Waar in huis hang je je CO- melder?

Wekelijks zoekt de redactie wetenschap het antwoord op een veelgestelde vraag. Deze week: Door huisisolatie en HR-ketels loert in de huizen nog altijd het gevaar van koolmonoxide. Maar waar moet je die melder plaatsen?

De moderne energiezuinigheid heeft de kans op koolmonoxidevergiftiging vergroot. Eind jaren zeventig ging Nederland op de ‘kierenjacht’ omdat het ministerie van EZ energie wilde besparen. Luchtroosters en ventilatiegaten werden dichtgestopt. Al gauw volgden de spouwmuurisolatie en het dubbelglas. Ten slotte arriveerden de hr-cv-ketels, de verwarmingsketels met een hoog rendement.

Dit was een zuinige maar geen veilige combinatie. De hr-ketels werken door hun aard, een kritische luchtaanvoer en afwezigheid van natuurlijke ‘trek’, vaak op de rand van zuurstoftekort en dus van koolmonoxide-productie. Ze gaan soms over die rand heen en als er dan ook nog gaslekken zijn naar woonruimtes kan daar koolmonoxide binnen stromen.

Koolmonoxide is een kleurloos, reukloos en uiterst giftig gas. Het passeert makkelijk de longen en bindt zich in het bloed aan het hemoglobine dat dan geen zuurstof meer kan transporteren. Hersenen en hart kunnen snel zuurstofgebrek krijgen. De eerste symptomen zijn hoofdpijn, misselijkheid en overgeven, maar die worden niet snel met een gasvergiftiging in verband gebracht – al helemaal niet door mensen die in hun slaap door koolmonoxide worden getroffen. Jaarlijks sterven in Nederland 5 tot 10 mensen aan koolmonoxidevergiftiging.

Nu de kieren en ventilatieroosters zijn afgesloten zijn de risico’s extra groot. Vroeger zag je aan het beslaan van het enkelglas dat er onvoldoende werd geventileerd, maar dat is ook voorbij. Het is een groot geluk dat de levensgevaarlijke afvoerloze keukengeisers zijn verdwenen maar hun rol is ten dele overgenomen door slecht afgestelde cv-ketels. Het nieuwe gevaar is uitputtend geanalyseerd in een alarmerend rapport over koolmonoxide dat de Onderzoeksraad voor Veiligheid in november 2015 uitbracht. Vooral industrie en installateurs schieten tekort, noteert de OVV.

Gasmassa

Het is raadzaam koolmonoxidemelders te plaatsen, zeggen OVV en Brandweer Nederland, de melders kosten maar een paar tientjes. De meeste functioneren heel behoorlijk, stelde de Consumentenbond in oktober 2016 vast. Betrouwbare melders werken volgens een ‘elektrochemisch principe’, vergelijkbaar met dat van brandstofcellen. Ze gebruiken een batterij en laten het weten als de batterij opraakt.

Maar wáár moeten de melders hangen, dat is de vraag. Velen schijnen te denken dat koolmonoxide een zwaar gas is, maar dat is het niet. Het molecuul koolmonoxide (CO) is even zwaar als een molecuul stikstof en zelfs wat minder zwaar dan zuurstof. Eerder zou je koolmonoxide dus een licht gas kunnen noemen. In de praktijk mengt het zich tamelijk snel met de lucht zoals het wèl zware gas kooldioxide (CO2) immers ook doet.

Maar als het CO is opgenomen in een warme gasmassa, zoals de afvalgassen van een cv-ketel, dan zal het zich toch in eerste instantie hoog in kamers en andere vertrekken verzamelen. Vandaar wordt het door luchtstromingen meegevoerd het huis in, gaandeweg afkoelend en mengend met de lucht. De meest waarschijnlijke gang van het gas door de woning is niet makkelijk te voorspellen, dat was een beetje het probleem bij het opstellen van het ‘plaatsingsadvies’ door de brandweer. Van de weeromstuit adviseert men nu meerdere melders te plaatsen: één hoog in de buurt van de cv-ketel en andere ‘op ademhoogte’ op plaatsen waar mensen slapen of in slaap kunnen vallen. En natuurlijk niet op plaatsen waar frisse lucht wordt binnengelaten.