish. Kansloos, 24ste plaats. Weer pech, koers mislukt? Ploegbaas Spekenbrink kijkt verder. „Als ik alleen naar de uitslag van de Goldrace kijk, wat moet ik dan maandag doen?”

Eigen Campus in Limburg

Al voor ‘Limburgs Mooiste’ had Spekenbrink zijn grootste winst binnen. Vrijdag kondigde hij vol trots aan dat zijn ploeg volgend seizoen in Sittard een campus opent, waar de renners uit de vrouwen- en opleidingploeg en alle begeleiders op één centrale plaats gaan wonen en trainen. De profs volgen wellicht later. „Ik wil geen revolutie maar evolutie.”

Mede dankzij de provincie en de gemeente verrijzen 28 appartementen, naar het motto van de ploeg ‘Keep Challenging Centre’ geheten. „Je moet een slim plan hebben om duurzaam beter te zijn dan de concurrentie. Anders houdt het succes een keer op.”

Bij de start van de enige Nederlandse voorjaarsklassieker, op een zonovergoten Markt in Maastricht, is het bij de teambus niet overdreven druk. Routinier Laurens ten Dam zet een handtekening. Matthews is al herkenbaar als hij met zijn gespierde kuiten de bus uitstapt. Eenmaal buiten plakt hij op de buis van zijn fiets nog even een sticker met de voornaamste bottlenecks in de koers. „Hij is een van de favorieten”, stelt ploegleider Arthur van Dongen over de Australiër, die jaren in Limburg woonde. „De andere renners moeten zorgen dat hij tot de finale zo weinig mogelijk energie verspeelt.”

Wielersport als energiemanagement, het past naadloos in de filosofie van de Nederlandse ploeg met Duitse licentie. Niet alleen de winnaar wint, maar de hele ploeg – renners en begeleiders. De ploeg perfectioneerde een sprinttrein rond de Duitse topper Marcel Kittel, schitterde in klassiekers met John Degenkolb. De kopmannen profiteerden met lucratieve contracten elders. Sunweb werd meer rondeploeg, met de Girowinst van Dumoulin vorig jaar als klinkend resultaat. „Voor het publiek is die ene man op het podium de winnaar”, zegt Spekenbrink. „Tegen die symboliek kunnen wij niet op. Je wint als ploeg, maar de credits gaan naar één renner. Hoe onterecht dat ook is.”

Cultuuromslag

Op de campus wil Spekenbrink het team hechter maken. „Er is een cultuuromslag nodig. Nu komen renners alleen bij elkaar op trainingskamp en voor wedstrijden, als de spanning het hoogst is. Hier kunnen we juist in alle rust stappen zetten in de ontwikkeling van renners en begeleiding. Hoe goed de intenties in de ploeg ook zijn, tactisch zijn er veel verbeterpunten.”

Al na een half uur ontstaat in de Goldrace een kopgroep, met de afscheid nemende Bram Tankink (Lotto-Jumbo) als animator. Daarachter werken vooral Bora (Peter Sagan) en Movistar (Alejandro Valverde). Sunweb fêteert intussen achter de finish 200 gasten in brasserie ‘Van alles get’, de parkeerplaats is exclusief voor hun. Ze zien Lucinda Brand achter wereldkampioen Chantal Blaak als tweede eindigen bij de vrouwen. Bij de mannen wordt kopman Matthews keurig ‘afgezet’ voor de finale. Geen druppel energie gemorst. „Mijn beste race van het jaar.”

Hij is nooit weg uit de eerste tien. Eyserbos, Fromberg, Keutenberg. Dan ineens woeste handgebaren naar de neutrale motor met reservemateriaal. „Ik wilde een nieuw wiel maar die mannen begrepen me niet”, vertelt Matthews na afloop. „Onbegrijpelijk, daar zijn ze toch voor?” Trage wissel ook. „Het was toch om zeep.” Maar bij Sunweb kijken ze verder. „Dan maar volgende week in Luik.”