Bij de begrafenis van Winnie Mandela gaat de politieke strijd door

Zuid Afrika „Degenen die je verraden hebben huilen het hardst”, zei de links-populistische Julius Malema op de begrafenis van Winnie Mandela. President Cyril Ramaphosa riep juist op tot verzoening.

Foto Wikus de Wet/AFP

Het Orlando Stadion in Soweto – 40.000 zitplaatsen- zit zaterdagochtend in alle windrichtingen tot aan de nok vol als de links-populistische leider Julius Malema het podium beklimt. Voor hem staat de doodskist met het lichaam van Nomzamo Winifred Madikizela-Mandela, bekleed met de regenbloogvlag van Zuid-Afrika. „Mama”, zegt Malema, zijn ogen op de kist gericht. „Degenen die je verraden hebben aan het apartheidsregime zijn hier. En weet je wat zo grappig is, mama, zij zijn degenen die het hardst om je huilen. Nog meer dan wij, die echt om je gaven.” Het stadion ontploft.

Winnie Madikizela-Mandela wordt begraven zoals ze leefde: temidden van oproer en politieke strijd. Zo moest het zijn. Het stadion zelf spiegelt de strijd om haar politieke erfenis. De helft van de aanwezigen in het stadion gaat gekleed in geel-zwart-groen. Dat zijn de kleuren van het ANC, de partij die zij weliswaar haar leven lang trouw was, maar die haar na de apartheid ter zijde schoof als te radicaal, te controversieel. De andere helft gaat in de kleuren van Malema’s afgesplitste partij, het rood van de Economische Vrijheidsstrijders, radicaal links.

„Mama Nomzamo”, vervolgt Malema. „Al die lui die ontslag namen van de ANC Vrouwenliga omdat ze zeiden dat ze niet geleid konden worden door een crimineel, zij zijn hier. Sommigen van hen spelen een prominente rol in de organisatie van je begrafenis, een begrafenis van iemand die ze een crimineel noemden, een begrafenis van iemand die ze wilden vernederen.”

Loyaliteit

De begrafenis draait om loyaliteit, zoals de strijd tegen de apartheid. De moord op het 14-jarige jongetje Stompie Seipei hangt als een donkere wolk boven het stadion. Seipei werd vermoord door Jerry Richardson, de coach van de Mandela United Footballclub en een spion van het apartheidsregime, dat een propaganda-oorlog voerde om Winnie uit te schakelen. Maar de aanklager die Winnie van de moord beschuldigde gaf pas na haar dood toe dat hij wist van haar onschuld.

Winnie’s dochter Zenani Mandela-Dlamini spreekt stevige woorden over die smeercampagne en over de kameraden in de strijd die niets deden om Winnie’s naam te zuiveren. „Als je de geschiedenis over de bevrijdingsstrijd leest zou je zomaar geloven dat de strijd tegen apartheid een strijd van mannen was, en een overwinning van mannen. Niets is minder waar. Mijn moeder is een van de velen die zich verzette tegen dat patriarchaat.”

Er klinkt ‘boegeroep’ als de naam van de juist afgetreden president Jacob Zuma wordt omgeroepen, hoewel niet zo hard als tijdens de begrafenis van Nelson Mandela. De begrafenis verbindt ook. De kersverse president Cyril Ramaphosa verontschuldigt zich voor het feit dat Winnie’s eerherstel pas na haar dood komt. En hij doet een handreiking naar Julius Malema. „Kameraad Malema, de wonden waarover je spreekt zijn echt, maar vandaag gaat het om het helen van die wonden.” Hij stelt voor om samen met Malema de platinamijnen in Marikana te bezoeken, de plek waar 33 mijnwerkers werden vermoord na een staking tegen een bedrijf waar Ramaphosa de leiding had. „Vlak voor haar dood spraken we over haar diepe wens om eenheid binnen de beweging die ze lief had.” De krant Sunday Times weet een dag later zeker: de EFF en het ANC, die op haar begrafenis zo vijandelijk lijken, komen spoedig weer samen. Het was Winnie’s laatste wens.

    • Bram Vermeulen