Opinie

Vrijhandel

De wereldhandel is gebaat bij overleg, niet bij oorlog

Een lichtpuntje in de groeiende duisternis van de internationale handelsbetrekkingen? De Verenigde Staten gaan onderzoeken of zij zich niet alsnog kunnen aansluiten bij het Trans Pacific Partnership (TPP). Dit handelsakkoord tussen landen rond de Stille Oceaan werd vorige maand getekend, zonder de VS. Die hadden onder president Obama TPP juist op de rails gezet om een lokaal tegenwicht te vormen tegen de groeiende macht van China. De regering-Trump maakte daar, vrijwel meteen na zijn aantreden, een einde aan. Zoals deze ook de besprekingen over het al zieltogende TTIP-verdrag met de Europese Unie verbrak, en aanstuurde op een verandering in het NAFTA-verdrag met Amerika naaste buren.

Toch is de Amerikaanse heroverweging van toetreding tot TPP niet zo gunstig als hij lijkt. Allereerst zegt Trump veranderingen te eisen in het verdrag. Dat zal uitermate lastig zijn, zo niet zo lastig dat het eigenlijk onmogelijk is. Een overeenkomst als deze is moeilijk open te breken. Ten tweede kan de Amerikaanse stap net zo goed worden gezien als een escalatie in een broeiende handelsoorlog met China. Na dreigende tarieven op staal en aluminium is die strijd is inmiddels geëscaleerd tot een lijst van mogelijke Amerikaanse heffingen op 1.300 Chinese artikelen met een jaarlijkse waarde van 50 miljard dollar, specifiek gericht op China. Dat land slaat terug met een gelijk bedrag, waarop Trump er uit de losse pols nog eens 100 miljard bovenop heeft gedaan.

Deze maatregelen gaan nog niet in. Wat betreft staal hebben veel landen, waaronder die van de EU, een tijdelijke ontheffing verkregen. Maar de dreiging is duidelijk. Niet voor niets waarschuwde directeur Lagarde van het Internationaal Monetair Fonds deze week voor de mogelijke gevolgen voor de wereldeconomie van een volle handelsoorlog tussen de VS en China. De wereldhandelsorganisatie WTO, waar de VS zich onder Trump van af dreigen te keren, liet weten dat de eerste aarzelingen al zichtbaar zijn in het internationale handelsverkeer.

Het onbehouwen en onvoorspelbare gedrag van de Amerikaanse president in dit dossier is niet geheel zonder fundament. China, waar premier Rutte deze week nog met een grote Nederlandse handelsdelegatie arriveerde, verschuilt zich te veel achter de status van opkomend land die het in wezen allang voorbij is. Van openheid is nog steeds te weinig sprake, en dat geldt ook voor wederkerigheid. Intellectueel eigendom is nog vaak niet veilig in China. Waar het land weinig aan kan doen is dat het, simpelweg door toe te treden tot de internationale markt, een schok heeft veroorzaakt waar het Westen nog steeds van nabeeft.

De voordelen van globalisering zijn overweldigend geweest, en ze zijn dat nog steeds. Maar de nadelen, met name voor de arbeidsmarkt in het Westen, zijn onderschat. De oplossing voor deze problemen ligt niet in dreigementen, tarieven of handelsbeperkingen. De wereldhandel is sinds de Tweede Wereldoorlog vrijgemaakt op grond van een op regels gebaseerd systeem. Overleg, vreedzame conflictbemiddeling en arbitrage zijn daar de instrumenten voor, in een samenspel waar idealiter de voorkeursbehandeling voor één staat geldt voor alle staten.

Dat lijkt, in de steeds sterker fragmenterende wereld, steeds meer een utopie. Als handel een vorm van rivaliteit wordt, wanneer er over handel alleen nog wordt nagedacht in termen van winnaars en verliezers, dan komt de wereldwijde welvaart op het spel te staan.

De mondiale economie is een verfijnd netwerk van handels- en productieketens dat uiteindelijk iedereen ten goede komt. Maar als handel slechts een politiek instrument wordt in een titanenstrijd tussen de opkomende en de heersende wereldmacht, is iedereen straks slechter af.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.