Het Stadionplein heet niet voor niets zo – enige zorgvuldigheid graag

In Amsterdam is het college van B&W als enige bevoegd namen toe te kennen, op advies van het door het college ingestelde adviesorgaan de Commissie Naamgeving Openbare Ruimten (CNOR). Daarbij zijn criteria opgesteld, zoals: „Naamgeving van openbare ruimten vindt bij voorkeur plaats op basis van samenhangende naamcategorieën. [...] Bij toekenning van nieuwe namen in een bestaande wijk moeten deze zo veel mogelijk passen bij de omliggende naamgeving.”

Het Stadionplein maakt deel uit van een grand ensemble binnen Berlages Plan Zuid. Het stedenbouwkundig plan omvat de lange as van het Van Tuyll van Serooskerkenplein (vernoemd naar degene die de Spelen naar Amsterdam heeft gehaald en actief in de vluchtelingenopvang tijdens WO I), via de Van Tuyll van Serooskerkenweg naar het Olympisch Stadion. Het eerstgenoemde plein is vormgegeven als een stadion, met eretribune en de majestueuze entree met de beeldengroep van polospelers van Anton Raedecker. Nota bene, de polospelers kijken naar binnen, dus de route is vanaf de woonwijk naar het echte stadion.

De as wordt beëindigd door het beeld De Olympische groet van de

kunstenares Gra Rueb, op dezelfde wijze georiënteerd als de polospelers, dit beeld werd opgericht ter ere van Van Tuyll.

Deze Olympische hoofdas in samenhangende naamgeving doorbreken door de vernoeming naar een professionele voetballer doet geen recht aan het historische feit dat Amsterdam op deze locatie de Olympische Spelen van 1928 organiseerde, de eerste en waarschijnlijk ook laatste keer in Nederland. Het Olympisch stadion is voor die gelegenheid gebouwd, voor de amateursport, niet voor een voetbalclub.

Die samenhang in straatnamen is ook bedacht om verwarring te voorkomen. De Haarlemmerpoort is op de weg naar Haarlem, de Muiderpoort op de route naar Muiden enzovoorts. Dus het Johan Cruijffplein is bij de Johan Cruijff Arena. Dat is logisch.

En dan is er nog het volgende criterium van de CNOR: „Bestaande namen worden niet gewijzigd, tenzij er zwaarwegende redenen blijken te zijn die bij de oorspronkelijke naamtoekenning niet bekend waren.”

Dat criterium is er voor de gebleken oorlogsmisdadigers, Stalin of Zuid-Afrikaanse onderdrukkers, niet voor een neutraal Olympisch Stadion. Overigens wordt naamswijziging ook terughoudend voorgestaan vanwege adreslijsten, briefpapier en dergelijke van de aanwonenden.

Bijna iedereen in Amsterdam juicht een vernoeming naar Cruijff toe, maar niemand – zeker de familie niet – is erbij gebaat als een eervolle vernoeming ten koste gaat van andere waarden, cultureel stedenbouwkundig en sportief erfgoed. De Amsterdam ArenA ligt nu nog aan de ArenA Boulevard. Ook dat is logisch.

De huidige ongelukkige naamgeving (arena is het Latijnse woord voor zand) is wel aan herijking toe en dat doet niemand pijn. Nu de kogel door de kerk is en de Arena inderdaad vernoemd zal worden naar Cruijff, ligt niets meer voor de hand ook de ArenA Boulevard om te dopen. Het valt te betreuren dat niet enig geduld kon worden betracht, alsof Cruijff binnen de kortste keren vergeten zou zijn. Zorgvuldigheid in dezen is belangrijker dan een overhaaste beslissing.

De CNOR: „Omdat naamgeving voor (zeer) lange termijn geldt, moet worden gewaakt voor modieuze naamgeving en moet terughoudendheid worden betracht bij

naamgeving op grond van actualiteiten.”

Architectuurhistoricus, Amsterdam
    • Erik Mattie